On(der)wijs

Welkom op de pagina van onwijs onderwijs. Waarom onwijs? Onderwijs is boeiend en inspirerend, kinderen zijn uniek, elk kind is er een met een aparte gebruiksaanwijziging, elk kind heeft recht op zijn eigen onderwijsbehoefte in zijn eigen omgeving. Raakt u ook al in een flow van bevlogenheid? Op deze blog vindt u allerlei verhalen, beschouwingen en leuke anekdotes over het basisonderwijs in het algemeen. In het bijzonder over de mensen die hier direct of indirect mee te maken hebben: leerkrachten, kinderen, ouders, directeuren, (G)MR-, oudercommissies, ondersteunend personeel en externe instanties, die hiermee te maken hebben.







Veel plezier!







woensdag 7 augustus 2019

Ouders en kinderen evenveel vrije tijd?


Moeten ouders en kinderen evenveel vakantie krijgen?



Gisteren las ik deze vraag op Twitter. Het triggert me, omdat het in deze tijd, waarbij vaak beide ouders werken, een probleem begint geworden. Dat is al te merken aan de hoeveelheid ouderhulp op school. Maar hoe kunnen we dit aanvliegen? Is het überhaupt wel op te lossen zonder grote consequenties?

Allereerst is het een serieuze vraag. Kinderen hebben veel meer vakantie dan ouders. Daarbij hebben kinderen, zeker op de lagere school - wanneer veelal nog wat achtervang nodig is - ook nog de nodige studiedagen. 
Wanneer ouders gebruik maken van een BSO, is deze hier meestal op ingesteld en kunnen de kinderen van deze ouders gewoon terecht. Anderen moeten vaak extra kosten betalen.
Is er opvang via een gastouder, dan gaat dit extra uren kosten.
Is er opvang via een bekende opa of oma, een buur of een goede vriend, dan is het zaak om opvang te regelen.
Dat is natuurlijk allemaal de verantwoording van de ouders. Het geregel en de kosten. Het hoort er allemaal bij.

Mee bewegen
Hoe zouden we toch wat naar elkaar toe kunnen bewegen, zonder dat dit ten koste gaat van het onderwijs en de hardwerkende leerkrachten en zonder dat dit ten koste gaat van de hardwerkende ouder, die niet zo heel veel vakantiedagen heeft? Kunnen kinderen minder vakanties krijgen? Kunnen ouders meer vakantiedagen “krijgen”. Dat is niet zo eenvoudig.

Evenveel vakanties? Hoe dan? 
Werkgevers zitten niet te wachten op nog meer voordelige regelingen, die we samen moeten ophoesten. Zij zitten niet te wachten op meer vrije dagen en dus minder rendement. Kinderen minder vakantie? En wie is er dan bij de kinderen? Leerkrachten zitten aan hun taks en meer leerkrachten zijn er gewoon niet. Kinderopvang, zoals nu, kost veel geld. Een school die altijd open is, waarbij kinderen vakantie kunnen opnemen? Hoe denkt leerplicht en de minister van onderwijs hierover? Is dit ideaal?
Met het lerarentekort is er eerder sprake van minder lesuren, dan van meer. 

Mogelijke oplossingen
Kan de werkende ouder wellicht overuren sparen?
Kan de werkende ouder thuis werken en zo een oogje in het zeil houden en eventueel ‘s avonds nog wat extra’s doen? 
Zou de school opvang kunnen regelen? Met behulp van kinderopvang?
Zouden we een beroep kunnen doen op pensionada?  Zijn er mensen die kinderen echt liefdevol, met plezier en met pedagogische kwaliteiten kinderen willen en kunnen opvangen. Of vragen we dan te veel?

Toch nog een oplossing?
Het zal zo’n vaart nog niet lopen, omdat de oplossingen niet echt voor de hand liggen. Of toch wel? Er is een oplossing die wel gaat helpen. Meer ouders met kinderen die als leerkracht gaan werken in het onderwijs. Dan heb je ongeveer evenveel vakantie, kun je een lange zomer weg, regel je de enkele studiedag nog. Dan hebben we meteen meer leerkrachten en helpen we het lerarentekort weg te werken en de zaak is opgelost. Ouders blij. Kinderen blij. Onderwijs blij. Werkgevers blij. 

Of zou er nog een andere mogelijkheid zijn?



zaterdag 3 augustus 2019

De tijd nemen of tijd maken?

In de vakantie kun je de tijd nemen, je kunt tijd maken, je hebt de tijd. Maar kun en wil je je tijd ook goed kunnen indelen of geef je het allemaal de tijd? Tijd heelt alle wonden.


Vakantietijd. Tijd om even afstand te nemen van de dagelijkse werkzaamheden. Tijd om tijd te maken voor jezelf. Lekker egoïstisch aan jezelf denken. Heerlijk de tijd nemen voor allerlei dingen waar je eigenlijk te weinig tijd voor maakt.
Wat betekent dat dan? Dat kan voor iedereen verschillend zijn.

