Vrijdag 10 april 2020.
Geachte heer Slob, beste Arie (ik heb u in Utrecht ontmoet bij het schoolleidersregister),
Geachte heer Slob, beste Arie (ik heb u in Utrecht ontmoet bij het schoolleidersregister),
Cc. Ministerie van OCW
Het is Goede Vrijdag. Twee (of toch drie?) dagen voor Pasen. Tijd voor bezinning. Tijd om stil te zijn en even stil te staan bij waar ons leven echt om draait. Moeten wij niet meer de rust zoeken in onszelf en door laten stralen in de hele maatschappij? Meer aandacht voor elkaar, omzien naar elkaar, zorg voor elkaar en ons wat minder materialistisch opstellen?
Eerder heb ik u een e-mail gestuurd inzake een beslissing tot het in ieder geval dicht houden van de scholen tot de meivakantie. Ik ben blij te zien, dat aan deze oproep gehoor is gegeven. Het is geen makkelijke tijd om beslissingen te nemen op basis van te weinig kennis.
De volgende stap is het wel of niet of wellicht deels open doen van de scholen ná de meivakantie. Ook hier kleven veel voor- en nadelen aan en ook hier hebben we te weinig kennis voor een gedegen besluit. Graag wil ik u het volgende onder uw aandacht brengen alvorens hier een besluit over te nemen. Daarnaast wil ik u een voorstel doen in deze brief dat u of een van de leden van de Tweede Kamer, deze wil meenemen en als motie indienen. Het is het overwegen waard.
Een aantal zaken die ik u ter overweging en grondige overdenking wil meegeven zijn de volgende zaken:
- Onderzoek van RIVM van slechts 100 gezinnen waar Corona is geconstateerd is niet een goede afspiegeling: het kleine aantal en geen random selectie van het totaal aantal kinderen in Nederland die onderwijs genieten. Bovendien kunnen we geen verschil maken in dicht- en dunbevolkte gebieden, leeftijdscategorieën, provincie, gender, afkomst, etc. Wat allemaal meerwaarde heeft bij goed gedegen onderzoek. Kortom de onderzoeksperiode is te kort.
- Als scholen open gaan in de 1,5meter afstandsmaatschappij, houdt u dan ook rekening met het feit dat leerlingen met een afstand van 3 meter in hun lokaal moeten zitten, omdat de leerkracht hier individuele afstandshulp en begeleiding moet kunnen geven, leerlingen naar het toilet moeten, een punt moeten slijpen, een schrift moeten pakken, iets weg moeten gooien, ... noem maar op. Gaat de leerkracht dan in een lokaal van 50-56 m2 vier keer dezelfde lessen geven? Hoe ziet u dat voor zich? Ook al zouden kinderen minder snel besmet raken, leerkrachten (waaronder een aantal kwetsbaren) wil ik als schoolleider niet blootstellen aan dit risico.
- Buiten spelen voor leerlingen en de pleinwacht is ook echt een uitdaging. Gaan leerkrachten (veelal vrouwen) met hoepelrok naar school? Hoe bewaren we de cultuur van 1,5 meter afstand? Kinderen knuffelen graag. Thuis gebeurt dit hopelijk wel. Op school kunnen we niets voor kinderen betekenen in dat opzicht. Gaat het lukken? Of is het gevoel groter dan het verstand?
- Ouders kunnen we buiten de school houden, maar veel ouders zijn bang en zullen hun kind(eren) uit angst en bezorgdheid thuishouden. De erkende ongelijkheid tussen leerlingen wordt groter, een serieuze uitdaging om onderwijs te geven. Zou er een deel thuis en een deel in de klas aangeboden kunnen worden? Iedere dag 5-7 leerlingen naar school, afwisselend over de vijf dagen?
- Kwetsbare leerkrachten kan ik niet inzetten. Angstige leerkrachten melden zich ziek. In tijd van lerarentekort heb ik te weinig mogelijkheden van vervanging. Hoe gaan we dit oplossen? Verdelen van een groep kan niet vanwege de 1,5 m afstand, dan zijn er toch weer te veel leerlingen in een lokaal. Kan ik deze dan alsnog naar huis sturen?
- Kwetsbare leerlingen zijn er nu en ook als de school wel open is. WIj zorgen nu voor een deel dat ze opgevangen worden en onderwijs krijgen. Het is een druppel op een gloeiende plaat. Het is moeilijk om de vinger erachter te krijgen. Het is een illusie dat dit straks is opgelost als de scholen wel open zijn. Kwetsbare leerlingen mogen nu al naar school komen, ook al is er geen aanwijsbaar vitaal beroep van ouders.
- De periode als leerlingen en leerkrachten weer naar schoolgaan is een nieuwe periode van ontmoeting, aftasting, herkenning, erkenning, zoektocht hoe de pet staat bij de ander, kortom een nieuwe fase van forming, storming en norming breekt aan. Leerstof staat op de tweede plaats, want we willen eerst weten wat leerlingen doormaken, hoe de vlag staat, wat ze hebben ervaren en hoe ze zich voelen. Wellicht is er expertise nodig in scholen om dat goed te begeleiden. Met alleen de gedragsspecialist kom je er niet. Er zullen leerlingen zijn die een sociaal emotionele achterstand hebben opgelopen.
