On(der)wijs

Welkom op de pagina van onwijs onderwijs. Waarom onwijs? Onderwijs is boeiend en inspirerend, kinderen zijn uniek, elk kind is er een met een aparte gebruiksaanwijziging, elk kind heeft recht op zijn eigen onderwijsbehoefte in zijn eigen omgeving. Raakt u ook al in een flow van bevlogenheid? Op deze blog vindt u allerlei verhalen, beschouwingen en leuke anekdotes over het basisonderwijs in het algemeen. In het bijzonder over de mensen die hier direct of indirect mee te maken hebben: leerkrachten, kinderen, ouders, directeuren, (G)MR-, oudercommissies, ondersteunend personeel en externe instanties, die hiermee te maken hebben.







Veel plezier!







Posts tonen met het label leerkrachten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label leerkrachten. Alle posts tonen

dinsdag 7 januari 2020

Toekomst van het onderwijs



(hersteld blog van 27 oktober 2019)
Het ziet er op dit moment niet zo rooskleurig uit in het basisonderwijs. Hard werken, hoge werkdruk, veel uren, veel ingewikkelde leerlingen, veel veranderingen, mogelijkheden om het onderwijs anders te doen, steeds meer verantwoordelijkheid, matig salaris en te weinig a.s. collega’s die nog gek genoeg zijn om het onderwijs in te gaan. Wat kunnen we doen?

In de afgelopen jaren hebben verschillende noodmaatregelen de revue gepasseerd. Zo kunnen we 4-jarigen bij de opvang laten en de basisschool starten bij 5, het aantal lesuren verminderen, een videoverbinding inschakelen of gewoon ouders optrommelen. Het vak leerkracht, maar ook die van schoolleider, adjunct, onderwijsassistent, conciërge, en wie ook meewerkt in het basisonderwijs, het wordt niet serieus genomen. Een doekje voor het bloeden. We hebben al geld gekregen, dus niet zeuren. Het is jammer, maar we zullen moeten roeien met de riemen die we hebben. Daarmee kunnen we onze geluiden laten horen om de overheid in beweging te krijgen en ik denk dat we dat moeten blijven doen. We kunnen ook nadenken over andere mogelijkheden.

Thuisonderwijs, via een video-interactie, waarbij de leerkracht de lessen verzorgd en ouders het gedrag reguleren. Zo kan de leerkracht doen waar hij goed in is. Gym wordt verzorgd door de BSO*(1 op bepaalde dagen, dagen dat ouders beiden werken, net als de creatieve - (waaronder ook koken, techniek, timmeren) en muzikale vakken. Zij regelen ook zwemles en alle sportclubactiviteiten, nemen één keer per jaar een uitstapje naar een pretpark en zorgen voor de bezoekjes aan bibliotheek, musea, bos, stad of andere culturele uitstapjes. Workshops waar leerlingen zich voor op kunnen geven.
Ouders kunnen opvang regelen, waarbij leerlingen les krijgen via de video-interactie, waarbij leerkrachten de uitleg geven en opvang zorgt dat ze opletten. Ouders zullen voor deze vorm van opvang wel meer geld moeten neerleggen, maar kunnen er ook voor kiezen om dit deels zelf te doen. Ze zijn dan enorm betrokken bij wat hun kind moet kunnen en kennen.
Een spreekbeurt of presentatie kan ook weer via de video worden gemaakt en leerlingen kunnen op een eigen gekozen moment kijken en beoordelen op voor op gestelde criteria. Iedere leerling beoordeelt minimaal zes presentaties. Scheelt tijd.

Andere mogelijkheden, die het bovenstaande kunnen versterken:
1. Leerkrachten die allemaal een eigen vak geven en de instructie van een hele bouw of school (afhankelijk van de grootte) geven.
2. Digitale bibliotheek, waarbij leerlingen op hun devices zelf op elk moment kunnen lezen.
3. Leerkrachten die gespecialiseerd zijn in leerlingen die meer uitleg nodig hebben en met meer concreet materiaal aan de slag moeten. Leerkrachten die meer lessen kunnen ontwikkelen voor de leerling die meer uitdaging nodig heeft.
4. Extra praktijklessen voor praktisch ingestelde leerlingen, eventueel ook in te huren bij BSO.
5. Gevarieerde niveaus van vakken. Dus bijvoorbeeld op rekenen heel ver uit kunnen komen (wiskundig niveau) en spelling misschien niet goed kunnen. Het bieden van betere differentiatie.
6. Ontmoetingsplaatsen in de steden creëren waarbij huiswerk gemaakt kan worden en kan worden opgestuurd naar leerkrachten die dit digitaal verwerken. Beheerd door pedagogisch medewerkers van bijvoorbeeld BSO’s.
7. Blogs en vlogs maken en zo zaken aan elkaar vertellen en laten zien door middel van goede digitale en veilige systemen.
8. Ouderontmoetingen op bepaalde tijdstippen, geregeld en verzorgd door BSO.
9. Geld van onderwijs direct naar scholen, licenties, ontmoetingsplekken.
10. Geen papieren boeken meer, maar de mogelijkheid is er nog wel. Keuze met een extra toelage om het te kunnen drukken.
11. Uitgevers zorgen voor goede digitale methodes.

