On(der)wijs

Welkom op de pagina van onwijs onderwijs. Waarom onwijs? Onderwijs is boeiend en inspirerend, kinderen zijn uniek, elk kind is er een met een aparte gebruiksaanwijziging, elk kind heeft recht op zijn eigen onderwijsbehoefte in zijn eigen omgeving. Raakt u ook al in een flow van bevlogenheid? Op deze blog vindt u allerlei verhalen, beschouwingen en leuke anekdotes over het basisonderwijs in het algemeen. In het bijzonder over de mensen die hier direct of indirect mee te maken hebben: leerkrachten, kinderen, ouders, directeuren, (G)MR-, oudercommissies, ondersteunend personeel en externe instanties, die hiermee te maken hebben.







Veel plezier!







maandag 31 december 2018

Een spetterend onderwijsmoment


Het borrelt, begint te bruisen en dan gaat het spetteren, soms knetteren. Nee, het is geen goed georganiseerd waterfestijn op het plein in de zomerperiode. Ook geen overheerlijk goedgevulde BBQ met collega’s. Ik ben op weg. Samen met de collega’s ben ik op weg naar ... Ja waarheen eigenlijk. Die stip op de horizon is nog niet zo helder. Het is de koers van de stichting. Koers22. Maar dan? Waarheen leidt deze weg?

Koers22 is een richting die het huidige onderwijs tegen het licht houdt en bekijkt wat wij denken dat leerlingen van onze school nog meer nodig hebben straks als zij de maatschappij in gaan. Daarbij blijft - naar mijn bescheiden mening - kennis op een basisschool centraal staan. Evenals instructie aan alle leerlingen. Toch moet er niet alleen gestampt worden. Laten we kinderen niet zien als een blanco papiertje waarop we van alles kunnen schrijven. Of beter gezegd, een geformatteerde iPad of tablet waarin de apps nog moeten worden gedownload en waarin leerlingen hun werk kunnen opslaan. Maar wat dan wel?
Allereerst leren we leerlingen met de kennis die ze hebben verwonderen. Kijk eens om je heen (mooie titel van een lied van Hanna Lam). Wat is er in de wereld te zien? Hoe mooi, hoe bijzonder is het om ons heen, samen met anderen? Leren ontdekken.
Naast kennis gaat het nu ook om vaardigheden, waarbij leerlingen niet alleen leren samenwerken, presenteren en op een podium staan. Zij gaan zich ook leren afvragen waarom dingen zijn zoals ze zijn. Leren onderzoeken.
Naast het onderzoeken, zullen er ook vragen tevoorschijn komen, waarop we (alle mensen in de wereld) nog geen antwoord hebben. Neem bijvoorbeeld de plastic soep in de oceanen, maar nu vooral de opwarming van de aarde. Door onderzoek (n.a.v. data) is geconstateerd dat dit problemen oplevert. Hoe kunnen we dat aanpakken. Het is mooi om leerlingen al mee te nemen in onderzoek en het oplossen van problemen. Leren ontwerpen.
Deze drie dingen zijn een weg die we leerlingen willen leren, maar we ook zelf nog mee stoeien. Onze taak als leerkracht is immers lesgeven en kennis overdragen. Natuurlijk lieten we leerlingen genieten, samenwerken (coöperatieve werkvormen), presenteren (boekbeurt), in aanraking komen met concreet materiaal en proefjes doen. Dit gaat nog een stapje verder.
Leerlingen stimuleren om na te denken, zich zaken af te vragen waarom, ze laten nadenken over een bepaald probleem en zich vastbijten in zo’n probleem.
Dit alles begint natuurlijk bij de leerkracht die hiervoor faciliteert, ruimte geeft, loslaat en zaken laat gebeuren. Maar wat bied ik de leerlingen?
En dat is nu precies wat er gebeurt op school. Het bruis, spettert, maar het knettert ook. Hoe dan? Waar moet ik beginnen? Wat geef ik ze wel en wat niet?
Met allerlei voorbeelden zijn we op weg. Met het delen van ervaringen laten we lessen zien aan elkaar. Met zoeken op internet bekijken we inspirerende lessen. Het borrelt in onze hoofden. Begint het al te bruisen?

Die struggle, deze weg met hoge en lagere hobbels, verrassende zijwegen, geopende bruggen en af en toe donkere doodlopende weg zijn we (het team op onze school) ingeslagen. We gaan de goede kant op. Het proces is in werking. Ons eigen onderzoek naar ontdekkend, onderzoekend en ontwerpend leren is gestart. De koers is nog niet helemaal uitgestippeld, maar begint vormen aan te nemen, waar we ons aan vast kunnen houden. Dat willen de collega’s graag, houvast.
Een prachtige visie om met elkaar die weg te berijden. Een richting. Een koers. Koers22. We hebben dus nog even de tijd en onze leerlingen ook. We zetten onze reis voort, in 2019, 2020, 2021 en 2022.


