On(der)wijs

Welkom op de pagina van onwijs onderwijs. Waarom onwijs? Onderwijs is boeiend en inspirerend, kinderen zijn uniek, elk kind is er een met een aparte gebruiksaanwijziging, elk kind heeft recht op zijn eigen onderwijsbehoefte in zijn eigen omgeving. Raakt u ook al in een flow van bevlogenheid? Op deze blog vindt u allerlei verhalen, beschouwingen en leuke anekdotes over het basisonderwijs in het algemeen. In het bijzonder over de mensen die hier direct of indirect mee te maken hebben: leerkrachten, kinderen, ouders, directeuren, (G)MR-, oudercommissies, ondersteunend personeel en externe instanties, die hiermee te maken hebben.







Veel plezier!







Posts tonen met het label Mensen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Mensen. Alle posts tonen

zaterdag 17 november 2012

Bijzondere mensen 2

Welke mensen hebben invloed op ons leven? Wie heeft ons ertoe gebracht om iets te gaan doen of juist niet te doen? Welke gebeurtenissen hebben wel en welke hebben geen of nauwelijks invloed?

In bijzondere mensen 1 heb ik gesproken over het grote aandeel dat mijn ouders hebben gehad in het leven van mij. Nu wil ik een tweede groep mensen beschrijven, die mijn leven hebben beïnvloed, namelijk mijn broers en zussen. De mensen met wie ik samen ben opgegroeid bij dezelfde ouders.
Ik kom uit een gezin van 6 kinderen, waarvan ik zelf de jongste ben. Naast de hoeveelheid broers en zussen is ook de plek in het gezin iets dat mij heeft beïnvloed. Oudste kinderen moeten vaak het ijs breken, ouders weten vaak ook nog niet wat wel en niet goed is. Als jongste hadden zowel mijn ouders als ikzelf het veel makkelijker. Onze ouders maakten zich niet zo snel zorgen om eenvoudige opvoedingszaken, ze zagen immers dat het welk goed kwam. Als jongste in het gezin ben je enigszins bevoorrecht, omdat de weg al is geëffend en je als jongste een voordeeltje hebt.
Toen ik werd geboren had ik een broer van 13, een zus van 12, een broer van 9, een broer van 5 en een zus van 4.
De broer van 13 was lichamelijk gehandicapt, superslim, deed op dat moment gymnasium en vond het erg leuk om een klein zusje te hebben. Hij leerde mij dan ook al vrij snel schaken en ik speelde regelmatig met hem.
De zus van 12 is op haar 18de het huis uitgegaan en in een zusterflat gaan wonen. Zij werd verpleegkundige. Een nuchtere zus die al vrij snel thuis kwam met mijn a.s. zwager. Vanaf mijn 6de jaar had ik er gewoon een broer bij. Iemand met een hoop levenservaring, die met dit gezin ook over veel dingen praatte.
De broer van 9 was een hele goede schaker, deed HBS en werd later wiskundeleraar. Iemand met wie je nooit ruzie kon hebben, want hij maakte geen ruzie. Nog steeds niet. Ook iemand die de zorgen in zijn omgeving deelde en zich bekommerde om zijn jongere broertje en zusjes. Mijn mkoeder zegt nu nog welleens dat hij te veel zorg op zich kon nemen. Wijh zien dit weer terug bij zijn eigen dochters en kleinkinderen.
De broer van 5 had blonde krullen en had een geweldig goed geheugen. Als je vroeg wanneer iets was gebeurd, wist hij jaartal en vaak ook de datum. Hij hield van de sterren en het heelal. Hij hield ook van regelmaat en vastigheid. Van harde geluiden hield hij niet. Hij had zo zijn eigen gewoonten.
De zus van 4 met wie ik jarenlang op 1 kamer heb geslapen, is degene met wie ik misschien wel de meeste ruzie heb gehad als kind. Een zus die basketbalde, wat ik ook heb gespeeld. Een zus die de PA heeft gedaan, wat ik later ook heb gevolgd. Raakvlakken en tegenstrijdigheden.
Maar wat hebben deze mensen mij nu allemaal meegegeven?
