zondag 29 december 2019
De knoop en de vlinder
Labels:
afstemming,
balans,
fladderen,
geduld,
knoop,
maag,
studie,
verlichting,
vlinder
zondag 27 oktober 2019
Toekomstdromen in het onderwijs
Het ziet er op dit moment niet zo rooskleurig uit in het basisonderwijs. Hard werken, hoge werkdruk, veel uren, veel ingewikkelde leerlingen, veel veranderingen, mogelijkheden om het onderwijs anders te doen, steeds meer verantwoordelijkheid, matig salaris en te weinig a.s. collega’s die nog gek genoeg zijn om het onderwijs in te gaan. Wat kunnen we doen?
In de afgelopen jaren hebben verschillende noodmaatregelen de revue gepasseerd.Zo kunnen we 4 jarigen bij de opvang laten en de basisschool starten bij 5, het aantal lesuren verminderen, een videoverbinding inschakelen of gewoon ouders optrommelen.Het vak leerkracht, maar ook die van schoolleider, adjunct, onderwijsassistent, conciërge, en wie ook meewerkt in het basisonderwijs, het wordt niet serieus genomen. Een doekje voor het bloeden. We hebben al geld gekregen, dus niet zeuren. Het is jammer, maar we zullen moeten roeien met de riemen die we hebben. Daarmee kunnen we onze geluiden laten horen om de overheid in beweging te krijgen en ik denk dat we dat moeten blijven doen. We kunnen ook nadenken over andere mogelijkheden.
Thuisonderwijs, via een video-interactie, waarbij de leerkracht de lessen verzorgd en ouders het gedrag reguleren. Zo kan de leerkracht doen waar hij goed in is. Gym wordt verzorgd door de BSO*(1 op bepaalde dagen, dagen dat ouders beiden werken, net als de creatieve(waaronder ook koken, techniek, timmeren) en muzikale vakken. Zij regelen ook zwemles en alle sportclub activiteiten, nemen één keer per jaar een uitstapje naar een pretpark en zorgen voor de bezoekjes aan bibliotheek, musea, bos, stad of andere culturele uitstapjes. Workshops waar leerlingen zich voor op kunnen geven.
Ouders kunnen opvang regelen, waarbij leerlingen les krijgen via de video-interactie, waarbij leerkrachten de uitleg geven en opvang zorgt dat ze opletten. Ouders zullen voor deze vorm van opvang wel meer geld moeten neerleggen, maar kunnen er ook voor kiezen om dit deels zelf te doen. Ze zijn dan enorm betrokken bij wat hun kind moet kunnen en kennen.
Een spreekbeurt of presentatie kan ook weer via de video worden gemaakt en leerlingen kunnen op een eigen gekozen moment kijken en beoordelen op voor op gestelde criteria. Iedere leerling beoordeelt minimaal zes presentaties. Scheelt tijd.
Andere mogelijkheden, die het bovenstaande kunnen versterken:
1. Leerkrachten die allemaal een eigen vak geven en de instructie van een hele bouw of school (afhankelijk van de grootte) geven.
2. Digitale bibliotheek, waarbij leerlingen op hun devices zelf op elk moment kunnen lezen.
3. Leerkrachten die gespecialiseerd zijn in leerlingen die meer uitleg nodig hebben en met meer concreet materiaal aan de slag moeten. Leerkrachten die meer lessen kunnen ontwikkelen voor de leerling die meer uitdaging nodig heeft.
4. Extra praktijklessen voor praktisch ingestelde leerlingen, eventueel ook in te huren bij BSO.
5. Gevarieerde niveaus van vakken. Dus bijvoorbeeld op tekengereedschap heel ver uit kunnen komen (wiskundig niveau) en spelling misschien niet goed kunnen. Het bieden van betere differentiatie.
6. Ontmoetingsplaatsen in de steden creëren waarbij huiswerk gemaakt kan worden en kan worden opgestuurd naar leerkrachten die dit digitaal verwerken. Beheerd door BSO’s.
7. Blogs en vlogs maken en zo zaken aan elkaar vertellen
8. Ouderontmoetingen op bepaalde tijdstippen, geregeld en verzorgd door BSO.
9. Geld van onderwijs direct naar scholen, licenties, ontmoetingsplekken
10. Geen papieren boeken meer, maar de mogelijkheid is er nog wel. Keuze met een extra toelage om het te kunnen drukken.
11. Uitgevers zorgen voor goede digitale methodes.
Leerlingen zorgen zelf voor papier, pen, reken materialen, tafelkaart indien nodig.leerlingen bepalen zelf wat ze willen gebruiken, hoeveel ze oefenen. Leerlingen bepalen ook zelf hun doelen.
