On(der)wijs

Welkom op de pagina van onwijs onderwijs. Waarom onwijs? Onderwijs is boeiend en inspirerend, kinderen zijn uniek, elk kind is er een met een aparte gebruiksaanwijziging, elk kind heeft recht op zijn eigen onderwijsbehoefte in zijn eigen omgeving. Raakt u ook al in een flow van bevlogenheid? Op deze blog vindt u allerlei verhalen, beschouwingen en leuke anekdotes over het basisonderwijs in het algemeen. In het bijzonder over de mensen die hier direct of indirect mee te maken hebben: leerkrachten, kinderen, ouders, directeuren, (G)MR-, oudercommissies, ondersteunend personeel en externe instanties, die hiermee te maken hebben.







Veel plezier!







Posts tonen met het label bruisen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label bruisen. Alle posts tonen

maandag 31 december 2018

Een spetterend onderwijsmoment


Het borrelt, begint te bruisen en dan gaat het spetteren, soms knetteren. Nee, het is geen goed georganiseerd waterfestijn op het plein in de zomerperiode. Ook geen overheerlijk goedgevulde BBQ met collega’s. Ik ben op weg. Samen met de collega’s ben ik op weg naar ... Ja waarheen eigenlijk. Die stip op de horizon is nog niet zo helder. Het is de koers van de stichting. Koers22. Maar dan? Waarheen leidt deze weg?

Koers22 is een richting die het huidige onderwijs tegen het licht houdt en bekijkt wat wij denken dat leerlingen van onze school nog meer nodig hebben straks als zij de maatschappij in gaan. Daarbij blijft - naar mijn bescheiden mening - kennis op een basisschool centraal staan. Evenals instructie aan alle leerlingen. Toch moet er niet alleen gestampt worden. Laten we kinderen niet zien als een blanco papiertje waarop we van alles kunnen schrijven. Of beter gezegd, een geformatteerde iPad of tablet waarin de apps nog moeten worden gedownload en waarin leerlingen hun werk kunnen opslaan. Maar wat dan wel?
Allereerst leren we leerlingen met de kennis die ze hebben verwonderen. Kijk eens om je heen (mooie titel van een lied van Hanna Lam). Wat is er in de wereld te zien? Hoe mooi, hoe bijzonder is het om ons heen, samen met anderen? Leren ontdekken.
Naast kennis gaat het nu ook om vaardigheden, waarbij leerlingen niet alleen leren samenwerken, presenteren en op een podium staan. Zij gaan zich ook leren afvragen waarom dingen zijn zoals ze zijn. Leren onderzoeken.
Naast het onderzoeken, zullen er ook vragen tevoorschijn komen, waarop we (alle mensen in de wereld) nog geen antwoord hebben. Neem bijvoorbeeld de plastic soep in de oceanen, maar nu vooral de opwarming van de aarde. Door onderzoek (n.a.v. data) is geconstateerd dat dit problemen oplevert. Hoe kunnen we dat aanpakken. Het is mooi om leerlingen al mee te nemen in onderzoek en het oplossen van problemen. Leren ontwerpen.
Deze drie dingen zijn een weg die we leerlingen willen leren, maar we ook zelf nog mee stoeien. Onze taak als leerkracht is immers lesgeven en kennis overdragen. Natuurlijk lieten we leerlingen genieten, samenwerken (coöperatieve werkvormen), presenteren (boekbeurt), in aanraking komen met concreet materiaal en proefjes doen. Dit gaat nog een stapje verder.
Leerlingen stimuleren om na te denken, zich zaken af te vragen waarom, ze laten nadenken over een bepaald probleem en zich vastbijten in zo’n probleem.
Dit alles begint natuurlijk bij de leerkracht die hiervoor faciliteert, ruimte geeft, loslaat en zaken laat gebeuren. Maar wat bied ik de leerlingen?
En dat is nu precies wat er gebeurt op school. Het bruis, spettert, maar het knettert ook. Hoe dan? Waar moet ik beginnen? Wat geef ik ze wel en wat niet?
Met allerlei voorbeelden zijn we op weg. Met het delen van ervaringen laten we lessen zien aan elkaar. Met zoeken op internet bekijken we inspirerende lessen. Het borrelt in onze hoofden. Begint het al te bruisen?

Die struggle, deze weg met hoge en lagere hobbels, verrassende zijwegen, geopende bruggen en af en toe donkere doodlopende weg zijn we (het team op onze school) ingeslagen. We gaan de goede kant op. Het proces is in werking. Ons eigen onderzoek naar ontdekkend, onderzoekend en ontwerpend leren is gestart. De koers is nog niet helemaal uitgestippeld, maar begint vormen aan te nemen, waar we ons aan vast kunnen houden. Dat willen de collega’s graag, houvast.
Een prachtige visie om met elkaar die weg te berijden. Een richting. Een koers. Koers22. We hebben dus nog even de tijd en onze leerlingen ook. We zetten onze reis voort, in 2019, 2020, 2021 en 2022.


Opgestuurd in opdracht van Onderwijskoppen via Lizette Mijland. Zie www.onderwijskoppen.nl



dinsdag 7 februari 2017

Waar krijg ik energie van?