Opgestuurd in opdracht van Onderwijskoppen via Lizette Mijland. Zie www.onderwijskoppen.nl



woensdag 5 december 2018

School zijn in een complexe wereld


"Een kind van nu krijgt per dag evenveel prikkels als een mens in zijn hele leven ten tijde van de middeleeuwen." Dit was een zin op een sticker van ‘Onderwijs maak je samen’. De sticker, die ik acht jaar geleden over de post kreeg, heb ik op school op het personeelstoilet met dezelfde kleur blauwe tegeltjes geplakt. Het houdt mij nog steeds bezig. Of het waar is, is niet wetenschappelijk onderzocht. Er zou zomaar wel een kern van waarheid in kunnen zitten, gezien de informatie en communicatiestroom die op ons af komt.


De wereld van nu is voor ons en voor onze leerlingen ingewikkeld en complex. Er komt veel op ons af. Onderwijsvernieuwingen wisselen elkaar snel af. Informatie stroomt onze scholen binnen. Communicatietechnologieën in de vorm van een digitaal netwerk zijn niet meer weg te denken.
De natuurkundige Mieras (Schooljournaal, 24 november 2018) vertelde dat niet informatie, maar nieuwsgierigheid, verwondering en zelfvertrouwen de basis zijn voor kennis. Kennis is niet onbelangrijk. Ontdekkend, onderzoekend en ontwerpend leren helpt om nieuwsgierig te zijn, je dingen af te vragen en te onderzoeken hoe iets zit. Er kunnen uitdagingen zijn, die oplossingen vergen waar je met elkaar naar zoekt. Daar heb je dan wel weer kennis voor nodig.
Een complexe wereld waarin wij leven maakt het voor leerlingen en leraren niet eenvoudiger om onderwijs te geven en te ontvangen. De rol van leraren en leerlingen is aan verandering onderhevig. Wat is belangrijk en wat niet? Hoe pak ik het aan, als leraar en als leerling? Een onderzoekende houding. Nieuwsgierigheid tonen. Verantwoordelijkheid nemen. Reflecteren op eigen handelen. Het zijn zomaar een aantal vaardigheden die belangrijker worden in het leren van nu voor later.
De complexiteit schuilt ook in een wereld die snel gaat door internet. Die niet altijd waarheden laat zien. We weten veel van allerlei landen en continenten. Doordat we veel weten is het veel lastiger om te filteren en prioriteiten te stellen. Ook omdat we niet alles (kunnen) weten. We hebben wel overal een mening over.
Transparantie en efficiëntie vieren hoogtij. Alles zichtbaar voor iedereen, overal verantwoording voor afleggen en alles wel zo effectief mogelijk.
Deze complexiteit van een snelle wereld kent ook een keerzijde. Mensen kunnen deze tijd niet bijbenen. Ik zie het ook bij mezelf. Ik word ingehaald door jongere collega’s. Ik leer van hen, maar zij leren ook van mij. Stress en het druk hebben is echt iets van deze tijd. Elke minuut moet nuttig worden besteed. Stress is helemaal niet erg, als er maar ruimte is om van die stress te herstellen. En juist dat lukt niet altijd: door het gehaast zijn, door vluchtig veel dingen gezien te hebben, door de snelheid van tijd en veranderingen, door veel berichtgeving en door een grote verwachting te hebben dat iemand zijn e-mail al heeft gelezen binnen een uur. Het lukt niet of we willen niet onderdoen voor een ander.

Zorg in deze vluchtige, snelle tijd ook voor rust. Geniet van de natuur. Leef bewust en niet gehaast. Beleef hetgeen jij belangrijk vindt. Het zorgt ervoor dat je in evenwicht blijft. Samen een school zijn. Luister naar elkaar. Probeer elkaar te begrijpen. Ervaringen van liefde, respect en vertrouwen. Want daar gaat het om in ons leven. Het aangaan van de relatie met anderen. Er zijn en gezien worden. Dat willen we doorgeven aan onze leerlingen.





vrijdag 23 november 2018

Schoolleider vraagt aan de Sint ...

Geachte minister van OCW en leden van de Tweede Kamer,

Om uw aandacht te vragen
en met mails te plagen
wil ik u opvrolijken met dit gedicht.
Het verantwoordelijke werk,
wat ik in mijn takenpakket merk
is als schoolleider zeker niet licht.

Een onderwijsvisie bepalen,
De leerkrachten erbij halen
Samen een mooie school, heel knap.
Een krachtig samenspel creëren
Samen werken en leren
Professionele leefgemeenschap.

Het sturen van onderwijskwaliteit
vraagt om een gedegen beleid,
didactisch en pedagogisch onderbouwd.
Veranderingsprocessen
worden met veel vijven en zessen
door alle personeel rond gesjouwd.

Klassenbezoeken inplannen
Leerkrachten en lessen kennen
Feedback geven aan hen en aan elkaar.
Aansturen specialisten
We laten ons niet kisten
Een mooie ontwikkeling ligt klaar.

