On(der)wijs

Welkom op de pagina van onwijs onderwijs. Waarom onwijs? Onderwijs is boeiend en inspirerend, kinderen zijn uniek, elk kind is er een met een aparte gebruiksaanwijziging, elk kind heeft recht op zijn eigen onderwijsbehoefte in zijn eigen omgeving. Raakt u ook al in een flow van bevlogenheid? Op deze blog vindt u allerlei verhalen, beschouwingen en leuke anekdotes over het basisonderwijs in het algemeen. In het bijzonder over de mensen die hier direct of indirect mee te maken hebben: leerkrachten, kinderen, ouders, directeuren, (G)MR-, oudercommissies, ondersteunend personeel en externe instanties, die hiermee te maken hebben.







Veel plezier!







zaterdag 19 januari 2013

CITO en kwaliteit

De inspectie controleert een aantal CITOscores en de eindscore van groep 8. Daarop wordt een school beoordeeld of hij goed, matig of zelfs zwak is. Een zwakke school kan jhet schudden, want die krijgt extra toezicht. Is dat wel terecht? Een school beoordelen op de CITOscores?

Het is weer januari en de CITOtoetsen(de Midden versie) vliegen weer om onze oren, of eigenlijk om de oren van de leerlingen. De CITOeindtoets voor groep 8 volgt begin februari.
De CITO beoordeelt een aantal zaken. De kennis van taal, rekenen, begrijpend lezen en spelling. In de CITOeindtoets van groep 8 zit ook nog een deel informatieverwerking. Is hiermee een school in kaart gebracht? Voor de inspecteur zijn dit de belangrijkste cijfers.
Minstens zo belangrijk is, of kinderen met plezier naar school gaan. Voelen kinderen zich veilig? Hoe er wordt omgegaan met ongewenst gedrag. Worden kinderen die anders zijn geaccepteerd? Hoe wordt omgegaan met sociale vaardigheden? Worden kinderen gestimuleerd om zelfstandig te worden? Kunnen kinderen presenteren? Kunnen kinderen een goed verhaal op paier zetten? Hoe worden kinderen die opvallen extra begeleid? Welk taalgebruik wordt gehanteerd op school? Krijgen kinderen daadwerkelijk waar ze behoefte aan hebben?
Het zijn allemaal belangrijke items waarmee het rugzakje van een kind gevuld wordt en waarom een basisschool zich ook basisschool mag noemen. Dat is natuurlijk wel meer dan alleen de cijfers van de CITO. 
Nu kijkt de inspectie ook naar de zorgtaken binnen een school, het pedagogisch klimaat wordt meegewogen, en zo zijn er nog een aantal criteria waaraan een breed schoolonderzoek onderworpen wordt. Toch zijn de opbrengsten tussendoor en ook die van groep 8 wel doorslaggevend. Dat is niet geheel terecht.
Waarom niet? Allereerst vanwege de bovenstaande vaardigheden die kinderen ook behoren mee te krijgen als basis. Het heet niet voor niets basisschool. Maar ook omdat een deel geografisch bepaald is. Een school kan een langdurig zieke leerkracht hebben, waardoor het leerrendement stagneert. Er zijn scholen die zullen frauderen, waardoor eerlijke scholen er nog beroerder uitkomen. Als een schooljaar later begint scoort jouw groep (met name groep 3 is hierin vaak de pineut met het aanleren van de letter "f").
Wie bepaalt de norm van een CITOtoets? Heeft CITO de (onderwijs)macht in handen? Moet er echt getraind worden op CITOtoetsen?
Let wel, ik vind er niets mis met het toetsen om te bekijken wat de behaalde score is. Waar stonden we en wat hebben we bereikt.
Maar om scholen die hun stinkende best doen af te rekenen op cijfers en niet alle andere belangrijke zaken mee te nemen, vind ik een kwalijke zaak.
Het wordt tijd dat de aandacht weer terug gaat naar Het Kind. Hoe ontwikkelt dit kind zich, op deze school, bij deze leerkracht en in deze groep? Daar draait het om: het kind!

zaterdag 12 januari 2013

Voorlezen


Bijna iedereen doet het. Voorlezen voor kinderen, een stukje hardop lezen als je een mooi artikel vindt of zomaar als je moet leren voor een proefwerk. Maar waarom is voorlezen in het bijzonder voor kinderen eigenlijk zo belangrijk?

Is het niet geweldig om uw kind voor te lezen? Wat een plezier beleef je aan boeken! Je duikt in een andere wereld en intussen is het ook nog eens heel leerzaam.Voorlezen is namelijk niet alleen maar leuk en gezellig, verdiepend in andere dingen en informatief, het is belangrijk voor de ontwikkeling van het kind. Het prikkelt de fantasie. Kinderen beleven een verhaal. Bedenken een afloop. Voelen de spanning. Lachen om grappige teksten. Het stimuleert ook nog eens de taal- en spraakontwikkeling. Denk maar aan de zinnen die worden gevormd en die kinderen kunnen onthouden of later zelf ook gebruiken. Het is goed voor de sociaal-emotionele vaardigheden. Want wat maakt een kind allemaal niet mee in zijn leventje? Welke indrukken doet een kind op? Allerlei ervaringen kunnen worden verwerkt en begrepen. Wanneer regelmatig wordt voorgelezen, maakt het kind bovendien op een leuke manier kennis met de wereld van de boeken.

