Mijn eega bracht me naar de halte Mandelabrug, want die ligt toch niet helemaal naast de deur.
Allereerst miste ik al de bus van 7.28u., zodat ik op de eerstvolgende moest wachten, welke om 8.07u. zou vertrekken. Toen ik eenmaal zat kon ik rustig de Spits lezen, die ik op het station Zoetermeer uitgereikt had gekregen. Nu was het een eitje, want ik moest bij de Snijdelwijklaan uitstappen. Op tijd drukte ik op de stopknop. Aangekomen bij de Snijdelwijklaan, zat ik nog als enige passagier in de bus. Ik vroeg de chauffeur of hij niet verder reed. Ik kon bij een volgende, niet officiele halte van deze bus, ook uitstappen. Super.
Ik zag de bekende watertoren en een mooi wandelpaadje/ fietspaadje achterlangs. Dat moest lukken. Boskoop was immers een klein dorp.Het was lekker weer en ik wandelde zo een woonwijk in, de straat 'Zonnedauw'. "Mooie naam", dacht ik nog. Ik liep linksom en rechtsom, maar geen bekende weg, zoals de Boezemlaan ofzo en al helemaal geen Mendelweg, laat staan dat de Immanuelschool in beeld kwam. Uiteindelijk kwam ik bij een winkelcentrum met een kaasboer ervoor. Geen Hoogvliet, dus geen winkelcentrum dat dicht in de buurt lag van de plek waar ik wezen moest. Ik sprak een vrouw aan die net de auto stond in te laden. Een klein jongetje zat achterin. "Mag ik u iets vragen? Weet u waar de Mendelweg is?" De echte Boskoopse moest even nadenken en zei toen: "Stap maar in". Onderweg vertelde ik haar, dat ik naar de Immanuelschool moest. "O, ken je dan Lukas en Nora?" "Ja hoor, Lukas zit bij mij in de klas en Nora heb ik geholpen met lezen. Ik ben haar IB-er." "Wat leuk, dat zijn mijn nichtje en neefje." Kijkend naar de kleine passagier achterin zei ik "Dan ken jij Lukas en Nora?". De grote ogen keken mij aan alsof ze water zagen branden. De moeder vertelde dat hij Tuta kende, zo sprak hij Lukas uit. Ach ja, zo'n wildvreemde vrouw in de auto, zette hem niet aan tot praten.
Tegen negenen werd ik verwelkomd op school met "Leve het Openbaar Vervoer". Tja, dat Openbaar Vervoer is wel OK, daar ligt het niet aan, het is de verwende mens die moet wennen aan het wachten en op tijd bij een halte te zijn. Bovendien nog even goed van te voren uitzoekt, hoe hij van die halte naar de plaats van bestemming moet komen. Ik had natuurlijk een kaart kunnen raadplegen...