Leerlingen begeleiden
Kinderen motiveren en verleiden
Onderwijsbehoefte in kaart gebracht 
Arrangementen organiseren
Met wie en waar kan de leerling leren
Elke leerling, ieder perosoneelslid in zijn kracht

Financieel beleid voeren
Keuzes maken en niet koeren
Bijblijven op het snelle digitale gebied
Zoeken naar de beste strategieën
Methodes, meubilair of ICT allergieën
De school regelt alles, of niet?

De sleutel in zo'n mooie vloot
is een verantwoordelijke duizendpoot
Met plezier sta ik in beleid en in de klei
De kapitein van het prachtige schip
Houdt koers, kent alle leerlingen maar bijt op haar lip
Een waardering (goede salariëring) hoort daarbij.

Tot slot vraag ik u allen hierbij
Een schoolgemeenschap met een toekomst dichtbij
Vraagt om verantwoording, visie en duidelijkheid
Investeer in al deze mensen
Met grote en kleine wensen
Het belang hiervan bevordert de onderwijskwaliteit.

Een enthousiaste hardwerkende schoolleider

zondag 11 november 2018

Energie in je werk


De media staat vol met artikelen over duurzame energie. Van verschillende energiebronnen. Van mogelijk manieren om ons te voorzien van voldoende stroom om te kunnen doen wat we willen doen. Zeker nu andere bronnen uitgeput raken is de vraag weer groter dan een tiental jaren geleden. Die duurzame energie geldt ook voor onszelf. Want wij moeten goed voor onszelf en de ander zorgen.

Het welbevinden in het werk, maar ook als leerling op school, als lid binnen een gezin of als lid van een kerk is een van de belangrijkste dingen. Wanneer jij je goed voelt, levert dat energie. Verschillende invalshoeken om vanuit energie te denken, te werken, te leven en te ervaren wil ik hier met u delen.

Zelf kocht ik in een periode dat mijn balans niet helemaal op orde was het boek “Gelukkig werken” ((Hamburger & Bergsma, 2011). Hierin kun je bewust werken aan je eigen geluk in je werk. Het helpt je om te gaan met gedachten, het leert je ontspannen en het leert je te kijken naar jezelf. Hoe sta ik zelf in het leven en hoe kan ik hier verandering in brengen. Leren kennen van jezelf. Uit ervaring kan ik zeggen dat mindfulness en yoga hier ook zeker aan kunnen bijdragen. Het brengt je eigen lijf tot rust. In een hectische (digitale) tijd van nu is dat een welkome afwisseling.

Ook de “ABC van de persoonlijkheid” (Seiwert & Gay, 2013) geeft inzicht in verschillende soorten mensen, met verschillende rollen en eigenschappen. Hoe zorg je ervoor dat dit prettig met elkaar samenwerkt. De emotionele intelligentie speelt een rol in de interactie tussen mensen. Het is goed om elkaar hierin te leren begrijpen. En waar nodig uiteraard bij te stellen. Kijken naar de ander is makkelijker dan kijken naar je zelf. Houd zelf die spiegel ook voor. Niemand is perfect.

Ik las ooit in het een boekje “Passie, energie en prestatie” (Wingerden & van de Laak, 2012) over de bevlogenheid en zingeving, waarbij gewerkt wordt aan duurzame inzetbaarheid. Hierbij hebben we anderen nodig, maar leer ook vooral kijken naar jezelf. Zelfreflectie. Er moet een goede balans zijn tussen taakeisen en energiebronnen. Hierbij gaat het om een takenoverzicht, jouw sterktes, drijfveren en passie, het samenvoegen van taken met jouw passie en tenslotte wat jij daarmee doet in je werk. Dit geeft voldoening in wat je doet.

Laatst hadden wij op school een studiedag met het hele team, waarin de kernvraag : Hoe kunnen wij onze ambitie, onze communicatie, het samenwerken en als team zo functioneren dat dit professioneel, gezond en gelukkige mensen oplevert. En hierbij gaat het om de verbinding met elkaar. Waar staan we voor? Wat willen we bereiken? Hoe willen we met elkaar omgaan? Een prachtige basis, een generator, om de energiestand hoog te kunnen zetten. Met waarden en normen die je samen afspreekt.
                                                        - - - - - - - - - -
Al deze invloeden zijn bouwstenen om te zorgen dat de energie blijft stromen in een werkomgeving, waar de waan van de dag ook voorbij komt. Houd de grote lijnen in de gaten. Houd de mensen in de gaten. Peil leerlingen, maar zeker ook leerkrachten. Zij doen ertoe. Wat is hun bijdrage? Wat gebeurt er met de personen zelf? Hoe komt dit tot uiting in het werk?