De oudste broer, die nu al ruim 10 jaar geleden is overleden, had een bepaalde rust over zich. Hij las heel veel en vertelde daarover vaak aan ons. Belezen was hij. Hij wist enorm veel, vooral over Griekse goden en schaakmeesters, maar ook alles over Ollie B. Bommel en Asterix en Obelix. Als ik naar mezelf kijk, was ik als kind helemaal niet zo'n lezer. Hij was samen met mijn vader een echt leesvoorbeeld. Daarnaast schaakte hij graag. Ik heb het van hem geleerd en vele malen gespeeld. Maar ook andere spellen heb ik vaak met hem gespeeld, zoals Go en Boerenbridgen(een kaartspel). Het was altijd gezellig voor zijn kleine zusje. Het feit dat hij plotseling is overleden, was voor ons gezin een hele schok. Voor hem misschien uiteindelijk beter, als je weet dat zijn beperkingen steeds groter werden.
Mijn oudste zus was als verpleegster ook een voorbeeld. Ik dacht dat ik dat ook wel wilde. Het heeft mij aan het denken gezet t.a.v. verschillende beroepen. Dierenarts, verpleegkundige, onderwijzer, ze zijn stuk voor stuk voorbij gekomen. Mijn a.s. zwager kende ik al vroeg. Ik kan me zelfs niet eens herinneren, dat hij er niet was. Mijn zus trouwde toen ik 11 jaar was. Ik heb bij haar gelogeerd. Het was iemand waar ik wel tegenop keek, al was het niet hetzelfde als een moeder. Ik heb ook weer dingen van haar geleerd. Toen bij hen de kinderen kwamen en ik daar nog weleens oppaste, leerde ik meteen hoe het is om met kinderen om te gaan en een huishouden te runnen.
De middelste broer is de goedheid zelve. Hij raakt niet snel in paniek (dacht ik toen), maakte nooit ruzie, vond het gezellig met vrienden en woonde een poosje in Rotterdam Crooswijk en in 's-Gravenzande. Later kwam hij binnen met mijn schoonzus en heb ik een aantal jaren lang wekelijks op hun oudste dochter gepast. Hij woonde toen in Delft. Gezellig om zo een band op te bouwen. Als tegenprestatie mocht ik daar op dinsdagavond eten en ´s avonds bij de koffie een doosje Qualitystreets leegeten.
De jongste broer zat in de zesde klas, toen ik in de eerste zat. Toen ik eens op mijn kop had gekregen, omdat ik door de gang rende en voorin de zesde klas moest staan, dacht ik dat ik thuis nog een keer op mijn kop zou krijgen. Dat gebeurde gelukkig niet. Hij woonde lang thuis, hield heel veel van zon, maan en sterren. Hij deed de HTS. Hij had speciale gewoontes en het botste nog weleens met mijn jongste zus. Ze scheelden 14 maanden, dus er was misschien een soort concurrentiestrijd. 
Met die jongste zus heb ik lang op een kamer geslapen. In een later stadium is de kamer in tweeën gedeeld. Nog later gingen er andere broers en zussen het huis uit en hadden wij eindelijk een eigen kamer, ik was toen al 13 jaar. Kleren pikken van elkaar hoorde erbij. Mijn zus ging het onderwijs in en ik ben daardoor ook op dezelfde PA terecht gekomen als mijn zus. Toen zij trouwde had ook ik verkering en had het daar erg druk mee. Soms paste ik ook op hun kinderen, maar dat werd uiteindelijk minder, omdat mijn eigen huishouden en werkende leventje ook was begonnen.
Keuzes die ik zelf heb gemaakt zijn mede gemaakt door de omgeving. Het leren schaken bijvoorbeeld. Ik kon daardoor op de HAVO met gemak van de jongens winnen, dat was wel grappig. De interesse voor de ruimtevaart en de sterrenkunde van mijn middelste broer intrigeerde, net als zijn geheugen. De handicap van mijn oudste broer was voor mij de normaalste zaak van de wereld. Ruzie maken met o.a. de zus die boven mij zat hoorde erbij. Met een groot gezin aan tafel eten was gezellig. De verschillende beroepen en keuzes van broers en zussen hebben mij ook laten nadenken. Basketballen is ook mijn sport geworden. De moeite die sommigen hadden met relaties was een leerzame les. Het feit dat we allemaal bij elkaar horen en uit hetzelfde nest komen, geeft toch die familieband.
Alles wat toen gebeurde leeft nog steeds door in mijn leven van nu. Eerst ben je het kleine zusje wat nog nauwelijks meetelt, ik was immers nog maar klein. Maar ook dat verandert en maakte mij ook weer sterker, bewuster en ik ontwikkelde ook verder.
Van afhankelijkheid naar zelfstandigheid is een weg die ouders, broers en zussen mij hebben meegegeven. Dat heeft mij ook gebracht waar ik nu ben. Een warm thuis met man en vier kinderen.