Even op een rijtje, waarom voorlezen zo belangrijk is:-Woordenschat wordt uitgebreid. Een kind leert steeds nieuwe woorden gebruikt in een verhaal of een gedicht. Hierdoor weet hij zonder uitleg wat die woorden betekenen en hoe hij deze moet gebruiken.-Luistervaardigheden worden gestimuleerd. Kinderen leren geconcentreerd naar een verhaal te luisteren en een beeld te vormen.-Goed voor het taalgevoel en taalbegrip. Kinderen leren hoe zinnen lopen. Hoe woorden gebruikt worden. Ze horen de intonatie van het verloop van zinnen. Een goede voorlezer gebruikt hierbij ook verschillend stemgebruik: hard en zacht, hoog en laag, langzaam en snel, zware stem en lichte stem.-Stimuleert de fantasie bij het kind. Het kind ziet een verhaal gebeuren en vraagt zich af hoe het afloopt. Een goede voorlezer vraagt dit ook aan zijn kind of aan een klas. Hoe zou het aflopen? Dit is ook weer goed om het gebruik van de taal te stimuleren.-Goed voor de sociaal-emotionele ontwikkeling. Een kind maakt een heleboel mee in zijn leven. Er kan een broertje of zusje worden geboren, er kan iemand overlijden, er kan iemand in het ziekenhuis liggen, huisdieren kunnen een rol spelen,de omgeving van het kind wordt groter, denk bijvoorbeeld aan strans, bos, stad, dorp, buitenland. Het kind leert omgaan met verschillende situaties en de emotionele waarden hiervan herkennen.-De leesmotivatie wordt gestimuleerd. Een kind dat veel wordt voorgelezen zal sneller zelf een boek gaan pakken zodra hij leert lezen. De nieuwsgierigheid wordt gewekt. Bovendien: zien lezen doet lezen. Een krant in huis is ook goed voor de leesstimulatie. Wat gebeurt er in de wereld? Een ouder die een krant leest geeft het goede voorbeeld.-Van begrijpend luisteren naar begrijpend lezen. Door verhalen die voorgelezen worden te leren begrijpen, zal een kind straks ook zijn eigen gelezen teksten beter leren begrijpen. Hij voelt goed aan hoe teksten zijn opgebouwd. Het leert wat voor soort teksten er zijn en hoe je die moeten lezen. Het leert hoe bepaalde woorden gebruikt worden om dingen uit te leggen, voorbeelden te geven, tegenstellingen te laten zien en argumenten te geven. In je hele leven hebben wij geschreven teksten nodig. Denk alleen al aan een gebruiksaanwijziging.
-Het leert welke boeken en onderwerpen leuk zijn en welke minder leuk. Het leert in te schatten of een boek goed is of minder goed. Het leert een smaak en interesse te ontwikkelen. Een kind leert zich te ontwikkelen tot een belezen mens.

-Plezier beleven en kennis verbreden. Een kind en ook volwassenen leren plezier te beleven aan het verdiepen in een boek. Of dit nou een literaire thriller is of een jeugdboek, een informatief boek of gewoon de krant.
-Specifiek voor kinderen tot 12 jaar is voorlezen belangrijk, omdat zij in hun taalontwikkeling nog zulke sprongen kunnen maken. Ook als een kind al zelf kan lezen is het belangrijk om te blijven voorlezen, want hun vaardigheid in het lezen is (ook al hebben ze al AVI 9 of AVI Plus) niet optimaal. De ervaring van teksten en inhouden blijven belangrijk, waar ze veel van kunnen oppikken. Daarnaast moeten we niet vergeten dat kinderen die al kunnen lezen, ook die gezelligheid van het voorlezen willen behouden en blijven leren van de intonatie.
Dus, lezen is een must. Voor iedereen! Veel leesplezier. Want niet alleen tijdens de nationale voorleesdagen is lezen belangrijk, niet alleen in het jaar van het voorlezen(2013), maar altijd en overal door iedereen! 

vrijdag 11 januari 2013

De leerkracht heeft kracht!

Kracht doet denken aan energie. Denk maar aan spierkracht, paardekracht of windkracht. Wat te denken van de zwaartekracht, die ons aantrekt tot de aarde? Maar wat betekent dan een leerkracht?