Duurzame energie is investeren in mensen. Luisteren en begrijpen. Bespreken en feedback geven. Openheid en vertrouwen. Eerlijk zijn. Concluderen dat iets wel of niet goed heeft gewerkt en leren van wat niet goed heeft gewerkt. Allemaal ingrediënten om te zorgen dat de ‘werksoep’ goed geconsumeerd wordt. Dan wordt er energie ervaren en kan gaan stromen. Ik durf zelfs te zeggen dat er dan gewerkt wordt aan duurzame energie. En als dat is bereikt, straal je dat uit naar je omgeving. Dan komt er vanzelf een goede sfeer. Een sfeer van positieve energie, van passie. En daar gaat het om in het onderwijs.

vrijdag 19 oktober 2018

De tijd vliegt door onze vingers

Opgroeien met een bakelieten telefoon, een zwart-wit televisie en een oranje-geel granieten aanrecht is voor menig collega in mijn school alsof ik uit de middeleeuwen kom. Zo oud ben ik nog niet. Maar toch...
Tijd vliegt en ontwikkelingen lijken steeds sneller te gaan. DE maatschappij verandert voortdurend.
Voor mijn ouders (al een stuk in de 90) is het nog gekker. Weinig auto's op straat, eerste telefoon en televisie kijken bij de buren, die hadden ze zelf niet.
Een jaar of acht geleden deed ook de iPad en de tablet zijn intrede. Nu al niet meer weg te denken, zelfs niet in het onderwijs. De jonge kinderen die nu naar de basisschool komen moet je nu zelfs leren dat niet elk scherm op jouw vingers reageert.

Het zijn mooie ontwikkelingen met veel mogelijkheden, maar wij moeten ons ook bewust zijn van consequenties voor leer- en gedragsontwikkelingen van onze kinderen, die het met zich meebrengt. Van een spellingles weten we bijvoorbeeld dat als we met het schrijven van woorden betere resultaten behalen. Veel schermgedrag leidt tot minder bewegen en buiten spelen. 
Social media geeft enerzijds een overtolligheid aan informatie en anderzijds een uitdaging om niet te veel van jezelf bloot te geven en je hele hebben en houwen op straat te leggen.

Maar ik ben geen doemdenker, er zijn even zovele, zo niet meer, voordelen te noemen aan de snelle voortgang en ontwikkelingen in onze maatschappij en dus ook in onderwijsland.
Vooral het stukje onderzoekend en ontdekkend leren intrigeert mij. Kinderen zijn van nature nieuwsgierig en door dat te blijven stimuleren kun je ook de motivatie en hun betrokkenheid vasthouden. Neemt niet weg dat de interactieve gedifferentieerde directe instructie ook belangrijk blijft. Kinderen gaan dit - naar mijn bescheiden mening - niet allemaal vanzelf leren. Misschien op een enkele uitzondering na. Ik kan mij niet voorstellen dat een leerling uit zichzelf een vak (wat het niet zo leuk vindt) bij de kop neemt, en daar vervolgens een bepaald probleem of moeilijkheid van wil leren. Door de verbinding naar de betekenis te leggen, en daarvoor heb je toch een leerkracht of ouder nodig, geeft de te leren stof meer inhoud. Het is zoeken naar een balans tussen (betekenisvolle) kennis enerzijds en vaardigheden om die kennis in te zetten en te ontdekken, te onderzoeken en eventueel ook te ontwerpen anderzijds.

Daarom is die ontdekkende onderzoekende houding, met al die 21ste eeuwse vaardigheden voor de kinderen van nu zo belangrijk. We hopen ze daarmee meer bagage mee te kunnen geven voor hun verdere ontwikkeling. Voor hun eigen leven in de maatschappij van straks. Ik denk zelfs dat we zo beter kunnen differentiëren en leerlingen kunnen laten floreren in hun mogelijkheden. 
Als we vervolgens de fase van ontwerpend leren verder kunnen uitbouwen, zal de ene leerling laten zien hoe hij een drijvend vlot kan creëren, een ander zal de technische vaardigheden van elektriciteit kunnen toepassen in een apparaat voor een duurzame wereld en een derde zal zijn kookkunsten kunnen laten zien en gebruiken voor anderen. Zo kan ieder kind en iedere volwassene zijn talenten benutten en krijgt ieder mens de kans om een gelijkwaardige plek te krijgen in onze maatschappij. De een is daarbij niet beter dan de ander, ieder benut zijn eigen kwaliteit zelf, met zijn positieve houding jegens de ander. Hoe mooi is dat?

Natuurlijk denk ik nog weleens aan die tijd van vroeger. Hadden we het toen beter of slechter? Welnee. Het was een andere tijd. Er was meer rust. Er waren minder mogelijkheden. Nu moeten we leren omgaan met de veelheid aan prikkels en zelf die rust creëren. Er zal ook meer bewustwording zijn als het gaat om gezondheid, duurzaamheid, eenzaamheid, klimaatverandering etc. Maar rust heeft een mens ook nodig. Denk hierbij bijvoorbeeld aan mindfulness en yoga. Daar hadden wij vroeger weinig kennis van, toen zaten we gewoon in het park. Of we deden even niks (i.p.v. kijken en reageren op onze mobiele telefoon).