Leerlingen zorgen zelf voor papier, pen, rekenmaterialen, tafelkaart indien nodig. Leerlingen bepalen zelf wat ze willen gebruiken, hoeveel ze oefenen. Leerlingen bepalen ook zelf hun doelen. Controle door leerkracht/docent.
Als we zo de verantwoording meer bij ouders en leerlingen leggen, wordt de druk op scholen minder, kunnen BSO’s hier mooi op inspelen, is het gedrag opgelost en kan er zo veel als nodig ontmoetingen plaatsvinden in de vorm van sport, spel, verjaardagen, uitstapjes etc. Dan hebben we een hele andere structuur bedacht en hebben straks die schoolgebouwen, intern begeleiders, directies en besturen ook niet meer nodig. Of wel? Wie garandeert de kwaliteit? Wordt de rol van al deze onderwijskundigen een andere? Zijn er meer technici nodig om de video-interactie goed te laten verlopen? Zijn er meer pedagogisch medewerkers nodigen genoeg ontmoetingsmomenten te kunnen realiseren? Ik denk dat we wel met minder leerkrachten toekunnen. Lerarentekort opgelost. Rust weergekeerd. Balans hersteld. Hoop ik...
Misschien kan ik zelf wel vervroegd met pensioen als ik overbodig word. Blijven dromen kan altijd.

*(1 BSO = Buiten Schoolse Opvang

woensdag 7 augustus 2019

Ouders en kinderen evenveel vrije tijd?


Moeten ouders en kinderen evenveel vakantie krijgen?



Gisteren las ik deze vraag op Twitter. Het triggert me, omdat het in deze tijd, waarbij vaak beide ouders werken, een probleem begint geworden. Dat is al te merken aan de hoeveelheid ouderhulp op school. Maar hoe kunnen we dit aanvliegen? Is het überhaupt wel op te lossen zonder grote consequenties?

Allereerst is het een serieuze vraag. Kinderen hebben veel meer vakantie dan ouders. Daarbij hebben kinderen, zeker op de lagere school - wanneer veelal nog wat achtervang nodig is - ook nog de nodige studiedagen. 
Wanneer ouders gebruik maken van een BSO, is deze hier meestal op ingesteld en kunnen de kinderen van deze ouders gewoon terecht. Anderen moeten vaak extra kosten betalen.
Is er opvang via een gastouder, dan gaat dit extra uren kosten.
Is er opvang via een bekende opa of oma, een buur of een goede vriend, dan is het zaak om opvang te regelen.
Dat is natuurlijk allemaal de verantwoording van de ouders. Het geregel en de kosten. Het hoort er allemaal bij.

Mee bewegen
Hoe zouden we toch wat naar elkaar toe kunnen bewegen, zonder dat dit ten koste gaat van het onderwijs en de hardwerkende leerkrachten en zonder dat dit ten koste gaat van de hardwerkende ouder, die niet zo heel veel vakantiedagen heeft? Kunnen kinderen minder vakanties krijgen? Kunnen ouders meer vakantiedagen “krijgen”. Dat is niet zo eenvoudig.

Evenveel vakanties? Hoe dan? 
Werkgevers zitten niet te wachten op nog meer voordelige regelingen, die we samen moeten ophoesten. Zij zitten niet te wachten op meer vrije dagen en dus minder rendement. Kinderen minder vakantie? En wie is er dan bij de kinderen? Leerkrachten zitten aan hun taks en meer leerkrachten zijn er gewoon niet. Kinderopvang, zoals nu, kost veel geld. Een school die altijd open is, waarbij kinderen vakantie kunnen opnemen? Hoe denkt leerplicht en de minister van onderwijs hierover? Is dit ideaal?
Met het lerarentekort is er eerder sprake van minder lesuren, dan van meer. 

Mogelijke oplossingen
Kan de werkende ouder wellicht overuren sparen?
Kan de werkende ouder thuis werken en zo een oogje in het zeil houden en eventueel ‘s avonds nog wat extra’s doen? 
Zou de school opvang kunnen regelen? Met behulp van kinderopvang?
Zouden we een beroep kunnen doen op pensionada?  Zijn er mensen die kinderen echt liefdevol, met plezier en met pedagogische kwaliteiten kinderen willen en kunnen opvangen. Of vragen we dan te veel?