Het woord kracht straalt iets uit. Iets sterks en energieks. Een bepaalde aantrekking en sterkte van iets komt hiermee tot uitdrukking.
In het onderwijs is een bepaalde mate van denkkracht en daadkracht nodig om goed te functioneren. Naast alle andere competenties natuurlijk, maar er zijn krachten nodig. Pure kracht. Kun je dit ook allemaal op eigen kracht? Kun je als leerkracht in je kracht staan? 
Als leerkracht moet je wel in de kracht van je leven staan. Je moet er voor de volle 100% zijn, anders is het echt een zwaar beroep. Energiek, fit en jezelf goed verzorgen houd je zelf in die kracht.
Eendracht maakt macht, tweedracht breekt kracht. In een team is samenwerking belangrijk. Samen kun je meer bereiken, dan als je elkaar tegenwerkt. Leerkrachten in een school vormen een team en bundelen hun krachten. Want iedereen heeft zijn eigen kwaliteiten, zijn eigen kunsten en zijn eigen krachten. Die krachten samen zijn een mooi geheel in de school, waarin een team staat voor elkaar.
Kracht naar kruis. Een bijzondere uitspraak. Krijgt iedereen kracht naar kruis? Zorgt God ervoor dat ieder krijgt wat nog te dragen is? Dit vind ik wel een moeilijke. Het lijkt of de een toch meer te verwerken krijgt dan de ander. Bij de een komen meer ongelukjes voor, zijn meer ziektes in de familie, zijn meer problemen of minder werkmogelijkheden. Of hebben deze mensen minder kracht? Zijn ze minder krachtig? Meestal zie je het tegenovergestelde. Iemand die iets meemaakt wordt er sterker van.
In de Engelse taal zijn er vele vertalingen voor het Nederlandse kracht, misschien just omdat er in het Nederlands zoveel betekenissen zijn. Denk aan power, energy, resource, strength, force. Als je het over een enthousiaste leerkracht hebt, denk ik toch het meest aan power en energy. 
Het woord leerkracht bevat ook kracht. Het mooie hiervan is, dat deze kracht natuurlijk gewoon werknemer of arbeidskracht betekent, maar een tweede betekenis of misschien wel een derde er gratis bij kan krijgen. Een leerkracht moet namelijk wel genoeg energie bezitten om voor de klas te kunnen staan. De leerkracht heeft een bepaalde capaciteit,  met zijn invloed geeft hij daadkrachtige en scherpzinnige lessen. Zijn werklust heeft een bepaalde intensiteit waarin de zwaarte van het beroep zich uit in de dynamiek, maar getuigt van moed om dit beroep uit te oefenen.
Met terugwerkende kracht zou de leerkracht meer moeten verdienen. 
De leerkracht heeft een fysiek vermogen met een ruggengraat. 
Wie wil beweren dat een leerkracht het makkelijk heeft met zoveel vakantie? Dan heeft de leerkracht tijd om te ontspannen, relaxen, uitrusten, herstellen en op adem komen. Oftewel, op krachten komen. Zo heeft de leerkracht weer genoeg kracht om de denk- en daadkracht weer toe te passen in zijn handelen met de kinderen, waarbij de kracht, de energie, de sterkte wordt doorgegeven. Zo kunnen kinderen krachtig worden om straks op eigen benen te staan.
Kort en krachtig: De leerkracht heeft kracht!

woensdag 9 januari 2013

Wat is een goede schoolleider?

Wat wordt verstaan onder een goede schoolleider? Ben ik wel een goede schoolleider? Tweeënhalf jaar geleden heb ik de sprong gewaagd om vanuit het werk van leerkracht, RT-er, ICT-er en IB-er de stap richting het schoolleiderschap te maken. 

Binnen ons team van directeuren zie ik 9 verschillende mensen met een eigen stijl, een eigen school met een eigen populatie en grootte en eigen ontwikkelingen en doelen. Maar allemaal gaan ze voor hun eigen school, om daar iets moois van te maken. Daarin gebruiken ze hun eigen inzet en grenzen, hun eigen stijl en hun eigen mensen.
Vanuit de literatuur kun je verschillende dingen aanhalen, om te checken of iemand een goede schoolleider is. 
Zo moet (volgens de NSA) een schoolleider voldoen aan persoonlijke en organisatiecompetenties. Samengevoegd in 8 bekwaamheidseisen voor schoolleiders. 
Kort samengevat gaat het om:
1. Zelfbewust, reflecteren en ontwikkelen.
2. Denkkracht.
3. Visie en leer- en ontwikkelingsmogelijkheden creeren. 
4. Communiceren en relaties onderhouden (daadkracht).
5. Ontwikkelen, aansturen en begeleiden van het primaire proces.
6. Gezamenlijk visie op onderwijs, opvoeding en organisatie ontwikkelen.
7. Veilige, effectieve en efficiënte organisatie.
8. Actief samenwerken met de omgeving.
Daarnaast hebben we ook "De zeven eigeschappen van effectief leiderschap" van Stephen Covey, die samenvattend en enigszins overlappend met het voorgaande, zegt:
1. Pro-actief
2. Doelgericht
3. Prioriteiten stellen
4. Denk "Win-win"(voordelig voor beide partijen)
5. Eerst bergijpen, dan begrepen worden
6. Creatieve samenwerking
7. Hou de zaag scherp
Ook de manieren van leidinggeven komen voor in de literatuur. Volgens http://mens-en-samenleving.infonu.nl kun je de volgende manieren vinden:
1. laissez faire (laat maar gaan)
2. democratisch (samen, gekozen)
3. Leiding door de groep zelf
4. dictatoriaal (alleenheersend)
Of effectief leidinggeven, zoals EFFECt online via http://nsaeffect.nl aangeeft:
1. Visie gestuurd
2. In relatie tot de omgeving
3. Vormgeven aan organisatiedenken vanuit onderwijskundige gerichtheid
4. Strategieen hanteren tbv samenwerking, leren en onderzoeken
5. Hogere orde denken