Voor mij betekent vakantie tijd nemen voor 
1. Rust
2. Ontspannen
3. Genieten 
4. Opladen
5. Positieve energie 

Rust
Dat is de belangrijkste. Eerst de rust vinden. Herstellen van een gespannen tijd. Zeker als de zomervakantie start, heb ik altijd een paar dagen nodig om de werkmodus uit te zetten. Het is net of de motor nog draait, maar hij niet hoeft te rijden. Ik hoef niet echt iets. De motor heeft tijd nodig om nog even uit te razen. Ik voel me dan nog moe en onrustig, terwijl de vakantie al is begonnen. Daarna is het heerlijk om gewoon te zitten, te kijken, te lopen of te fietsen of domweg een detective te kijken op TV, zonder dat je nog iets moet. Spieren slap laten hangen. Niet alert zijn op de agenda, en zeker niet op de klok. Niks. Gewoon even niks.

Ontspannen
Dit volgt op de rust. Zodra de pauze, de echte ruststand is begonnen, kan ik gaan ontspannen. De denkmodus kan uit. Lekker even de boel de boel laten. Onderuitzakken. Kijken. Lopen en uitwaaien. Gedachtes laten komen en even snel weer laten gaan. Er moet even niks. Niet op de klok letten. Lang in bed of juist niet. Wat je wilt. Het is niet gepland. Je denkt aan van alles, maar er moet helemaal niks.

Genieten
Wanneer ik de rust heb gevonden en kan ontspannen, is er ruimte om van kleine, mooie en soms ook bijzondere dingen te genieten. De natuur, de zon, de geur van een lekkere maaltijd of een goed boek. Ik kan mezelf ook verliezen in handwerken, schrijverijen, creatieve activiteiten, geocachen, lezen, fotograferen of noem maar op. Dat kan ik alleen, maar vaak is het met z’n tweeën of in een groepje gezelliger. Lekker kletsen over van alles. Samen genieten is vaak dubbel genieten. Zo is het genieten om samen met mijn partner dingen te doen, maar met een of meer kinderen, een broer of zus of een vriendin. Een cappuccino drinken op een terras. Een softijsje op een bankje langs het strand. Een geocache midden in het bos. 

Opladen
Genieten is heerlijk. Langzaam kom ik dan in de fase van opladen. Alsof ik weer echt wat kan ondernemen. Iets kan bedenken. Iets kan creëren. Ik krijg weer energie. Alle voorgaande fases worden makkelijker. De rust is echt teruggekeerd. Ik kan daadwerkelijk ontspannen en genieten. En dan gaat opladen ook vanzelf. Dan kom je in de laatste fase, de fase van de positieve energie.

Positieve energie
Het gevoel hebben dat je de wereld weer aankunt. Sterker voelen. Bergen kunnen verzetten. Ingewikkelde dingen kan oplossen. Uitdagingen willen aangaan. Er stroomt daadwerkelijk energie door je lijf en denkt “Kom maar op!” 

Natuurlijk is het fijn als de fasen in een rechte lijn omhoog klimmen en je automatisch, via een denkbeeldige trap op de verdieping van de positieve energie komt. Dat is illusie. Het leven bestaat uit veel verrassingen. Soms schiet je terug in een werkmodus als er iets tegenzit. Soms zijn er gebeurtenissen of herinneringen die het genieten belemmeren. Bedenk dan dat tijd inderdaad alle wonden heelt, ook al gaan niet altijd de littekens helemaal weg.
Neem de tijd, pak jouw kostbare uurtjes, een ander kan jou geen tijd geven, dat doe je zelf. Zorg dat je geen tijd tekort komt. Daarmee komt er ook energie.





dinsdag 23 juli 2019

In between

Ergens tussenin zitten. Niet meer bij de ene groep mensen horen en ook nog niet thuis zijn bij de andere organisatie. Beiden zijn fijne groepen mensen, maar ik hoor nu even nergens bij. Het kan prettig zijn, want ik hoef niks. Het kan wat nutteloos voelen, want ik hoor er niet bij.

Gevoel
Tja, dit overkomt me nu. Hoe voelt dat? Raar. De ene baan is afgesloten, ik heb afscheid genomen, wat overigens echt bijzonder fijn was en waar ik met volle teugen van heb genoten. De andere baan staat op me te wachten. De prettige kennismaking is geweest, er zijn zaken overgedragen, het voelt goed en ik loop de nieuwe school binnen met het idee dat dit voorlopig mijn school gaat worden. Ik weet het koffiezetapparaat en het toilet te vinden. Heel prettig. Dat is toch een eerste vereiste. Het is een apart gevoel.

Schouders eronder
Negen jaar lang heb ik me ingezet - en ingezet bij mij betekent gewoon echt tot het uiterste, soms over het randje, moet je eigenlijk niet doen, maar ja, als ik ergens voor ga, dan ga ik ervoor - voor CBS Prinses Máxima, een basisschool die opgebouwd moest worden. De kwaliteit moest op orde gebracht worden. Een groeiend aantal leerlingen en leerkrachten leidde tot meer zorgen om borging. Een tweede locaties werd een feit. De school groeide uit tot een prachtige leefgemeenschap met een goede sfeer. Samen met mijn collega's en de hulp van vele ouders hebben we dit tot een mooie school gemaakt. Het was goed zo.