Toch nog een oplossing?
Het zal zo’n vaart nog niet lopen, omdat de oplossingen niet echt voor de hand liggen. Of toch wel? Er is een oplossing die wel gaat helpen. Meer ouders met kinderen die als leerkracht gaan werken in het onderwijs. Dan heb je ongeveer evenveel vakantie, kun je een lange zomer weg, regel je de enkele studiedag nog. Dan hebben we meteen meer leerkrachten en helpen we het lerarentekort weg te werken en de zaak is opgelost. Ouders blij. Kinderen blij. Onderwijs blij. Werkgevers blij. 

Of zou er nog een andere mogelijkheid zijn?



vrijdag 23 november 2018

Schoolleider vraagt aan de Sint ...

Geachte minister van OCW en leden van de Tweede Kamer,

Om uw aandacht te vragen
en met mails te plagen
wil ik u opvrolijken met dit gedicht.
Het verantwoordelijke werk,
wat ik in mijn takenpakket merk
is als schoolleider zeker niet licht.

Een onderwijsvisie bepalen,
De leerkrachten erbij halen
Samen een mooie school, heel knap.
Een krachtig samenspel creëren
Samen werken en leren
Professionele leefgemeenschap.

Het sturen van onderwijskwaliteit
vraagt om een gedegen beleid,
didactisch en pedagogisch onderbouwd.
Veranderingsprocessen
worden met veel vijven en zessen
door alle personeel rond gesjouwd.

Klassenbezoeken inplannen
Leerkrachten en lessen kennen
Feedback geven aan hen en aan elkaar.
Aansturen specialisten
We laten ons niet kisten
Een mooie ontwikkeling ligt klaar.

Leerlingen begeleiden
Kinderen motiveren en verleiden
Onderwijsbehoefte in kaart gebracht 
Arrangementen organiseren
Met wie en waar kan de leerling leren
Elke leerling, ieder perosoneelslid in zijn kracht

Financieel beleid voeren
Keuzes maken en niet koeren
Bijblijven op het snelle digitale gebied
Zoeken naar de beste strategieën
Methodes, meubilair of ICT allergieën
De school regelt alles, of niet?

De sleutel in zo'n mooie vloot
is een verantwoordelijke duizendpoot
Met plezier sta ik in beleid en in de klei
De kapitein van het prachtige schip
Houdt koers, kent alle leerlingen maar bijt op haar lip
Een waardering (goede salariëring) hoort daarbij.

Tot slot vraag ik u allen hierbij
Een schoolgemeenschap met een toekomst dichtbij
Vraagt om verantwoording, visie en duidelijkheid
Investeer in al deze mensen
Met grote en kleine wensen
Het belang hiervan bevordert de onderwijskwaliteit.

Een enthousiaste hardwerkende schoolleider

donderdag 5 januari 2017

Mijn moment in het onderwijs


Na de uitdaging die ik aannam - van iemand via Twitter - om mijn moment in het onderwijs te beschrijven loop ik al een paar dagen met de gedachte rond wat nu mijn moment is. Dat is nog niet zo eenvoudig. Wat is mijn moment? Of zijn er te veel mooie momenten en kan ik niet kiezen? Is het de eerste baan als juf, de bijlessen, werken als intern begeleider, ICTcoördinator of schoolleider? Ook wel, maar niet de essentie van mijn moment. Wat dan wel?


Vanaf 1985 ben ik werkzaam in het primair onderwijs. Verschillende groepen, verschillende scholen, verschillende functies en verschillende werktijdfactoren. Gevarieerde ervaringen met de groepen, scholen, collega’s en ouders. Er zijn mooie momenten en uiteraard ook momenten die minder leuk waren. Alles bij elkaar geeft het mij een rugzak vol bagage waarin ik nu mijn werk nog steeds vol passie kan en wil blijven doen.

Ik denk terug aan mijn allereerste school, waar ik na mijn stage zo ben ingerold. De eerste groep die ik had was groep 3 en dat vind ik nog steeds de mooiste groep van het basisonderwijs. De nieuwsgierigheid en de ontdekking. De kunst van het lezen.  De wereld die opengaat. De volledige overgave van de leerlingen die dat belangrijke stapje doen. Ze kunnen ineens lezen. Al starten leerlingen nu vaak wel al eerder in de kleutergroepen. In die tijd deed ik ook de RTopleiding ernaast.

De wisselingen van school. Goed om verder te kijken. Goed om je grenzen te verleggen. Wat is leuk, wat kan ik, wat vind ik niet leuk, waar ga ik mee door. Zo komen er ook andere functies. Computers hebben mijn interesse - nog steeds overigens - en zo deed ik rond 2000 een computeropleiding om ICTcoördinator te worden. Wonderlijk dat ik toen nog collega’s moest leren e-mailen. Het werk van een intern begeleider is mooi om zowel leerlingen als leerkrachten te kunnen volgen en begeleiden naar beter onderwijs voor de leerlingen. De stap naar schoolleider heb ik toen – mede door de stimulans van mijn echtgenoot – gemaakt naar een kleine school van (toen nog) ca. 100 leerlingen. Het zijn mooie leerzame momenten. En ik leer nog steeds.