Al deze lijstjes en er zijn er nog meer te noemen, als je leest over transformationeel leiderschap(beter als transactioneel), coachend leiderschap en dergelijke zijn handig. Toch dekt het niet helemaal de lading. Moeten leiders niet ook sociaal zijn, empathie kunnen tonen, afstand kunnen nemen, inspireren, tegen stress kunnen, je tijd kunnen indelen, en dan hebben we ook nog te maken met de leider als persoon/karakter en de leider en zijn omgeving. Wellicht zal er ook een verschil zijn in vrouwelijke leiders en mannelijke leiders.
Persoonlijk: Wat is jouw karakter en wat past bij jou? Waar kun je zelf achter staan? Waar voel jij je prettig bij? Welke school hoort bij jou en welke schoolleider past bij welke school? Welke stijl van leidinggeven hoort bij jou?
Omgevingsfactoren: De buurt waar de school staat, de achtergronden van de kinderen, wel of geen werkende ouders, wat is de opleiding van de ouders en het team van leerkrachten qua achtergronden, ervaring en leeftijd.
Wat is jouw invloed op de omgeving en wat doet de omgeving met jou als leidinggevende? 
Dit soort vragen kun je niet zomaar uit de literatuur halen. Je kunt hooguit bekijken in welke fase je zit, de leiderschapsstijl, tips om met veranderingsprocessen om te gaan. Je zit in een proces van leren en ontwikkelen. Blijf veel reflecteren. Leer van situaties en van anderen in dezelfde situatie.

Schoolleider zijn is een veelzijdig beroep. Misschien zelfs wel een roeping. Je wilt enerzijds doelgericht bezig zijn, veranderingsprocessen begeleiden, de school verder ontwikkelen en collega's stimuleren en inspireren tot de goede keuzes. Anderzijds heeft het alles te maken met een goede relatie, goede communicatie en informatiestromen, zowel intern als extern. Het grote geheel in het vizier houdend en de verantwoordelijkheid durven nemen.
Ik heb in de afgelopen tweeënhalf jaar al een heleboel geleerd, maar ik leer iedere dag weer bij. Geen dag is hetzelfde en ik verveel me nooit. Nu kan ik van mezelf zeggen dat ik een nieuwsgierige doener ben, enigszins digi-minded. Welke mogelijkheden zijn er op school om de kwaliteit nog beter te krijgen, maar wat niet ten koste gaat van het pedagogische klimaat.
Steeds meer bekijk ik dingen in een helikopterview, zodat je in de gaten houdt waarom sommige dingen wel of niet moeten of kunnen gebeuren. Het is een prachtige, bruisende en levendige organisatie. Ik geniet ervan. En als jij voelt dat je op de goede plek zit, jij daarin mag groeien, jij daarin een richting mag bepalen samen met de collega's, je leert te kijken naar wat je hebt bereikt en wat je volgende keer beter anders kunt doen, kun je jezelf verder ontwikkelen.
Het is bijzonder om dit werk te mogen doen. In dienst van wat nog steeds centraal moet staan: het kind.

zondag 6 januari 2013

2013

Getallen kunnen mijn aandacht trekken. Het onthouden van telefoonnummers en geboortedata gaan mij gemakkelijk af. Mijn moeder en mijn middelste broer hebben deze afwijking ook. Misschien hebben wij last van extracalculie. Geen idee. Wat kun je ermee?


Handig is wel hoor, het onthouden van getallen, het doorzien van getallenreeksen en de nieuwsgierigheid van getallen. Zo wekt ook 2013 mijn nieuwsgierigheid.
2013 is gewoon een getal tussen 2012 en 2014. 2012, ons wel bekend en het jaar 2014 ligt nog in de toekomst.
3 x 11 x 61 = 2013. In eerste instantie dacht ik nog wel dat 2013 een priemgetal was, me af laten leiden door 13, mooi niet dus. 2013 is deelbaar door 3, 11, 33, 61, 183 en  671. Niet alleen door zichzelf en door 1, zoals priemgetallen.
2013 is ook mooi omdat de cijfers 0, 1, 2 en 3 erin voorkomen, maar dan in een andere volgorde. Een ander getal dat je met deze vier cijfers in de 21ste eeuw kunt maken zijn 2031, maar dan moeten we nog 18 jaar wachten. Of we schieten door naar de 22ste eeuw met 2103 en 2130, maar dat overleef ik niet, misschien onze kinderen wel in hun laatste dagen.
13 is overigens wel een leuk getal. Voor sommigen overigens niet, bijgelovigen zeggen dat 13 een ongeluksgetal is. 13 is wel een priemgetal, maar ook een bakkersdozijn. Bakkers maakten - ik weet niet of het nog gebeurt - vaak 13 koekjes, een in reserve, zodat als er eentje mislukte, ze er toch nog 12 konden verkopen.
Wie in 2013 wordt geboren zou nog weleens het jaar 2100 kunnen halen. Maar de geboortedata van onze eigen kinderen, allevier tussen 1990 en 1997, zijn dan eigenlik veel leuker, want die zouden zo'n eeuwwisseling nog wel eens mee kunnen maken.
Nee, verder is 2013 niet echt spectuculair. De dertiende van de dertiende maand bestaat niet. Al bestaat de dertiende maand zelf weer wel, het extraatje, de eindejaarsuitkering.
In dat opzicht is 13 helemaal geen ongeluksgetal, maar juist een heerlijk meevallertje!
2013 heeft wel een eigen QRcode. Een code die met de telefoon is in te scannen. Grappig.
Als we van 2013 een bijzonder getal willen maken, zullen we daar zelf iets aan moeten doen. Wie weet gebeurt er iets waardoor 2013 de geschiedenisboeken inkomt met een bijzonder persoon of een prachtige uitvinding. We wachten het af en gaan er zelf gewoon een prachtig jaar van maken! 