Als we zo de verantwoording meer bij ouders en leerlingen leggen, wordt de druk op scholen minder, kunnen BSO’s hier mooi op inspelen, is het gedrag opgelost en kan er zo veel als nodig ontmoetingen plaatsvinden in de vorm van sport, spel, verjaardagen, uitstapjes etc. Dan hebben we een hele andere structuur bedacht en hebben straks die schoolgebouwen, intern begeleiders, directies en besturen ook niet meer nodig. Of wel? Wie garandeert de kwaliteit? Wordt de rol van al deze onderwijskundigen een andere? Zijn er meer technici nodig om de video-interactie goed te laten verlopen? Zijn er meer pedagogisch medewerkers nodigen genoeg ontmoetingsmomenten te kunnen realiseren? Ik denk dat we wel met minder leerkrachten toekunnen. Lerarentekort opgelost.
Misschien kan ik zelf wel vervroegd met pensioen als ik overbodig word. Blijven dromen kan altijd.
*(1 BSO = Buiten Schoolse Opvang
Labels:
adjunct,
basisonderwijs,
BSO,
conciërge,
directeur,
ingewikkeld,
leerkracht,
lerarenondersteuner,
onderwijs,
onderwijsassistent,
opvang,
ouders,
presentatie,
salaris,
toekomst,
veranderingen,
werkplezier
zaterdag 26 oktober 2019
Dromen bestaan
BijkomenVele dromen
De rust
De stilte
Intomen
Uitstromen
Laat het los
Laat het gaan
In het water
De bomen
Zwiepen
heen en weer
Het is later
Al die dromen
Ze komen
En gaan
Dromen
Ze bestaan
maandag 21 oktober 2019
Tekort: Met de rug tegen de muur
Als kind van een jaar of 6 speelde ik tikkertje op het schoolplein. Omdat de lagere school met toen nog zes klassen, twee ingangen telde, een voor de onder- en een voor de bovenbouw - al weet ik me niet meer te herinneren waar de grens lag - schoten we langs de deur van de onderbouw naar binnen. Door de gang hollend om er aan de andere kant weer uit te hollen. Maar ai ai ai. Gesnapt door de hoofdmeester. De meester van klas 6 stuurde mij en mijn vriendinnetje naar binnen. Het klaslokaal van klas 6. Met de neus naar de muur moesten voor straf in de hoek staan. Terwijl klas 6, waar ook mijn broer in zat, naar binnen kwam, dacht ik na over wat er thuis wel niet verteld zou worden door mijn broer.
Nu in 2019, zo’n 50 jaar later, hol ik weer door de gang. Niet om de tikker te ontlopen, maar om een klas op te vangen, waarvan een leerkracht ziek is. Er is geen vervanger te krijgen. Vanaf vanmorgen 6.50u. ben ik in touw om te zoeken naar een invaller. Voor de vervangingspool is dit tijdstip te laat. Misschien nog een parttime collega zonder kleine kinderen of een stagiaire. Het lukt niet en dus is de volgende stap om de klas te verdelen.
In de klassenmap staat hoe de verdeling is en er ligt een noodpakket klaar. Dit moet alleen nog wel even worden gekopieerd. O wacht, er is vandaag gym, dus de verdeling moet wat worden gewijzigd, want er is al een groep naar de gymzaal.
Als om 8.55u. iedereen weet naar welke groep hij of zij kan met het pakketje werk, leun ik met mijn rug tegen de muur. De oplossing voor vandaag is er een van hoge nood. Het onderwijs wordt er niet beter van, de leerkrachten die er vier of vijf leerlingen bij krijgen ervaren onrust en meer werkdruk, er zijn immers nog meer vingers die omhoog kunnen gaan en nog meer hulpvragen. Kan de hulp aan het het subgroepje van de eigen groep nog wel doorgang vinden? De groep waar leerlingen bijkomen moet wat inschikken en ruimte bieden. Dit heet kwaliteitstekort.