Als fysiek-emotioneel mens brengen al deze ervaringen ook emoties met zich mee. Soms blij, soms verrast, soms verdriet of teleurstelling. Emoties die horen bij het hele leven. Toch kan ik met die emoties mijn momenten aanwijzen.

Dat begon al toen ik nog lang niet in het onderwijs werkte en met buurmeisjes schooltje speelde, winkeltje deed of andere zaken ging bedenken om hen dingen te leren en van hen te leren. Op vakantie picknicken met vriendinnetjes was daar ook een onderdeel van. Heerlijk om allerlei zaken te doen. Ik leerde daar zelf veel van. Communiceren. Sociale vaardigheden. Nieuwe dingen ontdekken.

In het onderwijs zijn het de momenten waarbij je met de leerling contact maakt en hem of haar een stapje verder helpt. Of ik nu de juf ben van een groep, de ICTcoördinator, de intern begeleider of de schoolleider, dat contact met die leerling, het zien ontwikkelen, leren, groeien, ontdekken, proberen, leren leren, vallen en opstaan, stimuleren, enthousiasmeren van al mijn leerlingen is voor mij het moment. Omdat er vele momenten zijn, zijn de meeste dagen ook mooie dagen in het onderwijs. Het geeft de dag een goede balans waarin de stress van werkdruk tegengas krijgt en tot een goed evenwicht brengt.

Als juf, maar ook als mens die liefde wil delen, zijn mijn momenten wanneer ik extra aandacht geef aan die onzekere leerling, uitdaging bied aan die knappe kop, een aai over een bol kan geven als ik zie dat een kind het moeilijk heeft. Dat geldt ook als remedial teacher. Als ICTcoördinator en intern begeleider ben je ook veel met collega’s bezig. Maar altijd met de leerling in mijn achterhoofd. Als schoolleider, waarbij veel zaken minder direct om de leerlingen gaan, zal het toch uiteindelijk om die leerlingen draaien. Nu sta ik elke morgen bij de ingang van de school en begroet alle leerlingen. Ik ken hun namen. Zij doen ertoe. Zij moeten zich veilig voelen en zo tot leren kunnen komen. Ik doe klassenbezoeken, loop door de gangen en ga in gesprek met leerlingen. Zo weet ik wat hen bezighoudt en kan ik ze ook nog weleens uit de tent lokken. Kleuters hebben regelmatig een themahoek op de gang, waarin ik me verplaats in hen en die nieuwsgierige leerlingen iets kom vragen. Datzelfde probeer ik te doen met de collega’s. Vragen stellen, belangstelling tonen en complimenteren. Ruimte bieden om te groeien en toch de grote lijn in de gaten te houden. Zo zijn er vele mooie momenten in het onderwijs.

Conclusie:

Mijn moment in het onderwijs is het contact met leerlingen, collega’s en ouders om hen iets mee te geven, maar ook van hen te leren. Dat kan van alles zijn. Kennis, een vaardigheid, maar minstens zo belangrijk zijn waardering, warmte en liefde. Zo kunnen ze tot volle ontplooiing komen en ik ook.

donderdag 14 juli 2016

Verplicht professionaliseren? Niet doen.

Iedereen leert elke dag weer nieuwe dingen. Soms doe je dit door nieuwe ervaringen, door wat anderen ervan zeggen of aan jou laten zien, soms door gespreksgroepen of andere besprekingen. Een andere keer door les te krijgen van een expert: een professor, een docent, een leerkracht. Je volgt dan les op school of via een opleiding of college. Belangrijk hierbij is, dat je het zelf wilt.

Professionaliseren.
Professionaliseren is 'hot'. Iedereen moet blijven leren om zichzelf te ontwikkelen. Voor een deel gebeurt dit door ervaringen, leren van fouten, kijken en luisteren naar anderen, reflecteren op je eigen handelen. Een ander deel wordt geleerd door het lezen van artikelen en boeken. Een derde deel wordt geleerd door opleiding, college of gewoon op school. Dat laatste wordt gegeven door docenten, professoren en leraren die zelf een opleiding of studie hebben genoten.  
De kunst is om te leren vanuit een intrinsieke motivatie. Geprikkeld worden door nieuwsgierigheid en een onderzoekende houding aannemen en zelf leren erachter te komen. Dan is het rendement het grootst. Door oefenen, erover praten, interesse tonen, erover lezen of anderszins kom je steeds een stapje verder.

Verschillende mensen, verschillende manieren van leren.
Iedereen leert anders. De een leert door te luisteren, een ander door te zien en/of te lezen, een derde door ervaringen op te doen en te oefenen. We zien dit al bij jonge kinderen. Een van onze kinderen ging 20 keer stoepje op en stoepje af en leerde door vallen en opstaan. Onze derde zoon heeft een jaar lang het basketbalspel geobserveerd terwijl hij midden in het veld stond. Toen snapte hij het spel en speelde de sterren van de hemel.