Het leven overdenken
Dan ga je eens nadenken over het leven. Wat zijn de mogelijkheden? Wat zijn mijn mogelijkheden? Waar ben ik goed in en wat wordt er in de omgeving gevraagd? Een zoektocht van zo'n anderhalf jaar volgde. Niet heel intensief, maar ik zocht wel. Ik had immers geen haast en ik zat prima. De Máximaschool is en blijft een fijne school om te werken en verder te ontwikkelen. Het nadenken over het leven heeft ook te maken met mijn eigen leeftijd. Kijk, ik ben geen achttien meer, maar gewoon vijfenvijftig. Nog energie genoeg, nieuwsgierig, zin om iets nieuws te leren. Ik beschrijf het weleens als leerhonger. Wat is er nog meer? Wat kan ik nog meer? Grenzen opzoeken. 
Over dat laatste, dat kon ik op de middelbare school ook. Ik heb het teruggezien bij onze kinderen. Een geintje. Een keer spijbelen. Nou ja, misschien meer dan een keer. Mezelf ziek melden en naar mijn vriendje gaan. Ach, het hoort er allemaal bij en ook ik ben er gekomen, zij het niet via een rechte weg. 

Solliciteren
Na links en rechts wat te hebben gepraat binnen en buiten de organisatie waar ik werkte, kwam ik ook de baan tegen waar ik nu in augustus ga starten. Een nieuwe weg in slaan. Hoe mooi is dat? De advertentie kwam langs in maart, na twee rondes heb ik de ereplaats gekregen. In april ga je dan met de staart tussen je benen naar de huidige werkgever. Ook daar is het slikken. Maar ja mensen, ik ben echt vervangbaar, neem dat van mij aan.

Een nieuwe uitdaging
Het mooie is, dat de keuze op mij is gevallen omdat je ergens goed in bent. Daar ligt mijn kracht. Dat wordt gezegd bij het afscheid en krijg je mee bij de aanstelling. Nu nog zien waar te maken. Ook ik ben niet perfect, wie wel?
Dan komt er een tijd van afsluiten bij de ene organisatie en starten bij de andere. Dat is best dubbel. Zeker als er mensen zijn, die het niet zagen aankomen en spontaan emotioneel worden. Als er meerdere collega's besloten hebben te wisselen. Als er mensen ziek worden. Maar het komt goed, dat weet ik zeker. Ik heb het met veel plezier en overgave gedaan, maar het is soms goed om te wisselen. Verandering van spijs doet eten. Dat moet ik overigens niet te veel doen, maar dat is een ander verhaal. Het is goed om de vaste patronen eens te doorbreken. Leren van een nieuwe omgeving. Nieuwe mensen leren kennen. Hetzelfde geldt voor een school. Het is goed als er weer eens een andere wind waait, iemand met nieuwe denkwijzen. Het geldt trouwens ook voor leerkrachten. Het lerarentekort geeft nu wel wat reuring door wisselingen, maar eigenlijk is dat een mooie bijkomstigheid. Je groeit van elke wissel. Je leert van iedere school. Je neemt iets mee van elk mens dat je ontmoet. Van elke school pak je weer nieuwe dingen op. Blijf gewoon niet te lang op dezelfde school. Maar goed, dat is mijn mening.

Relativering, vertrouwen en verbinding
Maar nu zit ik hier. Het is zomervakantie. Net begonnen. De meest relaxte ooit. Al had ik wel een paar dagen nodig om tot rust te komen. Maar de afronding is gelukt, ik kan de school met een gerust hart overdragen aan een collega directeur. Ik weet dat ik negen jaar geleden, toen ik naar de Máximaschool ging, wel een ander gevoel had. Kan ik het wel? En dat heb ik later nog wel een aantal keren afgevraagd. Met deze bagage ga ik het nieuwe Vlinderboomavontuur tegemoet. Een stap verder. Een nieuwe richting. Nieuwe dingen ontdekken, die ik nooit eerder heb gedaan. Dat is dan weer het voordeel als je ouder wordt. Relativeringsvermogen en het vertrouwen dat het goed komt. Dit werk doe je namelijk niet alleen. Samen ben je een school. In verbinding met anderen kom je veel verder. 1 + 1 = veel meer dan 2. Bij vragen zijn er legio professionals om me heen waar ik mee kan sparren en vervolgens keuzes mag maken en/of besluiten kan nemen. Ook ik leer weer van nieuwe situaties, en dat is gaaf. Het komt goed.
Beste lezer, ik hoor u denken dat het lijkt alsof ik het niet spannend vind. Uhm, dan kent u mij nog niet goed genoeg. Maar ik weet het wel goed te verbergen achter een vriendelijke lach. Nu maar hopen dat ik snel de leerlingen leer kennen, de namen van de collega's zitten er al bijna in. Maar ook dat komt vast goed, daar heb ik alle vertrouwen in.


zaterdag 1 juni 2019

Iedere woning, een liefdevolle kroning

Dat iedereen verdrietige gebeurtenissen en tegenslagen kent, is duidelijk. Ieder huisje heeft zijn kruisje. Toch klinkt dat negatief. Is het niet beter om dit om te draaien? Kent niet ieder gezin mooie momenten, blije gebeurtenissen, zaken om trots op te zijn? Zo is het ook met de kinderen op school, die ons zijn toevertrouwd. Wat maken zij mee? Wat hebben ze meegemaakt? Wat is hun thuissituatie? 