Laten we genieten van de ontwikkelingen, de vooruitgang, de mooie moderne tijd. Benut jouw talenten en zet die in om daarin gelukkig te worden. Wees je bewust van mogelijkheden, ontdekkingen en nieuwe dingen en zoek balans in de rust, werk en privé. Zie om naar elkaar. Dan wordt de wereld nog mooier. Geniet ervan. De tijd vliegt immers voorbij.

donderdag 18 oktober 2018

Te kort of tekort?

(deze column is eerder geplaatst in Direct(sept 2018), het blad voor CNV Schoolleiders)

Te kort of tekort?
Lerarentekort
Toen de broeken van mijn kinderen te kort werden, wist ik dat ik actie moest ondernemen. Het werd tijd voor een nieuwe. Ze waren gegroeid. De broek werd te klein. Maar dit had ik natuurlijk zien aankomen, dus gingen we op tijd naar de winkel, met geld dat ik hiervoor opzij had gelegd. Als kind overkwam mij dit natuurlijk ook. Omdat mijn moeder met zes kinderen zonder baan niet heel veel geld te spenderen had, bespaarde ze door er een stuk onder te naaien. Zo liep ik maanden met broeken waarbij een totaal andere kleur onderaan de pijpen afstak. Ik zie het nog terug op foto’s (…). 
Als er een lerarentekort is, zal het ministerie van onderwijs actie moeten ondernemen. Eigenlijk had men in Den Haag - zoals met de broeken - moeten anticiperen en rekening moeten houden met dit groeiende tekort. Geen maatregelen nemen, die averechts werken (zoals bijvoorbeeld de reken- en taaltoets). Wel het beroep aantrekkelijk maken (zoals werkdrukvermindering en salarisverhoging). Nu men niet op tijd heeft gereageerd zal men actie moeten ondernemen. De geleden schade is inmiddels zo groot, dat actie uiteindelijk duurder zal uitpakken. Een hele uitdaging. Maar ja, je kunt kinderen niet zonder leraren laten zitten. Of…?
Ik las via Twitter een oplossing. Een lokaal met 50 leerlingen met een leerkracht en een onderwijsassistent. WHAAT?! Hoor ik dat goed?  Het leerlingaantal verdubbelen met alleen wat extra handen, die we sowieso nodig hebben bij een groep van 25? Wel goede instructie verwachten op drie niveaus, excellente leerlingen uitdaging bieden, leerlingen met een arrangement in de groep, extra instructie voor de dyslexie en dyscalculie en dan heb ik het nog niet over de gevoelige autist, de opvliegende ADHDer en de stille aangepaste leerling die graag gezien willen worden. Even voor de duidelijkheid: DIT GAAN WE NIET DOEN! Er is een goed plan nodig met een goede oplossing, waar de leerlingen -  daar draait het om - baat bij hebben. Investeer in goede dingen. Laat registers, coöperaties, raden en onderwijsclubjes los. Zorg dat invallers via besturen kunnen invallen en niet via dure uitzendbureaus. Zet het kind weer in de spotlights en de leerkracht ernaast. 
Naai geen stukken onderaan die pijpen, dat biedt geen oplossing. Anticiperen. Minder lesuren misschien? Dan heb je minder leerkrachten nodig. Houd de lessen die nodig zijn (taal, rekenen, …) en gooi niet alle randzaken (burgerschap, …) over de schutting van de basisschool.
Hanneke de Frel
Schoolleider CBS Prinses Máxima Berkel en Rodenrijs.

zaterdag 6 oktober 2018

Een gedicht met een gezicht, taal heeft een verhaal

Een gedicht met een gezicht
En regelrecht gericht
Op de lezer en zijn gebonden boek
Warrige wriemelende woorden in de taal
Vertellen ons een mooi verhaal
Zachtjes en zoet, precies wat ik zoek.

Energie

Statig en trots staat hij
De paal in het weiland
Met uitgestrekte hand
Wat is zijn wens?
Nietszeggend, hardwerkend
Electriciteitsdraad
Nuttig voor jou en voor mij
Bedient de mens.

- - - 

Help!

De merel tjilpt hartverscheurend
Het voegt niets toe
Ze klinkt zo moe
Lijkt geenszins opbeurend.

De rode kater kijkt onschuldig om zich heen.
Hij likt zijn vel,
't Bevalt hem wel
Hij had er zomaar weer één.

De merel heeft haar verdriet gesust,
De kater is zich van geen kwaad bewust.

- - -

Kaarsrecht

Ik lig heerlijk naast mijn soortgenoten.
Kop aan kop, voeten strak,
iedereen op zijn gemak.
Stil in het donker, zonder stoten.

Het wordt licht, de zon is fel,
de rust wordt gruwelijk verstoord.
Mijn kop verbrand, ik ben vermoord,
het was mijn lot, ik wist het wel.