Uitrustend met mijn rug tegen de muur, sta ik ook figuurlijk met de rug tegen de muur. Wat is in zo’n situatie de goede oplossing? Kwam er nu maar een hoofdmeester of andere hoge pief om dit te bestraffen en vervolgens op te lossen. Deze noodmaatregel houdt geen stand en gaat ten koste van iedereen op school (werkpleziertekort) en van de kwaliteit. De enigen die tevreden zijn, zijn de aanstuurders van het ministerie die denken dat het allemaal niet zo erg is en de ouders die gewoon naar hun werk kunnen.
Juist omdat dit vaker voorkomt is het niet acceptabel. Dat heet lerarentekort.
Juist nu zou ik willen dat ik gesnapt werd in de gang, zodat men ziet dat dit eigenlijk niet kan.
Mijn broer vertelde thuis niets. Er waren dus geen consequenties. Opgelucht kon ik thuis weer mezelf zijn en op school weer tikkertje spelen, maar dan op het plein.
De overheid en het ministerie van onderwijs zoekt doekjes voor het bloeden met een enkele zij-instromer, een subsidie of een nieuw curriculum of een opgeleide ouder. Maar de overheid en het ministerie van onderwijs zeggen niets toe. Er komt geen extra geld vrij. Dit heet investeringstekort. Er gebeurt niets in de richting van het rechtzetten van de salarissen in het PO, niets met de OOPers in het PO. De knip van de overheid zit dicht. Een kleine trap na: er mogen wel ouders of onderwijsassistenten voor de groep. Dit heet erkenningstekort.
Tekorten vragen om oplossingen. Welke oplossingen dragen bij aan het lerarentekort? En wellicht het schoolleiderstekort?
Er zijn al veel mogelijke oplossingen en investeringen langs gekomen. Één van de meest houdbare zijn die van investeringen, andere koers en van minder lesuren. Dat er iets moet gebeuren is duidelijk. Laten we er vooral samen voor gaan. Maar zorg wel dat de kwaliteit behouden blijft, leerkrachten de waardering krijgen en het werkplezier voorop staat. Daar is nu eenmaal geld voor nodig.
Dan wil ik best nog een sprintje trekken. Door de gang.
zaterdag 17 augustus 2019
Schoolleiders gezocht of schoolleiders verkocht?
Geachte minister Slob, geachte Tweede Kamerleden,
Het onderwijs is boeiend
Schoolleiderstekort is groeiend.
Directievacatures groeien, met meer dan 700 fte,
Leerkrachten vinden, het valt niet mee.
We willen niet zeuren,
maar er moet iets gebeuren!
Tekorten in het onderwijs zijn desastreus
U stelt ons geen andere keus
Wij staan voor kwaliteit
En voor continuïteit
Leerlingen verdienen goed onderwijs
Medewerkers (alle!) verdienen een goede prijs
Goede schoolleiders, OOPers en leraren
Nee, u kunt niet voor u uit blijven staren.
Het achterblijven van erkenning
Zonder enige verwenning
geactualiseerde arbeidsvoorwaarden voor directeuren,
Het moet nu toch echt gebeuren
vastgelegd in een nieuwe CAO,
Ik breng u toch niet van uw apropos?
Ons mooie beroep aantrekkelijk maken en te houden
Geeft ons een gevoel van cum laude
Passende positionering,
Arbeidsvoorwaarden en facilitering
Zijn nodig, de tering naar de nering?
Hoge taakbelasting en grote verantwoordelijkheid
Moeten beloond worden met aandacht en gerechtigheid
Budget hiervoor moet vanzelfsprekend zijn.
Dit zeg ik zonder enig venijn.
Mijn eis namens alle directeuren
Die blijven zoeken en speuren
Is op zeer korte termijn:
• een nieuwe CAO PO afgesloten wordt waarin de geactualiseerde functiebeschrijvingen voor directeuren zijn opgenomen.
Waarin de directies weer tot hun recht komen.