Een blijde gebeurtenis is nooit zo bijzonder als men ook de andere kant kent. Men is zich bewust van geluk enerzijds, maar treurnis anderzijds. Kleine dingen of grote dingen, sommige zaken overkomen je. Sommige moeilijke gebeurtenissen blijven te lang bij je. Het gaat je leven beheersen. Het kan een ongeneeslijke ziekte zijn, maar ook het overlijden van iemand die heel dichtbij je staat.
Nu zijn kinderen gelukkig flexibel. Het is goed om te leren van fijne dingen en om leren gaan met tegenslag. Het vormt kinderen. Het vormt ons. 
Vandaag las ik in Trouw (1 juni 2019) een interview met Gerri Eickhof. Bijzonder wat iemand in zijn jeugd meegemaakt heeft en hoe hij daarmee in zijn leven heeft gevormd. Geen vader en een liefdevolle moeder.
Wat heb ik dan een bijzonder liefdevolle warme jeugd gehad. Een gezin met zes kinderen. Ik was de jongste. Het oogappeltje van mijn vader. Elke zondag wandelen en later fietsen. Voorgelezen worden tot ergens op de lagere school. Mooie momenten. Kamperen in Nederland en de lagere school waren hoogtepunten. Gepest worden, een lichamelijk gehandicapte broer, een autistische broer, verhuizingen, overlijden oma waren lastige vraagstukken. Het heeft me wel gevormd. Het zorgt voor balans in het leven.
Later ontmoet ik de liefste man van de wereld, we hebben werk, we hebben het goed. Maar ook dan komen er zaken voorbij die minder mooi zijn. Het langdurige traject om kinderen te krijgen, twee miskramen, maar daar tegenover staan vier gezonde mooie mensen die ik op de wereld heb gezet. 
Verschillende mensen overlijden, waaronder mijn oudste broer(alweer 16 jaar geleden), verschillende mensen lijden, verschillende tegenslagen en moeilijke gebeurtenissen passeren de revue. Het vormt mij. Het vormt jou. Het vormt ons en onze kinderen.
Zo zullen ook de kinderen die ons zijn toevertrouwd op de basisschool het goed hebben, maar ook moeilijke dingen meemaken. Daar moeten ze mee leren omgaan. Omgaan met teleurstellingen. Het een plek geven. Het omarmen. 
Het is zaak om hen bewust te maken van de minder mooie kant en hen kunnen laten genieten van de mooie kant van het leven. Die liefdevolle kant. Het geven om elkaar. Het samen werken. Het samen leren. Het samen leven. In verdraagzaamheid. Met respect. Vol vertrouwen. Met liefde.
Laten we daar met z'n allen voor waken. Stop met klagen, maar geniet. Omarm elkaar. Ondersteun iemand die het op dat moment nodig heeft. Stop met het benadrukken van dat kruisje dat ieder huisje heeft. Laat zien dat iedere woning een liefdevolle kroning heeft, hoe klein soms ook. Laat het licht schijnen, geniet. Wees trots op jezelf. Het maakt de wereld zoveel mooier en positiever.


maandag 31 december 2018

Een spetterend onderwijsmoment


Het borrelt, begint te bruisen en dan gaat het spetteren, soms knetteren. Nee, het is geen goed georganiseerd waterfestijn op het plein in de zomerperiode. Ook geen overheerlijk goedgevulde BBQ met collega’s. Ik ben op weg. Samen met de collega’s ben ik op weg naar ... Ja waarheen eigenlijk. Die stip op de horizon is nog niet zo helder. Het is de koers van de stichting. Koers22. Maar dan? Waarheen leidt deze weg?