donderdag 3 januari 2013

Bijzondere mensen 3: Collega's


Collega's zie je een groot deel van de dag. Met de een kun je overweg, met de ander niet. Professioneel gezien moet je met iedereen kunnen samenwerken. Lukt dat?

Collega's zijn belangrijk. Je deelt een groot deel van de dag met hen, misschien met sommige meer dan met menig gezins- of familielid. Dan is het toch erg mooi als het klikt of je in ieder geval een goede samenwerking kunt opbouwen.

In mijn schoolloopbaan zijn er verschillende collega's die een bijzondere bijdrage hebben geleverd aan mijn eigen ontwikkeling. Zo stond de directeur van mijn allereerste school ineens bij mij voor de deur om me welkom te heten. Met hem heb ik enkele groepen gedeeld als hij een ambulante dag had. In de begintijd had een directeur maar een dag ambulante tijd om de schoolse zaken te regelen. Hij was een geboren verteller en hield veel van geschiedenis. Hij stond altijd heel relaxed voor een hele aula vol ouders. 
Later had ik op deze school verschillende duopartners, omdat ik parttime ging werken. Een wat oudere vrouw is mij bijgebleven. Altijd positief, onopvallend, zachtaardig en opgewekt en vol bewondering wat collega's presteerden. Het gaf andere een stimulans.
Op een andere school had ik twee fijne ICTcollega's. Daarmee deelden we allerlei ICTweetjes, hadden we regelmatig overleg en stippelden we weer nieuwe lijnen uit. Ook hier leer je van elkaar. Je wordt nieuwsgierig naar nieuwe dingen.
Van verschillende duopartners leer je verschillende manieren van lesgeven of het leggen van accenten. Lesgeven kan een andere invalshoek krijgen. Verschillende leerkrachten geven verschillende instructies. Een goede leerkracht weet een kind zo ver te krijgen dat deze verder groeit, ontwikkelt en zijn zelfstandigheid stimuleert.
Van verschillende IBcollega's leerde ik veel door te doen en door te overleggen hoe het gaat binnen de zorg. Verschillende overlegvormen geven inzicht in de externe contacten. Met andere deskundigen praten over bepaalde zorgen in de school, kom je verder.
Als IB-er sta je dicht bij andere IB-ers en bij directeuren. Ook daarin heb ik mogen meekijken, ervaren, meepraten met pilots, veranderingen in gang brengen door verschillende studies, het bijwonen van conferenties. Ik heb bijzondere ervaringen opgedaan en zelfs ook lief en leed kunnen delen.
Liever noem ik hier geen namen, al zitten ze bij mij wel in mijn hoofd en denk ik, dat diegenen om wie het gaat, dit ook weten. Ze brengen iets in beweging.  Ze laten je mooie dingen zien en ervaren, ze praten MET je in plaats van OVER je.


Allemaal mooi hoe mensen en dus ook ik, kunnen worden beïnvloed door collega's. Meebewegen in het hart van een school als leerkracht, IB-er, ICT-er en nu als schoolleider.
Als het daarbij ook nog eens klikt, kan dat mooi meegenomen zijn, je werkt immers prettig samen. Het kan ook lastig zijn. Durf je wel alles te zeggen als een collega je na aan het hart ligt?Je blijft immers onderdeel van dat hele team. 
Nu als directeur staan alle beoordelingsgesprekken in de planning. Dan is een goede professionele houding gevraagd. Van zowel de leerkracht als de schoolleider. Je moet dan de duim omhoog kunnen steken op momenten dat je ergens trots op bent of als iets goed gaat. Je moet ook kunnen aangeven waar het een volgende keer beter kan en leerkrachten kunnen begeleiden en hen vertrouwen geven dat het inderdaad goed komt.

Het is en blijft een prachtig beroep om in te werken: Dingen voor elkaar krijgen, een plan trekken, bijsturen samen met collega's, je blijven ontwikkelen, nieuwsgierigheid bevredigen door verder te kijken, luisteren naar elkaar en goed communiceren.

Het werk in het onderwijs kun je niet alleen. Daarom zijn die collega's zo belangrijk. Natuurlijk ligt de een je beter dan de ander. Dat geeft niet. Zorg dat je respect toont. Iedereen is gelijk. Vertrouwen en samen bouwen. Vooral samen, je leert zo ontzettend veel van elkaar door naar elkaar te gaan kijken in de klas, door samen te overleggen, door samen zorgen te delen (bijvoorbeeld tijdens intervisiemomenten). Samen ben je een team!

dinsdag 1 januari 2013

Start

De start van een nieuw jaar, het jaar 2013, is begonnen. Wat gaat het ons brengen? Welk doel hebben we? Wat willen we bereiken dit jaar? Waar kunnen we van genieten? Wat staat ons te wachten? 