Motivatie.
Nu is de vraag in het onderwijs hoe we leerkrachten, docenten, schoolleiders en alle andere medewerkers zo ver krijgen dat ze zich professionaliseren. Dan wordt het onderwijs beter en krijgen we betere resultaten bij onze leerlingen. 
Maar ja, hoe doe je dat en hoe zorg je voor de een goede (liefst intrinsieke) motivatie bij volwassenen?
Nu is er in den lande een verplicht schoolleidersregister en een (ook bijna verplicht) lerarenregister in het leven geroepen. Registreren is verplicht en het herregistreren na zoveel jaar ook. Ik heb mijn bedenkingen of dit de goede weg is om het onderwijs beter te maken. Een pilot is gestart met het schoolleidersregister. Aanvankelijk was ik enthousiast en nieuwsgierig genoeg om hier in te duiken en te ervaren hoe dit in zijn werk gaat. Herregistreren kan op drie manieren:
1. Een Master volgen
2. Formeel leren met 3 thema's in drie geaccrediteerde opleidingen
3. Informeel leren met 3 thema's en een check door twee andere schoolleiders en een goedkeuring van het schoolleidersregister.

Waarom vind ik dit geen goede manier?
- Alles wordt weer in hokjes geduwd en in lijsten gezet om zaken dicht te timmeren. Hiermee bereik je niet het uiteindelijke doel: beter onderwijs.
- Wie niet gemotiveerd is, gaat gewoon die lijstjes afwerken en zorgt dat hij/zij z'n punten/diploma's/of anderszins heeft om te herregistreren.
- Registreren heeft veel tijd gekost (bij mij duurde dit 9 maanden, omdat de opleiding die ik had genoten niet in het register stond) en nu moet je ineens binnen 4 jaar geherregistreerd zijn. Dat gaat een groot deel van de schoolleiders niet lukken. Wat gaat daarmee gebeuren? Ontslaan is geen optie, want zoveel directeuren/schoollleiders zijn er niet. Behoud de goede! Er stoppen er al genoeg. Het werk van een schoolleider is echt een intensieve.
- Met regels en lijstjes werk je fraude in de hand. Mensen zorgen dat het achter de rug is en kunnen zich weer bekwamen in het beroep zelf.
- Een Master volgen is leuk en leerzaam, maar zelf heb ik er al twee gedaan. Dan ga je dit niet snel nog een keer doen, het is behoorlijk intensief naast een fulltime aan. Bovendien is een derde Master volgen heel duur en dan is de 3000 euro niet toereikend. Geen optie dus.
- Geaccrediteerde opleidingen? Waarom is de ene wel en de andere opleiding niet geaccrediteerd. Wie bepaalt dat? Bovendien wordt gevraagd als ze niet op de lijst staan om deze aan te vragen. Maximaal 7 opleidingen kost dan 495 euro om dit te laten checken. Moet het niet zo zijn dat de opleiding die een bepaalde schoolleider past, dat die waardevol en zinvol is, omdat hij/zij bekijkt wat hij nodig heeft? Zelf wil ik graag een cursus 'flitsbezoeken', maar dit zal ongetwijfeld niet geaccrediteerd kunnen worden. Voor mij is het wel zinvol, omdat hier mijn leerpunt ligt.
- Informeel leren leek mij een goede optie, omdat veel in de praktijk wordt geleerd. Een ervaring rijker en een illusie armer door het falende systeem noem ik de volgende punten:
= te weinig interactie binnen de platforms Birdy en Curatr
= te weinig reactie vanuit schoolleidersregister op stellingen, discussies, themascan e.d.
= te weinig mogelijkheden om een fout te herstellen
= te lang wachten op een afspraak (het heeft bij mij 5 maanden geduurd)
= te weinig aanmeldingen (juni 2016 waren wij nr. 10, 11 en 12, terwijl vanaf 2013 het schoolleidersregister al in de lucht is)
= te veel focus op een methode: 'de ladder der gevolgtrekking', waarbij er meer naar de methode dan naar het geleerde gekeken werd, dit werkt heel frusterend
= veel te lange sessie van 5 uur op een plek die ver weg was (uur reistijd)
= te veel voorbereiding om ook te moeten verdiepen in alle documenten van twee andere schoolleiders
= direct de volgende dag een beoordeling schrijven en wanneer dit niet goed "navolgbaar" was en er niet goed te lezen was dat de betreffende schoolleider een "substantiële ontwikkeling" had doorgemaakt, werd deze afgekeurd. Beide termen zijn nietszeggend, maar ik kreeg het wel terug.
Kortom: De informele route is voor mij geen aangename inspirerende weg geweest om mezelf verder te ontwikkelen, het remt af en het frustreert. Dat is volgens mij niet de bedoeling.