De afgebrande lucifer was brak,
En gleed zo in de afvalbak.


maandag 17 september 2018

Kwetsbaarheid in het basisonderwijs

Kwetsbaar zijn op de basisschool is voor leerkracht, leerling en ouder makkelijker gezegd dan gedaan. Je kwetsbaar opstellen vraagt iets van jou, maar ook iets van de omgeving. Je kwetsbaar voelen kan soms onprettig aanvoelen, waar je niet gelukkig van wordt.
In Trouw d.d. 15 september 2018 stond een aantal essays over kwetsbaarheid. Het raakte mij, dit woord geeft iets bloot. Het raakt een aantal begrippen: Vertrouwen, veiligheid, eerlijkheid, persoonlijkheid, jouwlichaam, jezelf durven zijn, fouten mogen maken, niet perfect zijn(en wie is dat wel?), rechten van de mens en integriteit. Natuurlijk zullen er meer woorden en nuances zijn die gelinkt zijn aan het begrip kwetsbaarheid.

Kwetsbaar heeft veel betekenissen. Volgens www.mijnwoordenboek.nl zelfs 23. Ik noem hier aantal: Breekbaar, broos, gevoelig, fijn, teer, iel, tenger, wankel, zwak. Kwetsbaarheid heeft ook te maken met beschadigd kunnen worden.
In het basisonderwijs kennen we verschillende mensen (dus ook kinderen), die binnen de organisatie kwetsbaar kunnen zijn, zich kwetsbaar kunnen opstellen of zich kwetsbaar voelen. 
In de schoolorganisaties zien we grofweg drie groepen mensen: de leerlingen, de leerkrachten en de ouders. Daarnaast zijn er nog externen, maar die laat ik letterlijk en figuurlijk even buiten beschouwing. Deze driehoek heeft invloed op elkaar en daarmee ligt de kwetsbaarheid open.

De leerlingen.
Leerlingen kunnen op verschillende manieren kwetsbaar zijn. Dit kan voortkomen uit het milieu en de kansen die ze wel of niet kunnen krijgen. 
Het kan ook te maken hebben met hun lichaamsbouw. Tengere kinderen zijn vaak kwetsbaarder voor ziekten. Ze kunnen zich niet prettig voelen in hun lichaam. Stel je daar maar eens voor open. 
Het kan te maken hebben met het karakter en de aard van ieder kind. In de Kanjertraining (www.kanjertraining.nl) zijn er drie verschillende types: de dominante(zwarte pet), de clowneske (rode pet) en de timide (de gele pet)leerling. De witte pet betekent dat je te vertrouwen bent, waarbij de ander zich open kan zijn en zich kwetsbaar mag opstellen, zonder beschadigd te worden.
Op school zien we deze vormen alle drie en benaderen we ze met de kanjertraining tot respect hebben voor elkaar, maar ook elkaar helpen om te zorgen dat kinderen zich veilig voelen en zichzelf kunnen zijn.

De leerkrachten.
Leerkrachten zijn er ook in verschillende soorten en maten en dus ook in verschillende gradaties van kwetsbaarheid. Net als bij de leerlingen heeft dit met hun gestel te maken, de een is vaker ziek dan de ander. 
Ze kunnen letterlijk niet goed in hun vel zitten en daar niet voor uit durven komen.
Ze hebben verschillende karakters die hen krachtig kan maken (dominant, clownesk of timide maakt dan niet uit) of juist minder sterk. De kunst is om het vertrouwen niet te schaden en hen te laten zijn wie ze zijn binnen de afgesproken regels in de school.

De ouders.
Voor ouders geldt hetzelfde. In hun rol als ouder ben je op zoek naar vertrouwen. In eerste instantie in de relatie met de leerkracht en met hun kind(eren). Professionaliteit van de leerkracht staat voorop, zij zullen het goede voorbeeld moeten laten zien. Ouders moeten zich veilig voelen als ze ergens mee zitten. Ouders zullen zich moeten conformeren naar de afgesproken regels van de school.

En wat doe ik als schoolleiding?
Een leefgemeenschap als de basisschool vergt van de werknemers(leerkrachten, onderwijsondersteuners, onderwijsassistenten, conciërge) natuurlijk het nodige
Vertrouwen scheppen binnen de groep, open relaties aangaan, initiatief tonen als dit anders uitpakt dan verwacht, veiligheid bieden, empathie tonen voor alle leerlingen in hun groep en op school. Ook hier geldt weer binnen de afgesproken regels.
Om goed te kunnen werken binnen de schoolorganisatie, zal de schoolleiding hetzelfde moeten doen. Vertrouwen geven, respect tonen, bespreekbaar maken en er zijn voor het personeel. Maar ook kwetsbaar durven opstellen, want ook de schoolleider maakt fouten. 