Start doet me denken aan het spel Monopoly, waarbij de start van elke ronde toch ook een klein feestje was. Bij passeren van de startplaats kregen we 200 euro. En dat was soms mooi meegenomen. Natuurlijk was er ook dat kaartje: "Ga direct naar de gevangenis, ga niet door start, u ontvangt geen 200 euro." Die was natuurlijk erg vervelend, zeker als je er al niet zo best voor stond.
Is de start van een nieuw kalender jaar ook een feestje waard? Of zijn wij bang om dat kaartje van de gevangenis te krijgen? 
Volgens veel mensen wel als je ziet wat er in de laatste dagen van een kalenderjaar allemaal wordt verkocht aan eten, drinken en vuurwerk.
Er wordt veel vuurwerk gekocht. Samenstellingen van papier, karton, metaal en plastic met brandbare stoffen en andere gassen om een knallend en/of lichtgevend effect te geven. Het meeste wordt afgestoken rond de klok van 12 uur. Een prachtig gezicht. Een traditie, waarvan de oorsprong ligt in China om de boze geesten te verdrijven. Bij ons is het alleen voor plezier en het inluiden van een nieuw jaar.
Er wordt ook veel eten verkocht. Lekkere hapjes, heerlijke ingrediënten voor de meest exclusieve maaltijden. En natuurlijk worden er oliebollen en appelbeignets gekocht of zelf gemaakt. De oorsprong hiervan ligt bij de Germanen, die (alweer) boze geesten tevreden wilden stellen. Ook dit is een oude traditie, die wordt voortgezet, gewoon omdat het gezellig en lekker is.
Champagne of Glühwein is een traditie die met oudjaar of andere feesten wordt genuttigd. Niet mijn favoriet, want ik houd in het algemeen niet zo van alcohol. Geef mij de kinderchampagne maar, gewoon appelsap met bubbels.
Steeds vaker springen mensen in de koude zee en is de zogenaamde nieuwjaarsduik geboren.
Er zijn nog meer tradities te noemen, zoals bijvoorbeeld de kerkgang en het lezen van psalm 90. Waarbij ik zo vrij ben om er een hoopvol stukje uit te halen: 'Overlaad ons met uw liefde, iedere morgen opnieuw; dan kunnen we juichen en blij zijn, iedere dag opnieuw.'(vers 14) 
Laten we ook de nieuwjaarskaarten en nieuwjaarsrecepties niet vergeten. Zonde van het geld of toch een prettige manier om met elkaar in contact te blijven?
Na al deze tradities gaat het leven weer beginnen. We maken weer een nieuwe start.

In het onderwijs zijn de maanden januari en februari de maanden van lekker hard kunnen werken. Iedereen is gewend in zijn klas of groep. Docenten kennen de leerlingen. Collega's weten wat ze van elkaar kunnen verwachten. Er zijn geen festiviteiten of andere zaken die tijd opslurpen. 
Na de kerstvakantie kunnen we er weer tegenaan. Met frisse zin. Uitgerust (als het goed is...) en alles weer geordend (want daarvoor worden de vakanties vaak gebruikt).
Wat zou het mooi zijn als we in het onderwijs eens langs de start van het Monopolyspel konden lopen en zo eens een extra impuls kunnen geven aan ICTlicenties, extra kleutermateriaal, mooie leesboeken voor de bibliotheek of een extra onderwijsassistent in de school. 
Dat is er niet, maar daarom niet getreurd. Onderwijsmensen kunnen heel creatief zijn. Een leerkracht kan prachtige verhalen vertellen, goed uitleggen, boeiend zijn en zou ook met een krijtbord een goede les kunnen verzorgen. De echte onderwijzer neemt iets mee om te laten zien, is enthousiast, geniet van de leerzame momenten van de kinderen en van haar- of hemzelf. Dan is elke dag een nieuwe start met nieuwe kansen.
Onderwijs is geen spelletje, zoals Monopoly, maar gewoon het echte leven, waar mensen en kinderen met hart en ziel heel veel leren van elkaar, steeds opnieuw.

zaterdag 29 december 2012

Digitaal verkeer 2: Technostress in het onderwijs

O jee, opgepast: Mogelijke stressverschijnselen door al het digitale verkeer via mobiele telefoon, Ipad, minilaptop of ander digitaal instrument waarop e-mail, Facebook, Twitter, LinkedIn, Whatsapp of Hyves te installeren zijn. Op ieder moment van de dag bent u oproepbaar. Op elk moment kunt u even checken. Een trilsignaal of belgeluid haalt u uit de dagelijkse wereld en trekt u zo het digitale wereldje in. Een nieuw woord is geboren: technostress.

Is het erg dat u oproepbaar bent? Kunt u een halve dag zonder uw mobiel? Wat doet u in het weekend? Bent u onmisbaar?
Een echte workaholic zal de laatste vraag waarschijnlijk met "nee" beantwoorden. Echter... Iedereen is vervangbaar. Ook al heeft u nog zo'n belangrijke functie en bent u zo'n belangrijke schakel in uw werk. Ja, ook u. En ja, ook ik.
In de wereld van nu is de computer en al het digitale verkeer niet meer weg te denken. Nieuws verspreid zich razendsnel. Mailtjes stapelen zich op in uw mailbox. De telefoon rinkelt of trilt. Facebook staat bol van allerlei wetenswaardigheden. Twitter meldt leuke en minder interessante feitjes. Wie volg je wel en wie volg je niet.