Mijn conclusie:
Dit is niet de goede manier om te zorgen dat schoolleiders en straks ook leraren zich gaan professionaliseren. Wij zijn al gekwalificeerd. Houd het enthousiasme van die schoolleider vast. Elke schoolleider en elke leerkracht heeft andere dingen nodig en leert op andere manieren. Dat je moet bijblijven en moet blijven ontwikkelen, reflecteren op eigen handelen, doelen stellen en evalueren lijkt me niet meer dan logisch. De vraag is hoe en of we dit in een keurslijf moet gieten.
Schoolleiders beoordelen leraren. Bestuurders beoordelen schoolleiders. Laten we daar de ontwikkelingen in meenemen. Bereken dit niet door het aantal uren, aantal thema's of aantal masters, maar bekijk per persoon wat iemand nodig heeft en ga daarmee aan de slag. De een zal dit doen door een cursus op locatie, de ander via een platform en een derde door ervaringen te delen in directieberaad. Ook worden er door veel scholen en directies gezamenlijke onderwerpen aangepakt. Is dit niet gewoon genoeg?
Laten we stoppen met elkaar te blijven controleren en pak zelf je eigen verantwoording. Zo niet, dan wacht er een gesprek met je meerdere.

Tot slot:
Ik heb een hoop energie en enthousiasme in me om van de school een fijne plek voor leerlingen te maken en leerkrachten een prettige werkplek te geven. Leren van elkaar. Doelen stellen en zorgen dat we ons blijven ontwikkelen. Dit gaat samen met vele andere zaken die belangrijk zijn binnen het basisonderwijs. Denk breed en focus op bepaalde ambities. Dan houd je jezelf en de hele organisatie in een flow. We gaan ervoor, ik heb daar echt geen schoolleidersregister voor nodig.

maandag 9 mei 2016

Week uit het onderwijs deel 2 Maandag

Hoe je de dag ook voorbereid, onderwijs levert altijd onverwachte ontmoetingen, vaak aangename verrassingen en de dag is nooit dezelfde als de vorige. 