Met nieuwe salarisschalen (zoals D11, D12 en D13 en A10, A11 en A12)
Waarbij u loon naar arbeid kunt betalen
• het oplopende tekort aan schoolleiders serieuze aandacht krijgt
En u niet de gesprekken maar aan elkaar rijgt
En hoopt dat men wel zwijgt
In oplossingen investeren
En het onderwijs weer goed beheren
Ik hoop dat u nu naar behoud van onderwijs neigt
• de werkdruk ook voor schoolleiders
Wordt teruggedrongen met neerwaartse glijders
• een noodpakket aan investeringen
beschikbaar komt voor onderwijslegeringen
We hebben nog niet alles gehad,
Ik wil op langere termijn dat:
• In samenspraak met schoolleiders een stevige agenda tot stand komt
Voor het positioneren en faciliteren van schoolleiders;
En niet dat u achter uw bureau gromt
Met zoethoudertjes en afleiders
• Onderwijs wordt gepositioneerd als belangrijke maatschappelijke en economische factor
Net zoals een boer met akkerland en een goed uitgeruste tractor
Aandacht en investeringen krijgen die nodig zijn
Voor de toekomst van onze kinderen, van mijn en dijn
• Er een meerjarige investeringsagenda voor de sector komt die perspectief biedt
En die het nodige nuttige en aangename daadwerkelijk ziet
Om personeel te kunnen behouden (ontwikkeling en doorstroom) en aan te trekken (instroom).
Het begint te lekken, nu toch echt van de gekken
De politiek is aan zet.
Wij gaan rond met de pet.
Wilt u een ramp voorkomen,
Zult u over de brug moeten komen
extra investeren
in funderend onderwijs
Is leren beheren
En dat heeft een prijs
Onomkeerbaar
onontkoombaar!
Hanneke de Frel, schoolleider
Octantschool Vlinderboom
zondag 11 augustus 2019
Onderwijzen, wat is dat?
Door de verandering in de maatschappij lijkt ook het woord onderwijs aan verandering onderhevig. De inhoud van ons onderwijs is door een naar verhouding kleine groep onderwijsmensen onder de loep genomen in een nieuw curriculum. Voor- en tegenstanders zijn er, al lijkt er meer tegenstand, maar zal er na vandaag toch verandering van inhoud worden doorgevoerd. Is dat erg?
Allereerst eens terug naar het woord onderwijzen. Opzoekend (prettige vaardigheid overigens) via encyclo.nl kwam ik de volgende betekenissen tegen:
1. Lessen geven
2. Scholing verzorgen voor iemand, opleiden
3. Anderen rechtstreeks onderwijzen in kennis, gedrag en vaardigheid
4. Op een school aan leerlingen iets leren (ook wel doceren of lesgeven genoemd)
Of de inhoud iets wijzigt en we een breuk meer of minder moeten kennen, zal echter niet zo’n vaart lopen. Geïnteresseerden kunnen altijd meer krijgen, degenen die het lastig vinden leren we de basale kennis.
Waar het mij om gaat is wat leerlingen op de basisschool nodig hebben om de volgende stap te kunnen maken in hun ontwikkelingsprojecten. We hebben het dan bijvoorbeeld over lessen empathie, technieklessen, burgerschapsvorming, persoonsvorming, 21ste eeuwse vaardigheden, en noem maar op.
De volledige aandacht op kennis lijkt wat achterhaald. De volledige aandacht op vaardigheden vind ik wat te ver gaan. Een mooie mix moet mogelijk zijn, maar ... er moet natuurlijk niet steeds meer bij komen. Misschien - ik zeg het voorzichtig - kan het nieuwe curriculum daarin bijdragen.
Ik ben wel van mening, dat er in het basisonderwijs ook echt lessen gegeven moeten worden zoals bovenstaande betekenissen ook weergeven, waarin instructie geboden moet worden. Dat zal niet voor elk kind evenveel of even intensief zijn, maar er zullen zaken geleerd moet worden en dus daadwerkelijk gedoceerd door een leerkracht. Aanleren van letters, cijfers, van lezen en rekenen, maar ook het spelen met taal is niet onlosmakelijk te zien zonder een goede leerkracht.
Die leerkracht zal de didactische kennis moeten bezitten om dit op een goede stapsgewijze manier over te brengen van concreet naar abstract. Dat is onderwijzen. Neemt niet weg, dat hij het kind ook in de gaten houdt hoe het zich voelt, hoe hij/zij dit kind veiligheid kan bieden en daarbij zal hij zijn pedagogische kwaliteiten inzetten. Lessen empathie vind ik dan ook wat overtrokken, tenzij dit natuurlijk niet lukt op wat voor manier dan ook.
Daarbij doorspekt zijn er uiteraard ook vaardigheden die leerlingen moeten leren, dat staat boven kijf.