Het gaat er nu om of we ook in het weekend en 's avonds moeten doorwerken? Blijft u 's avonds ook checken? Blijft u steeds maar bezig met uw werk? In sommige bedrijfstakken zal dat zeker nuttig zijn. Als ik denk aan de politie of de verzorging, dan gaan dingen door.

In het onderwijs kun je veelal af met ingeplande tijd. Maar dat moeten we wel afspreken met elkaar en leren. 
Bij ons op school hebben we ook geconstateerd dat de hoeveelheid mail groter en groter wordt en dat dit voor sommigen de werkdruk aanzienlijk kan verhogen. Het heeft ons als teamleden onderling, maar ook naar de buitenwereld (lees: ouders) aan het denken gezet. Moet alles worden gemaild? Hoeveel kun je samenvoegen tot 1 mail of de nieuwsbrief of de interne memo? Hoeveel informatie zet je op de website van de school of geef je in 1 keer door? Is er bewust gekozen voor een spreiding? Het zijn vragen waar je niet altijd een klinkklaar antwoord op kunt geven.
Er zijn wel een paar afspraken. In het weekend wordt in principe niet gemaild. Het aantal mails naar ouders wordt beperkt. Pas op voor "all reply", je hoeft immers niet altijd naar iedereen een mail te bentwoorden. En zo kan ik er nog wel een paar bedenken. Maar daarmee ben je er nog niet.
Zo kun je ook naar je eigen gedrag kijken wat betreft mail, en laat ik dan gerust bij mezelf beginnen. Beantwoordde ik in het verleden direct alle mail die binnenkwam, stel ik dit nu gerust een dag of meerdere dagen uit. Zeker als het niet belangrijk is. Soms kun je een mail ook aannemen en verwijderen, niet alle mail hoeft beantwoord te worden. Zeker niet een mail ter info of die jij cc. hebt gekregen.
Zelf vind ik het wel prettig om regelmatig even te checken of er iets bijzonders is en dat heeft niets te maken met onmisbaarheid. De collega's weten, dat als je me direct wilt bereiken, je gewoon moet bellen, net als een ziekmelding overigens.
Naast deze technostress is het via internet een mooie bijkomstigheid om jouw school op de kaart te zetten. Met een eigen Twitteraccount, een eigen Facebook en een mindergebruikte Hyves laat je jezelf zien. Je kunt je als school profileren. Bovendien leer ik als beheerder van deze accounts de ouders en de kinderen kennen, ook op een andere manier. En dat levert mij weer een stukje werkplezier op.
Mocht je daarbij zelf ook deze kanalen gebruiken, wees daar dan weer voorzichtig mee. Houd werk en prive gescheiden. En wees je bewust wat je op het internet zet. Iedereen kan het immers lezen.
Om nu te zeggen dat ik last heb van technostress? Nee, ik niet. Mijn omgeving hier thuis heeft er wel last van. Nee hoor, ze hebben geen last van hun eigen mobieltjes of computer. Ze hebben last van hun onbereikbare  vrouw/moeder die toch nog regelmatig thuis zit te werken. Ook daarin valt dus nog een slag te slaan. Maar ja, hoe zullen we dat noemen? 

Een nieuw begin.

Het einde nadert, zeiden de Maya's over de datum 21 december 2012. Inmiddels zijn we ruim een week verder en kunnen we, gelukkig, nog ademhalen en navertellen dat het einde van de wereld nog niet is gekomen.
Met 29 december op de kalender nadert wel het einde van het jaar 2012. 