vrijdag 2 november 2012

Schoolleiders zijn ook gewoon mensen

Een schoolleider of directeur leidt een school. Hij of zij is verantwoordelijk voor het reilen en zeilen in de hele school. Zowel onderwijskundig als financieel, beleidsmatig en organisatorisch. Je bent een soort duizendpoot. Toch is een schoolleider ook gewoon een mens binnen een organisatie. Ieder mens is een medewerker van die organisatie. Elke medewerker heeft zijn eigen verantwoordelijke rol.

Ruim twee jaar mag ik me schoolleider noemen. Het klinkt heel wat, maar ik ben ook maar gewoon een mens met talenten en gebreken, met positieve en belemmerende factoren, met opbeurende en mindere kwaliteiten. Wat maakt iemand nu een medewerker met een specifieke taak, een eigen rol of een andere functie?
Met een vracht aan ervaring in mijn rugzak als groepsleerkracht, RT-er(remedial teacher), ICT-er(ICTcoördinator  en IB-er(intern begeleider) en met een portie intrinsieke motivatie kom je al een heel eind. Daarbij vul je ook een stukje levenservaring en ben je bereid om verder te kijken dan je neus lang is. Wat is er nog meer in deze wereld? Wat kan ik doen om de school nog meer op de kaart te zetten? Hoe kan ik zorgen dat de kwaliteit van de leerkrachten op peil blijft en verder ontwikkelt? Waar staat de school en hoe krijgen we die een stap verder?
Zo moet je jezelf ook blijven ontwikkelen. Meegaan in het digitale tijdperk, meegaan met allerlei ontwikkelingen, de schoolresultaten, maar niet minder de schoolsfeer en het werkplezier in de gaten houden. Communiceren intern en extern. Zelfstandig blijven opereren. Samenwerken met anderen.
Door bij te blijven zul je ook buiten de muren van de school moeten blijven kijken. Verruim je blik. Hoe doen andere scholen het? Deel ideeën met collega-directeuren, stel vragen, zoek dingen uit en denk verder buiten de kaders ofwel out of the box.
Zo was ik gisteren op een Conferentie van schoolleiders van CNVO, of eigenlijk CNVS. Een ontmoeting van andere schoolleiders, bouwcoördinatoren en andere bestuurders, waarin opleidingsgericht leidinggeven en co-teaching  ter sprake kwam, maar waar ook gelegenheid was om elkaar te ontmoeten. 
Zo was er een directeur met een school met 800 leerlingen. Wow, hij deed het al vanaf 1990, dus flink ervaren, maar zeker niet verstoft of berustend in zijn werk. Hij vertelde enthousiast over allerlei ontwikkelingen die gaande zijn, zichtbaar genietend. Hij keek ernaar uit dat er een klas met Ipads of tablets aan het werk zou gaan. Kijk, dat alleen al inspireert. Verder kijken. Nieuwsgierigheid tonen.
Knap om te zien hoe hij een school met 800 leerlingen leidt. Ik ben vergeten te vragen of ik eens een keer bij hem op school zou mogen komen kijken.
Zo heeft onze eigen school er zo'n 150, maar gaat wel veranderen. Een groeiende school. Daarin zie ik nu al verschillen ontstaan. Naarmate een school groter wordt ontstaan er andere communicatielijnen, andere verantwoordelijkheden en nieuwe rollen. Daarbinnen is het de kunst om als schoolleider weer een nieuwe rol aan te nemen, waarin je anderen meer verantwoordelijkheid geeft. Vertrouwen en autonomie bij leerkrachten in hun klas, maar ook bij de verschillende commissies. Verantwoordelijkheid bij bouwcoördinator en IB. Het zijn allemaal taken en rollen die verschuiven. De kunst is, om wel te zorgen dat mensen gemotiveerd blijven, geïnspireerd blijven, ja zelfs bevlogen blijven. Want het onderwijs blijft een geweldig vak. Of je nu een lesgevende, coördinerende  ondersteunende of leidinggevende taak hebt als medewerker van de schoolorganisatie, iedere functie/taak/rol is belangrijk. Het belangrijkste is, dat jij je prettig voelt in de rol die van jou wordt verwacht en die jij dus moet vervullen. 
Heel veel inspirerend werkplezier met passie, energie en bevlogenheid! En dan maakt het niet uit in welke rol je dat doet.


