Collega's zie je een groot deel van de dag. Met de een kun je overweg, met de ander niet. Professioneel gezien moet je met iedereen kunnen samenwerken. Lukt dat?
Collega's zijn belangrijk. Je deelt een groot deel van de dag met hen, misschien met sommige meer dan met menig gezins- of familielid. Dan is het toch erg mooi als het klikt of je in ieder geval een goede samenwerking kunt opbouwen.
In mijn schoolloopbaan zijn er verschillende collega's die een bijzondere bijdrage hebben geleverd aan mijn eigen ontwikkeling. Zo stond de directeur van mijn allereerste school ineens bij mij voor de deur om me welkom te heten. Met hem heb ik enkele groepen gedeeld als hij een ambulante dag had. In de begintijd had een directeur maar een dag ambulante tijd om de schoolse zaken te regelen. Hij was een geboren verteller en hield veel van geschiedenis. Hij stond altijd heel relaxed voor een hele aula vol ouders.
Later had ik op deze school verschillende duopartners, omdat ik parttime ging werken. Een wat oudere vrouw is mij bijgebleven. Altijd positief, onopvallend, zachtaardig en opgewekt en vol bewondering wat collega's presteerden. Het gaf andere een stimulans.
Op een andere school had ik twee fijne ICTcollega's. Daarmee deelden we allerlei ICTweetjes, hadden we regelmatig overleg en stippelden we weer nieuwe lijnen uit. Ook hier leer je van elkaar. Je wordt nieuwsgierig naar nieuwe dingen.
Van verschillende duopartners leer je verschillende manieren van lesgeven of het leggen van accenten. Lesgeven kan een andere invalshoek krijgen. Verschillende leerkrachten geven verschillende instructies. Een goede leerkracht weet een kind zo ver te krijgen dat deze verder groeit, ontwikkelt en zijn zelfstandigheid stimuleert.
Van verschillende IBcollega's leerde ik veel door te doen en door te overleggen hoe het gaat binnen de zorg. Verschillende overlegvormen geven inzicht in de externe contacten. Met andere deskundigen praten over bepaalde zorgen in de school, kom je verder.
Als IB-er sta je dicht bij andere IB-ers en bij directeuren. Ook daarin heb ik mogen meekijken, ervaren, meepraten met pilots, veranderingen in gang brengen door verschillende studies, het bijwonen van conferenties. Ik heb bijzondere ervaringen opgedaan en zelfs ook lief en leed kunnen delen.
Liever noem ik hier geen namen, al zitten ze bij mij wel in mijn hoofd en denk ik, dat diegenen om wie het gaat, dit ook weten. Ze brengen iets in beweging. Ze laten je mooie dingen zien en ervaren, ze praten MET je in plaats van OVER je.

Allemaal mooi hoe mensen en dus ook ik, kunnen worden beïnvloed door collega's. Meebewegen in het hart van een school als leerkracht, IB-er, ICT-er en nu als schoolleider.
Als het daarbij ook nog eens klikt, kan dat mooi meegenomen zijn, je werkt immers prettig samen. Het kan ook lastig zijn. Durf je wel alles te zeggen als een collega je na aan het hart ligt?Je blijft immers onderdeel van dat hele team.
Nu als directeur staan alle beoordelingsgesprekken in de planning. Dan is een goede professionele houding gevraagd. Van zowel de leerkracht als de schoolleider. Je moet dan de duim omhoog kunnen steken op momenten dat je ergens trots op bent of als iets goed gaat. Je moet ook kunnen aangeven waar het een volgende keer beter kan en leerkrachten kunnen begeleiden en hen vertrouwen geven dat het inderdaad goed komt.
Het is en blijft een prachtig beroep om in te werken: Dingen voor elkaar krijgen, een plan trekken, bijsturen samen met collega's, je blijven ontwikkelen, nieuwsgierigheid bevredigen door verder te kijken, luisteren naar elkaar en goed communiceren.
Het werk in het onderwijs kun je niet alleen. Daarom zijn die collega's zo belangrijk. Natuurlijk ligt de een je beter dan de ander. Dat geeft niet. Zorg dat je respect toont. Iedereen is gelijk. Vertrouwen en samen bouwen. Vooral samen, je leert zo ontzettend veel van elkaar door naar elkaar te gaan kijken in de klas, door samen te overleggen, door samen zorgen te delen (bijvoorbeeld tijdens intervisiemomenten). Samen ben je een team!