Samenvattend is binnen een schoolorganisatie, binnen een gezin, binnen een bedrijf, binnen een kerkgemeenschap, binnen welke gemeenschap dan ook en kwestie van vertrouwen en veiligheid, respect voor elkaar, zodat ieder lid zichzelf kan zijn binnen de geldende regels.
Dit valt soms niet mee. Mensen zijn verschillend, kinderen reageren anders en iedereen heeft wel eens momenten waarop je met het verkeerde been uit bed bent stapt. Toch moet de basis goed zijn. De witte (vertrouwen en respect) pet van de kanjertraining moet er altijd onder zitten. En is dat niet zo, dan is het de kunst om er gezamenlijk voor te zorgen dat het vertrouwen terug komt en de vertrouwensrelatie weer goed is. Dan kun je jezelf zijn, dan kan er feedback gegeven en ontvangen worden, dan mag je zijn wie je bent.
Als we dat op school goed leren, zowel volwassenen als kinderen, kunnen we dit zo goed mogelijk toepassen in de maatschapp

maandag 30 april 2018

Zelf doen

Jonge kinderen roepen vaak al "Zelf doen", terwijl wij als volwassenen er soms het geduld niet voor hebben. Maar... Als wij alles blijven doen, leert het (jonge) kind zich niet ontwikkelen naar een zelfstandig mens dat zich kan handhaven in de maatschappij. Het leert niet vertrouwen te krijgen in zijn kunnen. Straks moet je alles zelf doen, want dan is het kind immers (jong-)volwassene.

Het is goed bedoeld, dat ouders zich ontfermen over hun kinderen en alles voor ze over hebben. Kinderen zijn immers het meest dierbare wat ouders mogen grootbrengen. Maar realiseren zij zich ook dat het uit handen (blijven) nemen van allerlei zaken de zelfstandigheid absoluut niet bevorderd? Kinderen krijgen is een wonder, maar het is geen bezit. Ga er vooral ook niet bovenop zitten, dan kan het niet omhoog klimmen. BRON: Juf Ank van de Luizenmoeder
Neem nu de mooi gevormde beker en het handige bakje van Cars (met fruit of iets anders) in een mooi fel gekleurd hip schooltasje. Regelmatig zie ik ouders met die rugtasjes lopen. Hier begint het al. Dit rugtasje kun je in het begin best vullen als ouder, maar laat het kind het meenemen en in ieder geval vasthouden. Zo zal het ook zelf de rugtas op school op de goede plek neerzetten en het om 10 uur ook daadwerkelijk terug kunnen vinden. Ze hebben het immers zelf daar neergezet. Kinderen leren daarmee hun eigen verantwoordelijkheid te dragen. Ook als de tas een keer vergeten. Het geeft toch niet als ze een keertje water moeten drinken op school omdat ze hun tas zijn vergeten? Zullen ze dat een volgende keer minder snel vergeten.
Later kunnen ze ook hun eigen rugtas zelf inpakken.
Ditzelfde geldt dat gemiddeld vanaf groep 5 kinderen best alleen naar school kunnen. Hoe vaak worden kinderen (het liefst) niet tot het klaslokaal gebracht om maar zeker te weten dat hun kind onderweg niet iets is overkomen?
Natuurlijk snap ik de bezorgdheid om dit grootste goed wat jij mag begeleiden naar volwassenheid. Het gaat erom dat je ze daadwerkelijk goed begeleid, ze dingen leert, ze durft los te laten, ze leert fouten te maken en ze leert te laat te komen wat niet gewenst is. Ook daar leren kinderen van.
Ook de gymspullen is er zo eentje. Als juf herinner ik me nog dat de leerlingen vaak zeiden: "Juf, mijn moeder is de gymspullen vergeten." Waarop mijn standaard antwoord altijd was: "Ik wist niet dat je moeder hier ook gymde." Heel flauw natuurlijk, maar wel een kern van waarheid. Laat leerlingen zelf (stapsgewijs) hun tas klaarzetten en zelf meenemen. Het geeft hen de verantwoordelijkheid die ze straks goed kunnen gebruiken. Het is niet de schuld van de ander dat er iets niet klopt, zij leren naar zichzelf te kijken. Dan zullen ze ook kunnen zeggen: "Ik ben mijn gymspullen vergeten." En leren ze om die de volgende keer wel mee te nemen.
Zo zijn er nog tal van voorbeelden te noemen. Ook op de middelbare school zie je dat er soms leerlingen nog worden gebracht naar school. Waarom? Deze kinderen moeten leren dat het leven niet altijd leuk is, leren omgaan met een tegenslag als een regenbui, leren dat een lekke band vervelende consequenties heeft, maar ze kunnen dit ook zelf oplossen.
Uitzonderingen zijn er altijd hoor. Als een kind een gebroken been heeft, te ver weg woont of het om een andere speciale reden iets (nog) niet zou kunnen, kun je ingrijpen, helpen, maar leer ze wel stapjes te maken. Op weg naar die zelfstandigheid.
Als ik naar onze eigen kinderen kijk, denk ik dat we in de zelfstandigheid redelijk zijn geslaagd. Gewoon door ze deel uit te laten maken van de gemeenschap 'gezin'. Daar horen ook taken bij. Wij zijn blij dat ze daardoor veel zelf kunnen en zelf op zoek gaan als ze het antwoord niet weten. Vertrouwen geven, maar ook eisen stellen speelt daarbij een rol.