Koers22 is een richting die het huidige onderwijs tegen het licht houdt en bekijkt wat wij denken dat leerlingen van onze school nog meer nodig hebben straks als zij de maatschappij in gaan. Daarbij blijft - naar mijn bescheiden mening - kennis op een basisschool centraal staan. Evenals instructie aan alle leerlingen. Toch moet er niet alleen gestampt worden. Laten we kinderen niet zien als een blanco papiertje waarop we van alles kunnen schrijven. Of beter gezegd, een geformatteerde iPad of tablet waarin de apps nog moeten worden gedownload en waarin leerlingen hun werk kunnen opslaan. Maar wat dan wel?
Allereerst leren we leerlingen met de kennis die ze hebben verwonderen. Kijk eens om je heen (mooie titel van een lied van Hanna Lam). Wat is er in de wereld te zien? Hoe mooi, hoe bijzonder is het om ons heen, samen met anderen? Leren ontdekken.
Naast kennis gaat het nu ook om vaardigheden, waarbij leerlingen niet alleen leren samenwerken, presenteren en op een podium staan. Zij gaan zich ook leren afvragen waarom dingen zijn zoals ze zijn. Leren onderzoeken.
Naast het onderzoeken, zullen er ook vragen tevoorschijn komen, waarop we (alle mensen in de wereld) nog geen antwoord hebben. Neem bijvoorbeeld de plastic soep in de oceanen, maar nu vooral de opwarming van de aarde. Door onderzoek (n.a.v. data) is geconstateerd dat dit problemen oplevert. Hoe kunnen we dat aanpakken. Het is mooi om leerlingen al mee te nemen in onderzoek en het oplossen van problemen. Leren ontwerpen.
Deze drie dingen zijn een weg die we leerlingen willen leren, maar we ook zelf nog mee stoeien. Onze taak als leerkracht is immers lesgeven en kennis overdragen. Natuurlijk lieten we leerlingen genieten, samenwerken (coöperatieve werkvormen), presenteren (boekbeurt), in aanraking komen met concreet materiaal en proefjes doen. Dit gaat nog een stapje verder.
Leerlingen stimuleren om na te denken, zich zaken af te vragen waarom, ze laten nadenken over een bepaald probleem en zich vastbijten in zo’n probleem.
Dit alles begint natuurlijk bij de leerkracht die hiervoor faciliteert, ruimte geeft, loslaat en zaken laat gebeuren. Maar wat bied ik de leerlingen?
En dat is nu precies wat er gebeurt op school. Het bruis, spettert, maar het knettert ook. Hoe dan? Waar moet ik beginnen? Wat geef ik ze wel en wat niet?
Met allerlei voorbeelden zijn we op weg. Met het delen van ervaringen laten we lessen zien aan elkaar. Met zoeken op internet bekijken we inspirerende lessen. Het borrelt in onze hoofden. Begint het al te bruisen?

Die struggle, deze weg met hoge en lagere hobbels, verrassende zijwegen, geopende bruggen en af en toe donkere doodlopende weg zijn we (het team op onze school) ingeslagen. We gaan de goede kant op. Het proces is in werking. Ons eigen onderzoek naar ontdekkend, onderzoekend en ontwerpend leren is gestart. De koers is nog niet helemaal uitgestippeld, maar begint vormen aan te nemen, waar we ons aan vast kunnen houden. Dat willen de collega’s graag, houvast.
Een prachtige visie om met elkaar die weg te berijden. Een richting. Een koers. Koers22. We hebben dus nog even de tijd en onze leerlingen ook. We zetten onze reis voort, in 2019, 2020, 2021 en 2022.


Opgestuurd in opdracht van Onderwijskoppen via Lizette Mijland. Zie www.onderwijskoppen.nl



woensdag 5 december 2018

School zijn in een complexe wereld


"Een kind van nu krijgt per dag evenveel prikkels als een mens in zijn hele leven ten tijde van de middeleeuwen." Dit was een zin op een sticker van ‘Onderwijs maak je samen’. De sticker, die ik acht jaar geleden over de post kreeg, heb ik op school op het personeelstoilet met dezelfde kleur blauwe tegeltjes geplakt. Het houdt mij nog steeds bezig. Of het waar is, is niet wetenschappelijk onderzocht. Er zou zomaar wel een kern van waarheid in kunnen zitten, gezien de informatie en communicatiestroom die op ons af komt.


De wereld van nu is voor ons en voor onze leerlingen ingewikkeld en complex. Er komt veel op ons af. Onderwijsvernieuwingen wisselen elkaar snel af. Informatie stroomt onze scholen binnen. Communicatietechnologieën in de vorm van een digitaal netwerk zijn niet meer weg te denken.
De natuurkundige Mieras (Schooljournaal, 24 november 2018) vertelde dat niet informatie, maar nieuwsgierigheid, verwondering en zelfvertrouwen de basis zijn voor kennis. Kennis is niet onbelangrijk. Ontdekkend, onderzoekend en ontwerpend leren helpt om nieuwsgierig te zijn, je dingen af te vragen en te onderzoeken hoe iets zit. Er kunnen uitdagingen zijn, die oplossingen vergen waar je met elkaar naar zoekt. Daar heb je dan wel weer kennis voor nodig.
Een complexe wereld waarin wij leven maakt het voor leerlingen en leraren niet eenvoudiger om onderwijs te geven en te ontvangen. De rol van leraren en leerlingen is aan verandering onderhevig. Wat is belangrijk en wat niet? Hoe pak ik het aan, als leraar en als leerling? Een onderzoekende houding. Nieuwsgierigheid tonen. Verantwoordelijkheid nemen. Reflecteren op eigen handelen. Het zijn zomaar een aantal vaardigheden die belangrijker worden in het leren van nu voor later.
De complexiteit schuilt ook in een wereld die snel gaat door internet. Die niet altijd waarheden laat zien. We weten veel van allerlei landen en continenten. Doordat we veel weten is het veel lastiger om te filteren en prioriteiten te stellen. Ook omdat we niet alles (kunnen) weten. We hebben wel overal een mening over.
Transparantie en efficiëntie vieren hoogtij. Alles zichtbaar voor iedereen, overal verantwoording voor afleggen en alles wel zo effectief mogelijk.
Deze complexiteit van een snelle wereld kent ook een keerzijde. Mensen kunnen deze tijd niet bijbenen. Ik zie het ook bij mezelf. Ik word ingehaald door jongere collega’s. Ik leer van hen, maar zij leren ook van mij. Stress en het druk hebben is echt iets van deze tijd. Elke minuut moet nuttig worden besteed. Stress is helemaal niet erg, als er maar ruimte is om van die stress te herstellen. En juist dat lukt niet altijd: door het gehaast zijn, door vluchtig veel dingen gezien te hebben, door de snelheid van tijd en veranderingen, door veel berichtgeving en door een grote verwachting te hebben dat iemand zijn e-mail al heeft gelezen binnen een uur. Het lukt niet of we willen niet onderdoen voor een ander.