Als de wekker 's morgens zijn eigen deuntje laat horen na twee weken meivakantie, spring ik niet direct uit mijn bed. Toch duurt het niet lang. Was van plan te gaan fietsen. Wanneer ik in mijn zomerse kleren ben geschoten en alle schoolspullen heb verzameld, pak ik de goede sleutels, stap op de fiets zonder jas en beweeg me richting school.
Onderweg is het weer genieten van De Groenzoom, waarin minstens tien verschillende bloemsoorten te ontdekken zijn. De bankjes in dit gebied lijken op een muziekstandaard. In mijn gedachten zie ik iemand het natuurorkest al leiden. Gniffel.
Op school kom ik tot de ontdekking dat ik niet alle sleutels had gepakt. De schoolsleutels liggen nog in het laatje. Thuis. Via de ingang van de BSO kan ik naar binnen. Bij een goedemorgen naar verschillende collega's kan ik van de kleuterjuf een sleutel lenen om in ieder geval het kamertje binnen te komen. Een andere leerkracht stelt een vraag over een lespakket.
In het kamertje start ik de computer vast op.
Via het theekransje bij het kopieerapparaat loop ik naar de invaller van groep 6 om te zien of hij alles kan vinden. Terug pak ik een stapel post mee. De telefoon rinkelt, niet elk kind is uitgerust na de vakantie. Een kop thee als start van deze werkdag lijkt me prima. Als boven iedereen gegroet is open ik beide deuren en blijf bij de hoofdingang staan om alle ouders en leerlingen die deze ingang nemen te verwelkomen. Een kleine geheugentest. Ken ik alle namen nog?
Een glunderend gezicht van een meisje uit de kleutergroep, die een grote beker in haar hand heeft, vang ik op. Ik herken haar van de fietsversierwedstrijd die ze heeft gewonnen. Fantastisch.
Wanneer de bel van half 9 gaat laat ik nog snel een aantal laatkomers binnen alsof ik de deur bijna dichtdoe. Vervolgens pak ik de statafel uit de gang en een leerlingtafel die zijn blijven staan van de sponsorloop van voor de vakantie.
De school is begonnen en ieder kan zijn hart weer ophalen.
Een glaszetter komt langs en moet gewezen worden naar het raam dat nog steeds niet is gemaakt.
DHL komt langs om een zichtzending op te halen. Tja, die staat boven. Meelopen is de enige optie. 
Intussen bestaat de ochtend uit: Telefoontjes aannemen (verschillende ouders voor een afspraak, mensen die iets willen verkopen/aansmeren o.i.d.) mailtjes wegwerken die nog stonden te wachten op een antwoord of die erom vroegen om weggegooid te worden, drie flitsbezoeken, een vraag van een collega, de koffie die ik krijg, de stapel post (waarvan de helft in de papierbak verdwijnt), een vraag over de TSO van een ouder van een nieuwe leerling, bijwerken ziekmeldingen, bijwerken website. Halverwege de ochtend komt een leerkracht van de onderbouw over voetballers buiten. Ik loop mee en zeg dat daar niet meer gevoetbald mag worden i.v.m. de ruiten. Even doorlopen naar de leerkracht van die groep, zodat die het ook weet. Meteen even 5 minuten buiten staan in de zon, mmmm. Dan komt er een jarige langs, die natuurlijk niet alleen zijn traktatie komt uitdelen, maar ook wat uit de verjaardagspot wil. Hup, mee naar binnen, waar deze jarige gevolgd wordt door vier anderen. Dat lijkt veel, maar naast het feit dat het vakantie was geweest, zat er ook een tweeling tussen. 
Tussendoor loopt de onderwijsasistent langs die nog een brief moet ondertekenen. Geregeld. Check. Natuurlijk even vragen hoe het gaat.
Het jaarrooster van de CAO even goed bekijken, dan kan ik 's middags nog een vraag stellen aan de controller van Spectrum.
Aan het eind van de ochtend belt de zieke leerkracht dat hij weer mag bewegen, een beetje. Hij kan morgen worden gebracht en gehaald en samen met de stagiaire de klas draaien. Of ik de les even kan doorsturen. Tuurlijk.
Een ouder schiet nog om het hoekje door te zeggen dat haar kind toch nog ziek thuis is vandaag en bedankte me voor de snelle reactie (via Facebook Messenger). 
Tussen de middag staan er een aantal collega's met vragen over de schoolreis en over de openstaande schuur. Ik loop langs groep 6 of alles loopt. Vertel hoe Estafette werkt. Neem boeken mee en scan het werk in.
Dan is het etenstijd, al is de pauze al bijna voorbij. De schoolreiscommissie werkt hard aan de verdeling van de bussen. De leerkracht van de bovenbouw vertelt iets over de voorstelling van muzische vorming. De ramen in de teamkamer staan open. Heerlijk.
's Middags is er overleg over de op te zetten Prismaklas. Er worden afspraken gemaakt, taken verdeeld en puntjes op de i gezet. Na het overleg kan ik nog even sparren over de normjaartaak en de CAO. De uitwerking van het overleg en de afspraken kunnen worden verwerkt. Het is een mooi project.
Tussendoor komen er nog wat telefoontjes, het houdt op, waardoor er een aantal zaken nog niet uitgevoerd kunnen worden.
Een mailtje over rekenresultaten van een leerling uit groep 6 verdient aandacht. De resultaten zijn nodig en de meester is nog ziek. Ik zorg voor wat scans en licht de meester in. Hij komt immers morgen langs.
Nog even wat gegevens doorgeven op de tweede locatie. Een officiele afspraak maken met twee leerkrachten, waarbij de een ook zelf nog een vraag heeft over een opleiding. Dan kan de dag worden afgesloten.
Veel dingen zijn gelukt volgens planning, een paar dingetjes niet, maar die hadden geen prioriteit voor vandaag. Het is de kunst om hierin de balans te zoeken. Het hoeft niet allemaal vandaag af. Wat Moet Ik Nu Doen?
De vele bijzondere ontmoetingen met de diversiteit van alle leerlingen, ouders, leerkrachten en andere medewerkers geven een bruisend geheel. En dit is pas de eerste dag van de week.
Het is winderig buiten. In de zon fiets ik tevreden terug naar huis, opnieuw door De Groenzoom.





zondag 9 februari 2014

Afrekencultuur

De Cito-toets van groep 8 komt er weer aan. Zwetende kinderen, spanningen bij ouders, zorgen op school. Gaan de kinderen wel genoeg presteren? Komen ze straks op de goede VO-school terecht? Heeft de school het gemiddelde van de Cito-score wel gehaald? Je kunt immers zomaar zwakke school worden.

Het blijft een rare kwestie. De minister van onderwijs houdt van transparantie en het regeren op cijfers. Dat betekent toetsen afnemen, in kaart brengen wat kinderen gescoord hebben, klassengemiddelden berekenen en vervolgens horen of je zwak bent of niet.
Naast de Cito's is er ook een website opgericht om alle gegevens van een school open neer te leggen en wachten op een oordeel van buiten. De zogenaamde POvensters zijn in het leven geroepen. Nog iets wat de school moet gaan bijhouden, nog meer administratie.