Bij deze wil ik iedereen die met kinderen werkt en kinderen opvoedt oproepen om ze daadwerkelijk te leren hoe het werkt. Geef ze de ruimte. Geef hen vertrouwen dat ze het kunnen.
Laat ze leren. Leren fouten maken. Le
ren oplossen. Leren verantwoordelijkheid te nemen. Leren mee te werken in huis en voor anderen. Leren hoe het werkt als ze straks op kamers gaan en hoe zij zich moeten redden in de grote (boze?) wereld. Stapje voor stapje, op niveau wat zij aankunnen. En dat is echt veel meer dan menig ouder en menig opvoeder zich realiseert.


zondag 21 januari 2018

De beste

Wanneer ik 'the best of Neil Diamond' en 'the best of Simon and Garfunkel' naast elkaar leg, zie ik twee tegenstrijdige nummers. "A beautiful noise" and "The sound of silence". Twee prachtige nummers die ik zo in mijn hoofd hoor zingen. Welk nummer is dan het beste? Eigenlijk maakt me dat niet zo uit. Dat ligt net aan mijn stemming.
In onze maatschappij moeten we vaak ergens de beste in zijn. De beste schilder, de beste sporter, de beste speler bij snooker, de beste, de beste, de beste, bah. Ook in het onderwijs zie je dat terug. Het beste cijfer. De hoogste score. De beste spreekbeurt. De leraar van het jaar(is dat de beste?). De excellente school. De excellente schoolleider.
Is dit nu echt wel zo waardevol, ergens het beste in zijn?

Het is een retorische vraag. Onnodig. Waarom zou je ergens het beste in willen zijn? Om jezelf op de borst te kunnen kloppen? Om jezelf omhoog te werken en een ander naar beneden? Om respect af te dwingen? Waarom?
Toch doen we er met z'n allen aan mee. Je ziet het overal de kop op steken en het lijkt steeds gekker te worden. De beste burgemeester, de beste reclame, je kunt het zo gek nog niet bedenken. Hangt soms het succes van iemand of iets hier vanaf? Dat zou kunnen.
Als je straks met de gemeenteraadsverkiezingen goed uit de bus wilt komen, zul je een goede campagne moeten voeren, een goede prater moeten zijn, goed zichtbaar moeten zijn, goed moeten kunnen debatteren, goed moeten overkomen. Goede ideeën komen misschien wel helemaal niet bovenaan, terwijl het daarom draait.
Zo vind ik ook het cijfers geven op school altijd een lastige. Nodig is het, maar het straalt soms iets anders uit. Het cijfer geeft namelijk aan welk niveau de leerling heeft gehaald, niet - en dat is voor een leerling veel belangrijker - welke inzet hij heeft laten zien om tot dit cijfer te komen. 
Voor het bepalen van niveaus zijn levels nodig. Of dit nu cijfers of letters zijn, maakt niet zo veel uit. Het helpt om te weten welk niveau de leerling op dat moment zit en of er verbetering mogelijk is. Daar gaan de leerlingen, de leerkracht, de school op acteren.
De hoogte van het niveau, en dus de hoogte van het cijfer zegt lang niet altijd iets over de inzet. Dat is goed om duidelijk te maken aan leerlingen. Je best doen en een 6 halen is beter dan niets doen en een 8 halen. Waar komt die leerling vandaan, waar gaat hij naartoe? Wat heeft de leerling geleerd? Hoe heeft de leerling zich ontwikkeld? Heeft hij zijn eigen doelen behaald?
Toch zie ik het ook terug bij excellente scholen en excellente schoolleiders. Natuurlijk onderschrijf ik het rolmodel of het goede voorbeeld van scholen en schoolleiders die het goed doen. Leren van good practices. Dat hoeft niet door leerlingen, volwassenen, bedrijven, scholen en anderen op een voetstuk te plaatsen. Dat kan ook anders. Die ander kan namelijk ook leren van die ene schoolleider die het misschien anders heeft gedaan, misschien wel om een bepaalde reden of situatie. Die 'excellente' school kan ook leren van een school die zaken anders heeft gedaan, maar misschien wel een uitstekende sfeer heeft gecreëerd. Haal de kracht uit leerlingen, volwassenen, bedrijven en leer zo van elkaar. Daar worden we veel leukere mensen van. Het zorgt ervoor dat we niet tegenover elkaar staan, maar naast elkaar. Dan ontstaat er een verbinding. Verbinding hebben we nodig om samen sterk te staan en steeds een beetje beter te worden.
Stop dan ook met de beste van iets te willen zijn. Iedereen is ergens goed in, iedereen heeft talenten, haal de kracht uit ieder mens.