Zorg in deze vluchtige, snelle tijd ook voor rust. Geniet van de natuur. Leef bewust en niet gehaast. Beleef hetgeen jij belangrijk vindt. Het zorgt ervoor dat je in evenwicht blijft. Samen een school zijn. Luister naar elkaar. Probeer elkaar te begrijpen. Ervaringen van liefde, respect en vertrouwen. Want daar gaat het om in ons leven. Het aangaan van de relatie met anderen. Er zijn en gezien worden. Dat willen we doorgeven aan onze leerlingen.





vrijdag 23 november 2018

Schoolleider vraagt aan de Sint ...

Geachte minister van OCW en leden van de Tweede Kamer,

Om uw aandacht te vragen
en met mails te plagen
wil ik u opvrolijken met dit gedicht.
Het verantwoordelijke werk,
wat ik in mijn takenpakket merk
is als schoolleider zeker niet licht.

Een onderwijsvisie bepalen,
De leerkrachten erbij halen
Samen een mooie school, heel knap.
Een krachtig samenspel creëren
Samen werken en leren
Professionele leefgemeenschap.

Het sturen van onderwijskwaliteit
vraagt om een gedegen beleid,
didactisch en pedagogisch onderbouwd.
Veranderingsprocessen
worden met veel vijven en zessen
door alle personeel rond gesjouwd.

Klassenbezoeken inplannen
Leerkrachten en lessen kennen
Feedback geven aan hen en aan elkaar.
Aansturen specialisten
We laten ons niet kisten
Een mooie ontwikkeling ligt klaar.

Leerlingen begeleiden
Kinderen motiveren en verleiden
Onderwijsbehoefte in kaart gebracht 
Arrangementen organiseren
Met wie en waar kan de leerling leren
Elke leerling, ieder perosoneelslid in zijn kracht

Financieel beleid voeren
Keuzes maken en niet koeren
Bijblijven op het snelle digitale gebied
Zoeken naar de beste strategieën
Methodes, meubilair of ICT allergieën
De school regelt alles, of niet?

De sleutel in zo'n mooie vloot
is een verantwoordelijke duizendpoot
Met plezier sta ik in beleid en in de klei
De kapitein van het prachtige schip
Houdt koers, kent alle leerlingen maar bijt op haar lip
Een waardering (goede salariëring) hoort daarbij.

Tot slot vraag ik u allen hierbij
Een schoolgemeenschap met een toekomst dichtbij
Vraagt om verantwoording, visie en duidelijkheid
Investeer in al deze mensen
Met grote en kleine wensen
Het belang hiervan bevordert de onderwijskwaliteit.

Een enthousiaste hardwerkende schoolleider

zondag 11 november 2018

Energie in je werk


De media staat vol met artikelen over duurzame energie. Van verschillende energiebronnen. Van mogelijk manieren om ons te voorzien van voldoende stroom om te kunnen doen wat we willen doen. Zeker nu andere bronnen uitgeput raken is de vraag weer groter dan een tiental jaren geleden. Die duurzame energie geldt ook voor onszelf. Want wij moeten goed voor onszelf en de ander zorgen.

Het welbevinden in het werk, maar ook als leerling op school, als lid binnen een gezin of als lid van een kerk is een van de belangrijkste dingen. Wanneer jij je goed voelt, levert dat energie. Verschillende invalshoeken om vanuit energie te denken, te werken, te leven en te ervaren wil ik hier met u delen.

Zelf kocht ik in een periode dat mijn balans niet helemaal op orde was het boek “Gelukkig werken” ((Hamburger & Bergsma, 2011). Hierin kun je bewust werken aan je eigen geluk in je werk. Het helpt je om te gaan met gedachten, het leert je ontspannen en het leert je te kijken naar jezelf. Hoe sta ik zelf in het leven en hoe kan ik hier verandering in brengen. Leren kennen van jezelf. Uit ervaring kan ik zeggen dat mindfulness en yoga hier ook zeker aan kunnen bijdragen. Het brengt je eigen lijf tot rust. In een hectische (digitale) tijd van nu is dat een welkome afwisseling.

Ook de “ABC van de persoonlijkheid” (Seiwert & Gay, 2013) geeft inzicht in verschillende soorten mensen, met verschillende rollen en eigenschappen. Hoe zorg je ervoor dat dit prettig met elkaar samenwerkt. De emotionele intelligentie speelt een rol in de interactie tussen mensen. Het is goed om elkaar hierin te leren begrijpen. En waar nodig uiteraard bij te stellen. Kijken naar de ander is makkelijker dan kijken naar je zelf. Houd zelf die spiegel ook voor. Niemand is perfect.