- De leerstof zal een nieuwe nulmeting moeten krijgen, er zal geobserveerd, bevraagd en zelfs getoetst moeten worden. Dit gaat tijd kosten en er zullen leerlingen achter zijn gebleven in hun ontwikkeling op pedagogisch en didactisch vlak. Hier zal een grondige analyse moeten plaatsvinden en een gedegen actieplan. Kan leerkracht en intern begeleider dit allemaal opvangen?
- Er is een cruciale fase van het geven van instructie (zeker de expliciete directe instructie van Marcel Schmeier waarin het stellen van doelen, de interactie en betrokkenheid van leerlingen én het vervolgens evalueren van het doel om verder te kunnen in de volgende les) verloren gegaan. Onderwijs op afstand met instructie van de leerkracht haalt het niet bij een fysieke leerkracht in de klas, die ziet aan een leerling hoe deze zich voelt, wat het wel en niet snapt op dat moment. Directe feedback is het meest effectieve. Dat is in deze periode gemist.
Hierbij wil ik het volgende voorstel indienen in de hoop dat u deze als motie meeneemt naar de Tweede Kamer. Het is er een met een grote impact, maar ook een met ‘op de plaats rust’, zonder op onze lauwerende rusten. Een periode die we niet als verloren moeten beschouwen, maar die we ook niet kunnen negeren. Het is periode die we een plek willen geven, om straks verder te kunnen waar we waren gebleven. Zonder al te veel stress, met maatwerk en met een duidelijk plan voor ogen.
Voorstel:
Deze periode van 16 maart tot de zomervakantie te beschouwen als oefen- onderhouds- en rustperiode om na de zomer (of als het lukt met een meting voor de zomervakantie) een start te maken in dezelfde klas en het leerjaar af te maken t/m december, waarbij de afsluiting van het jaar in Sinterklaas- en Kerstsfeer kan worden afgerond.
Vervolgens start een nieuw leerjaar in januari en blijven we dit jaarlijks doen. De start en het eind van een schooljaar is dan hetzelfde en zelfs de zomervakantie kan meer verschillen in data en zo de vakantie meer te spreiden.
Kleuters die jarig zijn van 1 januari - 31 december zitten en blijven bij elkaar in een leerjaar, uitzonderingen daargelaten.
De overgang vindt plaats in december, het rapportgesprek cq overgangsgesprek eind november.
De stress van nu verminderen en mensen en kinderen ruimte en lucht te geven. Doorgaan met onderwijs op afstand zo goed en zo kwaad als het gaat. Met een meting die nog voor de zomer kan plaatsvinden, desnoods via een online toetsing of in ploegen op school.
Plan maken voor periode voor en na de zomervakantie om de draad voor elke leerling zo goed mogelijk op te pakken. Een sociaal emotioneel plan en een pedagogisch-didactisch plan.
Thuiszitters kunnen verder met online onderwijs op afstand en komen maandelijks naar school waar ze zijn ingeschreven.
Leerlingen van groep 8 kunnen naar het middelbaar onderwijs, zij starten direct, als laatste lichting die in september start. Groep 7 van nu start over anderhalf jaar met de eerste brugklas in januari 2022, dus 4 maanden later. De periode (sep-dec 2021) kan door VO gebruikt worden voor projectvorming, hervormingen, veranderingen waar nodig om te zorgen dat er ook daar een goed plan wordt neergezet. De overige VO klassen gaan ook van Jan-dec werken, behalve de examenklassen. Er is een lichting leerlingen (de nieuwe brugklas) die wel in september start.
Het leerlingvolgsysteem (Cito of andere landelijke toetsen) kunnen nu in juni gebruikt worden voor een meting en worden herhaald na de herfstvakantie, in november.
Deze schakeling zorgt ervoor dat we iedereen rust gunnen, een pas op de plaats, maar intussen door kunnen met het geven van goed onderwijs. Een deel van de leerlingen zal deze periode kunnen overbruggen en bijspijkeren, maar een groot deel naar alle waarschijnlijkheid niet, met alle gevolgen van dien.
Ik hoop dat u goed nadenkt over uw te nemen besluit en ik hoop ook dat u (zeker) drie keer nadenkt (voor de haan kraait) over het naar school laten gaan van leerlingen. Bij twijfel NIET doen. Het wordt een testcase, die we niet willen.
Ik heb deze e-mail geschreven vanuit mijn eigen ervaring van een basisschool in Zuid Holland. Middelbare scholen, MBO’s en HBO’s zijn vele malen massaler en kennen weer andere uitdagingen.
Nogmaals, we willen het liefst dat alles weer normaal wordt en de scholen open gaan. Dit kan alleen als de situatie veilig is voor leerlingen, ouders, onderwijzend personeel en al het andere personeel die zich in de scholen bevinden. Maar bij twijfel niet inhalen, doe een pas op de plaats.
Ik wens u een rustige gezegende Pasen toe en vertrouw op een weloverwogen besluit.
Met vriendelijke groet, | ||
|