Allerlei jaaroverzichten en belangrijke gebeurtenissen worden naar boven gehaald en opnieuw afgespeeld. Kranten staan bol met belangrijke data en alle ingrijpende gebeurtenissen van het afgelopen jaar. 
Inderdaad heel bijzonder om te zien wat 2012 ons aan geschiedenis heeft opgeleverd. Bijvoorbeeld hoe de politiek dit jaar een rol heeft gespeeld, zowel hier in Nederland als in Amerika. Of hoe de eurozone en de crisis menig leven heeft veranderd. Hoe Epke Zonderland zijn geweldige prestatie liet zien op de Olympische Spelen. En zo zijn er nog veel meer mooie momenten te noemen. Algemeen bekende gebeurtenissen, maar natuurlijk ook gebeurtenissen die voor jou persoonlijk van grote waarde zijn. 
Terugblikken is prima, terugkijken op mensen die zijn overleden heeft iets verdrietigs. Denken aan hun goede daden is plezierig. Mooie herinneringen ophalen is natuurlijk fijn. Denken aan die fijne man, vrouw of kind is prettig en goed. Je mist deze persoon immers, soms zelfs nog iedere dag.
Je kunt het terugblikken op het jaar 2012 ook omdraaien. Terugkijken op mensen die dit jaar, soms zelfs ondanks alles, (nog) bij ons zijn. Ik heb bijvoorbeeld een collega waarbij borstkanker werd geconstateerd dit jaar. Hoe geweldig is het om te zien, hoe zij na alle kuren en bestralingen opkikkert en straks weer mag reïntergreren. Wat fijn dat zij er zo open over is naar ouders en collega's. Of mijn ouders van 87 en 89 jaar, die nog altijd samen zijn, genieten van hun kinderen, aanhang, kleinkinderen en (inmiddels) zes achterkleinkinderen. Van Nelson Mandela die weer uit het ziekenhuis is gekomen. Of een vrouw van een collegadirecteur die na een mislukte operatie weer naar huis mocht. Hoe fantastisch is het dat wij gezegend zijn met vier gezonde kinderen? Alle kinderen die zijn geboren in 2012. Hoe fijn is het dat een collega zwanger is en haar kindje kan verwachten in 2013? 
Hoe mooi is het om mensen andere keuzes te zien maken in hun leven. Een andere wending kan een een mooi begin zijn van iets nieuws.
Wij mogen blij zijn met het leven, dat wij hebben gekregen. We zullen daar zelf iets van moeten maken. Keuzes maken en een andere weg inslaan kan daarbij helpen. Een leven waarin we, door ook nare gebeurtenissen te ervaren, juist van de mooie momenten kunnen genieten. Laat de zon schijnen en de schaduw verdwijnen.
Zou het niet mooi zijn om na elke teleurstelling, tegenvaller, tegenslag of treurige ervaring gewoon even te zeggen: We maken een nieuwe start, een andere keuze, een nieuw begin of we slaan een andere weg in. En dan is de wisseling van een jaar een goed moment om de oliebollen en de appelflappen er lekker bij te pakken, het glas champagne te heffen en te zeggen dat die nieuwe start nu begint. Een heel goed, gezond en zonnig 2013!

vrijdag 28 december 2012

Al onze medewerkers...

Hoeveel mooie wensen heeft u gehad dit jaar? Van bedrijven, familie en vrienden krijgen we een berg kerstkaarten en wensen. We doen er zelf even hard aan mee.

Stel dat je niet mee zou doen. Geen bergen kerstkaarten schrijven. Het doorbreken van een traditie zou een hoop kaarten en postzegels schelen. Hoewel, je kunt altijd nog een digitaal alternatief kiezen.
Zouden we het niet gaan missen? Is het niet een traditie die we graag in stand houden? Het kaartje dat je krijgt van die tante die ver weg woont. De uitnodiging die je krijgt voor een nieuwsjaarsborrel. Het zijn allemaal contacten, die we als mensen maar al te graag in stand houden. Als dat moet op deze manier, dan is daar niets mis mee.
Het is natuurlijk niet leuk als je aan het lijntje wordt gehouden door prachtige kerstkaarten en nieuwjaarswensen. Mensen die denken vrienden te zijn en je ieder jaar weer een kaart sturen en er natuurlijk ook een terug verwachten. Vervelend als je de kerstdagen als verplicht nummer ziet en er niet meer van kan genieten. Dan moet je misschien wel iets veranderen aan jouw eigen traditie. Een verandering die ligt in jouw lijn en waar je zelf wel achter kunt staan. Iedereen kan immers zijn eigen gevoel daarin leggen. Waar voel jij je goed bij.
Sommige dingen zijn moeilijk te veranderen. De tante die het zo heerlijk vindt om van jou een kerstkaart te krijgen gun je toch gewoon die kaart? En waarom zou je de familie in Australië niet gewoon een kaartje sturen met de intentie dat je ze echt niet vergeten bent?
Anders is het als je in deze laatste dagen nog een bedrijf probeert te bellen, waarbij vele medewerkers vakantiedagen hebben opgenomen. Steevast volgt er een bandje: "Al onze medewerkers zijn in gesprek, u wordt zo spoedig mogelijk geholpen." En dan heb je nog geluk, dat je niet eerst een heel keuzemenu voor je krijgt. Wilt u dit, toets 1, wilt u dat, toets 2, wilt u zus, toets 3 en wilt u zo, toets 4, wilt u terug naar het hoofdmenu, kies 9. Om gek van te worden. Vaak worden de bandjes continu herhaald. En dan is het nog maar de vraag of je echt iemand van dat bedrijf aan de lijn krijgt of een werknemer van een callcenter.
Nee, dan zijn die nieuwjaarskaarten echt niet erg om te sturen en al helemaal niet om te krijgen. Het levert een glimlach op, soms wat nieuwsgierigheid. Dit jaar kreeg ik er zelfs, naast de gebruikelijke nieuwjaarsreceptie van het werk, twee met een uitnodiging. "Zullen we weer eens wat afspreken?" Erg leuk. Het geeft meer dan alleen de aandacht voor mensen, het opent nieuwe deuren, nieuwe mogelijkheden en nieuwe contact. Dan kunnen nieuwjaarskaarten weer een bijzondere verandering teweeg brengen. 
Wellicht heeft jouw eigen werk of bedrijf ook een intentie met de nieuwjaarsreceptie. Al onze medewerkers zijn in gesprek met elkaar om er weer een fantastisch jaar van te maken. Komt u ook? Ook u hoort daarbij en bent van harte welkom.
Een gelukkig nieuwjaar!