Ik las ooit in het een boekje “Passie, energie en prestatie” (Wingerden & van de Laak, 2012) over de bevlogenheid en zingeving, waarbij gewerkt wordt aan duurzame inzetbaarheid. Hierbij hebben we anderen nodig, maar leer ook vooral kijken naar jezelf. Zelfreflectie. Er moet een goede balans zijn tussen taakeisen en energiebronnen. Hierbij gaat het om een takenoverzicht, jouw sterktes, drijfveren en passie, het samenvoegen van taken met jouw passie en tenslotte wat jij daarmee doet in je werk. Dit geeft voldoening in wat je doet.

Laatst hadden wij op school een studiedag met het hele team, waarin de kernvraag : Hoe kunnen wij onze ambitie, onze communicatie, het samenwerken en als team zo functioneren dat dit professioneel, gezond en gelukkige mensen oplevert. En hierbij gaat het om de verbinding met elkaar. Waar staan we voor? Wat willen we bereiken? Hoe willen we met elkaar omgaan? Een prachtige basis, een generator, om de energiestand hoog te kunnen zetten. Met waarden en normen die je samen afspreekt.
                                                        - - - - - - - - - -
Al deze invloeden zijn bouwstenen om te zorgen dat de energie blijft stromen in een werkomgeving, waar de waan van de dag ook voorbij komt. Houd de grote lijnen in de gaten. Houd de mensen in de gaten. Peil leerlingen, maar zeker ook leerkrachten. Zij doen ertoe. Wat is hun bijdrage? Wat gebeurt er met de personen zelf? Hoe komt dit tot uiting in het werk?

Duurzame energie is investeren in mensen. Luisteren en begrijpen. Bespreken en feedback geven. Openheid en vertrouwen. Eerlijk zijn. Concluderen dat iets wel of niet goed heeft gewerkt en leren van wat niet goed heeft gewerkt. Allemaal ingrediënten om te zorgen dat de ‘werksoep’ goed geconsumeerd wordt. Dan wordt er energie ervaren en kan gaan stromen. Ik durf zelfs te zeggen dat er dan gewerkt wordt aan duurzame energie. En als dat is bereikt, straal je dat uit naar je omgeving. Dan komt er vanzelf een goede sfeer. Een sfeer van positieve energie, van passie. En daar gaat het om in het onderwijs.

vrijdag 19 oktober 2018

De tijd vliegt door onze vingers

Opgroeien met een bakelieten telefoon, een zwart-wit televisie en een oranje-geel granieten aanrecht is voor menig collega in mijn school alsof ik uit de middeleeuwen kom. Zo oud ben ik nog niet. Maar toch...
Tijd vliegt en ontwikkelingen lijken steeds sneller te gaan. DE maatschappij verandert voortdurend.
Voor mijn ouders (al een stuk in de 90) is het nog gekker. Weinig auto's op straat, eerste telefoon en televisie kijken bij de buren, die hadden ze zelf niet.
Een jaar of acht geleden deed ook de iPad en de tablet zijn intrede. Nu al niet meer weg te denken, zelfs niet in het onderwijs. De jonge kinderen die nu naar de basisschool komen moet je nu zelfs leren dat niet elk scherm op jouw vingers reageert.

Het zijn mooie ontwikkelingen met veel mogelijkheden, maar wij moeten ons ook bewust zijn van consequenties voor leer- en gedragsontwikkelingen van onze kinderen, die het met zich meebrengt. Van een spellingles weten we bijvoorbeeld dat als we met het schrijven van woorden betere resultaten behalen. Veel schermgedrag leidt tot minder bewegen en buiten spelen. 
Social media geeft enerzijds een overtolligheid aan informatie en anderzijds een uitdaging om niet te veel van jezelf bloot te geven en je hele hebben en houwen op straat te leggen.

Maar ik ben geen doemdenker, er zijn even zovele, zo niet meer, voordelen te noemen aan de snelle voortgang en ontwikkelingen in onze maatschappij en dus ook in onderwijsland.
Vooral het stukje onderzoekend en ontdekkend leren intrigeert mij. Kinderen zijn van nature nieuwsgierig en door dat te blijven stimuleren kun je ook de motivatie en hun betrokkenheid vasthouden. Neemt niet weg dat de interactieve gedifferentieerde directe instructie ook belangrijk blijft. Kinderen gaan dit - naar mijn bescheiden mening - niet allemaal vanzelf leren. Misschien op een enkele uitzondering na. Ik kan mij niet voorstellen dat een leerling uit zichzelf een vak (wat het niet zo leuk vindt) bij de kop neemt, en daar vervolgens een bepaald probleem of moeilijkheid van wil leren. Door de verbinding naar de betekenis te leggen, en daarvoor heb je toch een leerkracht of ouder nodig, geeft de te leren stof meer inhoud. Het is zoeken naar een balans tussen (betekenisvolle) kennis enerzijds en vaardigheden om die kennis in te zetten en te ontdekken, te onderzoeken en eventueel ook te ontwerpen anderzijds.