vrijdag 26 oktober 2012

Bijzondere mensen 1

Bijzondere mensen zijn mensen die in je eigen leven veel hebben betekend. Voor mij zijn dat mensen die een groot deel van mijn leven hebben meegereisd tijdens mijn levensreis.

Allereerst kom je dan bij mensen, die het eerste stuk van mijn leven bij mij waren. Dat zijn mijn lieve ouders, waarvan mijn vader(89) hier staat afgebeeld, en mijn broers en zussen.
Als jongste in een gezin van 6 kinderen krijg je van huis uit al een heleboel mee. Een van de dingen die ik heb meegekregen is liefde. De warmte die ik heb meegekregen ervaar ik nog elke keer als ik even langskom. Ik hoop die liefde en warmte weer te delen met mijn omgeving, een lieve man en vier vrolijke gezonde kinderen.
Ook het geloof is een onderdeel dat ik heb meegenomen in mijn levensreis. De verbintenis, het verhaal van het wonderbaarlijke leven en de verhalen van Jezus passen ook nog in het leven van nu. Het geeft mij kracht om dingen een plek te geven, al heb ook ik - met mijn nuchtere verstand - weleens twijfels.
Maar er is nog meer bagage. Misschien hoort dat wel bij de hoop. De toekomst is het uitkijken naar dingen die je wilt gaan bereiken, die je wilt kunnen, die je wilt doen. Die toekomst heb je niet altijd in de hand. Deels kun je er wel een draai aan geven en leren omgaan met de dingen die we meemaken. Ons ouderlijk huis heeft ook zo zijn dingen gekend, die niet makkelijk zijn. Moeilijke momenten, verdrietige gebeurtenissen, ze komen op ieders levenspad. De kunst is om dit een plek te geven, erover te blijven praten, maar vooral niet gaan sippen. Kijk vooruit en geniet van de mooie dingen, die er wel zijn. In dat laatste heb ik een levend voorbeeld in mijn moeder. Opgewekt en positief, al kan ze soms ook best kritisch zijn.
Naast het gedeelte dat ons overkomt, zijn er ook dingen als "keuzes maken". Daarin hebben we zelf invloed. Keuzes maken doen we eigenlijk elke dag. Eet ik vandaag lekker makkelijk pizza of toch een gezonde maaltijd? Ga ik met die studie beginnen of ben ik tevreden met deze baan? Wij maken voortdurend keuzes en hebben anderen daarbij nodig om een mening te vormen en een goede keus te kunnen maken. Mensen die zeggen dat ze altijd zelf beslissen hebben vaak niet in de gaten hoe zij worden beinvloed door reclame, mode, televisie, gespreken op verjaardagen, etc. We worden continu blootgesteld aan waarden en normen, waarin we bepaalde dingen denken en zeggen.
Mijn ouders hebben ons altijd gestimuleerd om te gaan leren, daarmee kun je verder komen. Gestimuleerd is het goede woord, want zij hebben ons nooit gedwongen.
En zo ben ik in de eerste jaren gevormd door voral mijn ouders, waar ik nog met alle plezier een kopje koffie kom drinken . Maar ... dan heb ik het geluk dat ik nog van twee geestelijk gezonde mensen op leeftijd kan genieten.