Wat tegenwoordig meer naar voren komt, wat echt een positieve ontwikkeling is, is de bewustwording van het leerproces van de leerling, maar ook die van de leerkracht en eigenlijk van ieder mens. Het eigenaarschap. Het ontwikkelen van nieuwsgierigheid en het aanwakkeren van de intrinsieke motivatie. Dit helpt iedereen verder. Mij ook. Het mooie is dat je dan ook leert naar je eigen handelen te kijken en te bedenken hoe ik, jij of de leerling dit anders kan doen de volgende keer. Een leven lang leren. Dat is echt een toegevoegde waarde. En daarin krijgen de vaardigheden een wat prominentere rol.
Er ligt dan ook een mooie rl voor de leerkracht om de leerling te kennen en ‘lezen’. Zo leert de leerkracht wat leerlingen nodig hebben van jou. En dat kan van alles zijn. Kennis, vaardigheid, maar soms een aai over zijn bol, een stimulans of een compliment. Zorg dat de leerling zich prettig voelt bij jou als leerkracht en geef hem/haar de ruimte.
Dit geldt trouwens net zo goed voor een schoolleider en zijn leerkrachten, voor een bestuurder en zijn directeuren, voor elke vorm van werkgevers en werknemers. Zorg voor een goede relatie, geef elkaar daar de ruimte, geef hen de autonomie. Men zal zich competent voelen of daarnaar streven. Een goede balans van deze drie bekende termen houdt elkaar in evenwicht.
Allereerst eens terug naar het woord onderwijzen. Opzoekend (prettige vaardigheid overigens) via encyclo.nl kwam ik de volgende betekenissen tegen:
1. Lessen geven
2. Scholing verzorgen voor iemand, opleiden
3. Anderen rechtstreeks onderwijzen in kennis, gedrag en vaardigheid
4. Op een school aan leerlingen iets leren (ook wel doceren of lesgeven genoemd)
Of de inhoud iets wijzigt en we een breuk meer of minder moeten kennen, zal echter niet zo’n vaart lopen. Geïnteresseerden kunnen altijd meer krijgen, degenen die het lastig vinden leren we de basale kennis.
Waar het mij om gaat is wat leerlingen op de basisschool nodig hebben om de volgende stap te kunnen maken in hun ontwikkelingsprojecten. We hebben het dan bijvoorbeeld over lessen empathie, technieklessen, burgerschapsvorming, persoonsvorming, 21ste eeuwse vaardigheden, en noem maar op.
De volledige aandacht op kennis lijkt wat achterhaald. De volledige aandacht op vaardigheden vind ik wat te ver gaan. Een mooie mix moet mogelijk zijn, maar ... er moet natuurlijk niet steeds meer bij komen. Misschien - ik zeg het voorzichtig - kan het nieuwe curriculum daarin bijdragen.
Ik ben wel van mening, dat er in het basisonderwijs ook echt lessen gegeven moeten worden zoals bovenstaande betekenissen ook weergeven, waarin instructie geboden moet worden. Dat zal niet voor elk kind evenveel of even intensief zijn, maar er zullen zaken geleerd moet worden en dus daadwerkelijk gedoceerd door een leerkracht. Aanleren van letters, cijfers, van lezen en rekenen, maar ook het spelen met taal is niet onlosmakelijk te zien zonder een goede leerkracht.
Die leerkracht zal de didactische kennis moeten bezitten om dit op een goede stapsgewijze manier over te brengen van concreet naar abstract. Dat is onderwijzen. Neemt niet weg, dat hij het kind ook in de gaten houdt hoe het zich voelt, hoe hij/zij dit kind veiligheid kan bieden en daarbij zal hij zijn pedagogische kwaliteiten inzetten. Lessen empathie vind ik dan ook wat overtrokken, tenzij dit natuurlijk niet lukt op wat voor manier dan ook.
Daarbij doorspekt zijn er uiteraard ook vaardigheden die leerlingen moeten leren, dat staat boven kijf.
Wat tegenwoordig meer naar voren komt, wat echt een positieve ontwikkeling is, is de bewustwording van het leerproces van de leerling, maar ook die van de leerkracht en eigenlijk van ieder mens. Het eigenaarschap. Het ontwikkelen van nieuwsgierigheid en het aanwakkeren van de intrinsieke motivatie. Dit helpt iedereen verder. Mij ook. Het mooie is dat je dan ook leert naar je eigen handelen te kijken en te bedenken hoe ik, jij of de leerling dit anders kan doen de volgende keer. Een leven lang leren. Dat is echt een toegevoegde waarde. En daarin krijgen de vaardigheden een wat prominentere rol.