N.a.v. een onderzoek op school over werkstress, werkdruk en werkplezier ben ik in gesprek met het managementteam en een van de onderzoekers over een goede balans. Werkdruk is er gewoon in het onderwijs. Maar... hoe houd je een goede balans waardoor het werkplezier, de flow, het bruisende enthousiasme blijft of in ieder geval gestimuleerd wordt? Dat is een kunst apart. Een vraag die we willen stellen aan de teamleden is: Waar krijg ik energie van?

In elke baan, bij elk werk, maar ook in alle dagelijkse gebeurtenissen zijn er dagen van plezier en enthousiasme en momenten dat je er geen zin in hebt of gewoon een dag niet lekker in je vel zit. Dat is niet meer dan normaal.
   Werken
Wanneer de druk op het werk hoog is, hoeft dit nog helemaal niet te betekenen dat je dan werkstress hebt. Werkdruk zijn vaak de dingen die (af) moeten binnen een bepaalde tijd. Rapporten, toetsen nakijken, invoeren en analyseren, groepsplannen maken, beleidsplannen schrijven, leerlingen voor een bepaald tijdstip moeten inschrijven, vervanging regelen. Het is normaal. Dit is een part of the job als je in het onderwijs werkt. In andere beroepen is dit net zo. Medicatie moet op tijd worden uitgedeeld in de verpleging, operaties moeten secuur worden gedaan bij specialisten, de preek moet af als dominee, de inkomsten moeten worden ingeboekt voor de accountant bij winkelketens en ga zo maar door. Dit is werk en hier worden we als werknemer voor betaald.
   Werkdruk
Toch is er in het onderwijs een hoop te doen om de werkdruk. En dit is voor een groot deel waar, voor een kleiner deel hoort dit bij werken. In het onderwijs werken is namelijk niet exact van 8.00-17.00u. maar er is wel veel vakantie waarin veel uren worden gecompenseerd.
Daarbij is het werk in het onderwijs in de afgelopen 30 jaar sterk veranderd. Vernieuwingen, verbeteringen, meer rendement halen, maar dat betekent ook dat er grotere eisen worden gesteld aan het werk van een onderwijsgevende. Neem nu alleen al het digitale tijdperk. Mijn werkstukken van de toen nog Pedagogische Academie maakte ik op een typmachine. Een fout werd verbeterd met typex en als ik meer dan drie fouten op een vel papier had ritste ik het hele blaadje eruit en begon opnieuw.
Ook inzichten in het verwerken van data vergt meer van een leerkracht. Data verzamelen, maar ook leren analyseren. Wat betekent dit voor mij, voor de leerling, voor de groep en voor mijn lesgeven.
De kennis is niet onbelangrijk, maar vaardigheden gaan een grotere rol spelen.
   Werkplezier
Het is de kunst om te zorgen dat je door de bomen het bos blijft zien. Gefocust blijven op de dingen waar je energie van krijgt. Een gave les, een leerling die na veel inspanningen iets begrijpt, een leerling die de spreekbeurt geeft of zomaar een fijn gesprek met een ouder die dankbaar is voor wat jij doet. Het is een hele gave intensieve baan. Een baan waarin je veel van jezelf kwijt kunt en samen met een groep leerlingen optrekt om te leren. Jezelf kietelen door een cursus te volgen waarbij je nieuwe dingen leert en merkt dat het werkt. Blijven ontwikkelen. Blijven meedenken. Blijven reflecteren op jezelf.
   Nieuwe energie
Mocht het enthousiasme wat zijn getemperd, dan komt nu de vraag: Waar krijg jij energie van? Wanneer ik deze vraag aan mezelf stel: Waar krijg ik energie van? Dan komen er bij mij verschillende dingen boven.
1. Er zijn dingen gelukt.
Dat kan zijn een gesprek met een leerkracht of een document dat af moet.
2. Ik heb iets bereikt.
Bijvoorbeeld een groeiende school, hogere opbrengsten, een leuk team.
3. Genieten van een moment.
Door de school lopend word ik blij van een leuke les, van lerende en ontdekkende kinderen.
4. Ik heb iets geleerd.
Tijdens een cursus of in de praktijk. Daar groei ik van.
5. Positieve omgeving.
Er samen voor willen gaan. Samen op zoek naar oplossingen en verbeteringen. Samen met leerkrachten, leerlingen en ouders.
6. Lichamelijk gezond.
Dat spreekt voor zich. Uitgerust en gezond zijn geeft energie.
7. Goed in mijn vel en op de goede plek zitten.
Twee verschillende dingen die veel met elkaar te maken hebben. Ik moet mezelf goed voelen en betekenisvol kunnen werken met de nodige capaciteiten. 
8. Iets doen wat ik leuk vind.
Dat is bijvoorbeeld de website van de school, waar ik veel plezier aan beleef om daar iets gaafs van te maken.

Dan ga ik met een tevreden gevoel naar huis, heb ik zin in nieuwe ontdekkingen, maak ik graag stappen, wil ik dingen ondernemen en bruis ik van de energie. De batterij is opgeladen, laat de energie maar stromen. Kom maar op!