Daarom is die ontdekkende onderzoekende houding, met al die 21ste eeuwse vaardigheden voor de kinderen van nu zo belangrijk. We hopen ze daarmee meer bagage mee te kunnen geven voor hun verdere ontwikkeling. Voor hun eigen leven in de maatschappij van straks. Ik denk zelfs dat we zo beter kunnen differentiëren en leerlingen kunnen laten floreren in hun mogelijkheden. 
Als we vervolgens de fase van ontwerpend leren verder kunnen uitbouwen, zal de ene leerling laten zien hoe hij een drijvend vlot kan creëren, een ander zal de technische vaardigheden van elektriciteit kunnen toepassen in een apparaat voor een duurzame wereld en een derde zal zijn kookkunsten kunnen laten zien en gebruiken voor anderen. Zo kan ieder kind en iedere volwassene zijn talenten benutten en krijgt ieder mens de kans om een gelijkwaardige plek te krijgen in onze maatschappij. De een is daarbij niet beter dan de ander, ieder benut zijn eigen kwaliteit zelf, met zijn positieve houding jegens de ander. Hoe mooi is dat?

Natuurlijk denk ik nog weleens aan die tijd van vroeger. Hadden we het toen beter of slechter? Welnee. Het was een andere tijd. Er was meer rust. Er waren minder mogelijkheden. Nu moeten we leren omgaan met de veelheid aan prikkels en zelf die rust creëren. Er zal ook meer bewustwording zijn als het gaat om gezondheid, duurzaamheid, eenzaamheid, klimaatverandering etc. Maar rust heeft een mens ook nodig. Denk hierbij bijvoorbeeld aan mindfulness en yoga. Daar hadden wij vroeger weinig kennis van, toen zaten we gewoon in het park. Of we deden even niks (i.p.v. kijken en reageren op onze mobiele telefoon).

Laten we genieten van de ontwikkelingen, de vooruitgang, de mooie moderne tijd. Benut jouw talenten en zet die in om daarin gelukkig te worden. Wees je bewust van mogelijkheden, ontdekkingen en nieuwe dingen en zoek balans in de rust, werk en privé. Zie om naar elkaar. Dan wordt de wereld nog mooier. Geniet ervan. De tijd vliegt immers voorbij.

donderdag 18 oktober 2018

Te kort of tekort?

(deze column is eerder geplaatst in Direct(sept 2018), het blad voor CNV Schoolleiders)

Te kort of tekort?
Lerarentekort
Toen de broeken van mijn kinderen te kort werden, wist ik dat ik actie moest ondernemen. Het werd tijd voor een nieuwe. Ze waren gegroeid. De broek werd te klein. Maar dit had ik natuurlijk zien aankomen, dus gingen we op tijd naar de winkel, met geld dat ik hiervoor opzij had gelegd. Als kind overkwam mij dit natuurlijk ook. Omdat mijn moeder met zes kinderen zonder baan niet heel veel geld te spenderen had, bespaarde ze door er een stuk onder te naaien. Zo liep ik maanden met broeken waarbij een totaal andere kleur onderaan de pijpen afstak. Ik zie het nog terug op foto’s (…). 
Als er een lerarentekort is, zal het ministerie van onderwijs actie moeten ondernemen. Eigenlijk had men in Den Haag - zoals met de broeken - moeten anticiperen en rekening moeten houden met dit groeiende tekort. Geen maatregelen nemen, die averechts werken (zoals bijvoorbeeld de reken- en taaltoets). Wel het beroep aantrekkelijk maken (zoals werkdrukvermindering en salarisverhoging). Nu men niet op tijd heeft gereageerd zal men actie moeten ondernemen. De geleden schade is inmiddels zo groot, dat actie uiteindelijk duurder zal uitpakken. Een hele uitdaging. Maar ja, je kunt kinderen niet zonder leraren laten zitten. Of…?
Ik las via Twitter een oplossing. Een lokaal met 50 leerlingen met een leerkracht en een onderwijsassistent. WHAAT?! Hoor ik dat goed?  Het leerlingaantal verdubbelen met alleen wat extra handen, die we sowieso nodig hebben bij een groep van 25? Wel goede instructie verwachten op drie niveaus, excellente leerlingen uitdaging bieden, leerlingen met een arrangement in de groep, extra instructie voor de dyslexie en dyscalculie en dan heb ik het nog niet over de gevoelige autist, de opvliegende ADHDer en de stille aangepaste leerling die graag gezien willen worden. Even voor de duidelijkheid: DIT GAAN WE NIET DOEN! Er is een goed plan nodig met een goede oplossing, waar de leerlingen -  daar draait het om - baat bij hebben. Investeer in goede dingen. Laat registers, coöperaties, raden en onderwijsclubjes los. Zorg dat invallers via besturen kunnen invallen en niet via dure uitzendbureaus. Zet het kind weer in de spotlights en de leerkracht ernaast. 
Naai geen stukken onderaan die pijpen, dat biedt geen oplossing. Anticiperen. Minder lesuren misschien? Dan heb je minder leerkrachten nodig. Houd de lessen die nodig zijn (taal, rekenen, …) en gooi niet alle randzaken (burgerschap, …) over de schutting van de basisschool.
Hanneke de Frel
Schoolleider CBS Prinses Máxima Berkel en Rodenrijs.