Een leerling, een klas en een school zijn niet alleen in cijfers te berekenen of te beoordelen. Basisschoolkinderen leggen van 4 tot 12 jaar de basis om straks verder te kunnen ontwikkelen als volwaardige burgers in onze maatschappij. Dan is het ook belangrijk, dat je een ander kind helpt, je iets kunt presenteren, een verslag kunt maken, goed kunt communiceren en zelf leren hoe jij het beste kunt leren.
Moeilijk om in discussie te gaan met de minister van onderwijs en de strenge inspectie, die vooral focust op cijfers en scores. Wat als er een slecht bouwjaar tussenzit? 

Luister vooral naar het verhaal van de school. Wat doen zij voor hun leerlingen? Waar komen ze vandaan, wat gaan ze bereiken met kinderen en hoe gaan ze dit vormgeven? Welke acties voeren de leerkrachten uit om het doel te behalen. 
Het handelingsgericht werken waarin bekeken wordt wat kinderen nodig hebben is een mooie denkomslag. Gericht werken met een doel en een evaluatie per les. Maar ook het werken met een groepsoverzicht waarbij men ieder kind in beeld heeft is een prachtig streven. Dan weet je als leerkracht waar de accenten moeten liggen. Dit kind krijgt herhaling of makkelijker werk, dat kind krijgt iets meer uitdaging en weer een ander kind help je met een tafelkaart of een rustig plekje in de klas.
Het kijken naar resultaten is goed, als je weet waar een kind vandaan komt. Van daaruit kijken hoe een kind groeit in zijn vaardigheidsscores kan het kind en de leerkracht verder helpen.

Het moeilijke aan de discussie is, dat cijfers een school zwak of voldoende geven, terwijl dit gebaseerd wordt op alleen taal en rekenen. Kijkt men verder, dan ziet men vaak een hardwerkende school, die zorgt voor zijn kinderen. Kinderen die zich op allerlei gebieden ontwikkelen. Kinderen die op een school zitten met een prettig pedagogisch klimaat. Kinderen die gewaardeerd worden om wie ze zijn. Kinderen die serieus genomen worden.

Ergens op verbeteren kan altijd. Maar geef de school ruimte, lucht en ontspanning. Reken niet af op cijfers. Reken niet af op administratie. Kijk naar de school als geheel en zie hoe kinderen zich hebben ontwikkeld. 

zaterdag 13 juli 2013

Uitkijken naar de zomer(vakantie).

Hoe dichter de vakantie nadert, hoe meer men er behoefte aan schijnt te hebben. Al plan je alles nog zo goed, er lijken altijd nog zaken te zijn, die plotseling gebeuren, ook nog even moeten of er komen toch nog wat incidenten langs, die niet kunnen wachten. Ik zie het om me heen gebeuren, maar ervaar het zelf net zo.

Noord en Zuid Nederland heeft al vakantie. De één een week, de ander zelfs al twee weken. Midden Nederland, waartoe wij behoren heeft nog een week om alle zaakjes tot een goed einde te volbrengen. 
Het is een raar idee. Een deel van Nederland heeft al een derde deel van de vakantie erop zitten. Wij moeten nog beginnen.
Het lijkt altijd een psychologische reactie. Je weet dat het volgende week vakantie is, er staan nog een paar dingen op de rol, het is allemaal bijna afgerond, veel kinderen en leerkrachten zijn moe, de lontjes worden korter en het lijkt wel of men minder intensief alles tot zich neemt. Alsof je toe bent aan vakantie.
Tussendoor komen er toch nog onverwachte zaken, een ouder die langskomt, een kind die aandacht behoeft, een bestelling die niet klopt of een stroomvoorziening die niet geheel in orde lijkt. Ook willen sommigen ineens op het laatste moment toch nog iets voor elkaar krijgen, wat gewoon niet haalbaar meer is voor de vakantie. Nog snel iets geregeld willen krijgen of toch nog linksaf ipv rechtsaf slaan. 
Diep inademen, rustig uitademen. Prioriteiten stellen. Een planning maken. Wat moet nog gebeuren? Wat is ook nog meegenomen als dat ook nog gebeurt? Wat kan wachten? 
Het zijn allemaal logische dingen, die op elke school, in elk bedrijf en bij ieder mens in meer of mindere mate voorkomt. Het geeft ook niet, het komt (bijna) altijd goed.
Het gekke is, dat als dan de vakantie is begonnen, de uitputting een extra dimensie krijgt. Alsof er een berg beklommen is. Zo moe. Het kost een paar dagen om tot een acceptabel niveau te komen. Afkicken misschien. Dan pas is het echt vakantie en kun je de school echt even achter je laten. Rustig genieten van de vrije tijd. Niet op de klok hoeven kijken hoe het rooster van de dag eruit eruit ziet. Uitslapen. 
In de laatste week van de zomervakantie beginnen alle raderen te draaien en zijn we weer aanwezig op school. Klaarzetten, schriften schrijven, klas inrichten, dossiers op orde maken, gesprekken inplannen en noem maar op. 
Maar eerst genieten. Bijna vakantie. Heerlijk! Blik op oneindig en horloge in de kast.