Er ligt dan ook een mooie rl voor de leerkracht om de leerling te kennen en ‘lezen’. Zo leert de leerkracht wat leerlingen nodig hebben van jou. En dat kan van alles zijn. Kennis, vaardigheid, maar soms een aai over zijn bol, een stimulans of een compliment. Zorg dat de leerling zich prettig voelt bij jou als leerkracht en geef hem/haar de ruimte.
Dit geldt trouwens net zo goed voor een schoolleider en zijn leerkrachten, voor een bestuurder en zijn directeuren, voor elke vorm van werkgevers en werknemers. Zorg voor een goede relatie, geef elkaar daar de ruimte, geef hen de autonomie. Men zal zich competent voelen of daarnaar streven. Een goede balans van deze drie bekende termen houdt elkaar in evenwicht.
Labels:
autonomie,
balans,
competentie,
curriculum,
doceren,
gedrag,
kennis,
leren,
lessen geven,
Onderwijzen,
opleiden,
relatie,
vaardigheid
woensdag 7 augustus 2019
Ouders en kinderen evenveel vrije tijd?
Moeten ouders en kinderen evenveel vakantie krijgen?
Gisteren las ik deze vraag op Twitter. Het triggert me, omdat het in deze tijd, waarbij vaak beide ouders werken, een probleem begint geworden. Dat is al te merken aan de hoeveelheid ouderhulp op school. Maar hoe kunnen we dit aanvliegen? Is het überhaupt wel op te lossen zonder grote consequenties?
Allereerst is het een serieuze vraag. Kinderen hebben veel meer vakantie dan ouders. Daarbij hebben kinderen, zeker op de lagere school - wanneer veelal nog wat achtervang nodig is - ook nog de nodige studiedagen.
Wanneer ouders gebruik maken van een BSO, is deze hier meestal op ingesteld en kunnen de kinderen van deze ouders gewoon terecht. Anderen moeten vaak extra kosten betalen.
Is er opvang via een gastouder, dan gaat dit extra uren kosten.
Is er opvang via een bekende opa of oma, een buur of een goede vriend, dan is het zaak om opvang te regelen.
Dat is natuurlijk allemaal de verantwoording van de ouders. Het geregel en de kosten. Het hoort er allemaal bij.
Mee bewegen
Hoe zouden we toch wat naar elkaar toe kunnen bewegen, zonder dat dit ten koste gaat van het onderwijs en de hardwerkende leerkrachten en zonder dat dit ten koste gaat van de hardwerkende ouder, die niet zo heel veel vakantiedagen heeft? Kunnen kinderen minder vakanties krijgen? Kunnen ouders meer vakantiedagen “krijgen”. Dat is niet zo eenvoudig.
Evenveel vakanties? Hoe dan?
Werkgevers zitten niet te wachten op nog meer voordelige regelingen, die we samen moeten ophoesten. Zij zitten niet te wachten op meer vrije dagen en dus minder rendement. Kinderen minder vakantie? En wie is er dan bij de kinderen? Leerkrachten zitten aan hun taks en meer leerkrachten zijn er gewoon niet. Kinderopvang, zoals nu, kost veel geld. Een school die altijd open is, waarbij kinderen vakantie kunnen opnemen? Hoe denkt leerplicht en de minister van onderwijs hierover? Is dit ideaal?
Met het lerarentekort is er eerder sprake van minder lesuren, dan van meer.
Mogelijke oplossingen
Kan de werkende ouder wellicht overuren sparen?
Kan de werkende ouder thuis werken en zo een oogje in het zeil houden en eventueel ‘s avonds nog wat extra’s doen?
Zou de school opvang kunnen regelen? Met behulp van kinderopvang?
Zouden we een beroep kunnen doen op pensionada? Zijn er mensen die kinderen echt liefdevol, met plezier en met pedagogische kwaliteiten kinderen willen en kunnen opvangen. Of vragen we dan te veel?
Toch nog een oplossing?
Het zal zo’n vaart nog niet lopen, omdat de oplossingen niet echt voor de hand liggen. Of toch wel? Er is een oplossing die wel gaat helpen. Meer ouders met kinderen die als leerkracht gaan werken in het onderwijs. Dan heb je ongeveer evenveel vakantie, kun je een lange zomer weg, regel je de enkele studiedag nog. Dan hebben we meteen meer leerkrachten en helpen we het lerarentekort weg te werken en de zaak is opgelost. Ouders blij. Kinderen blij. Onderwijs blij. Werkgevers blij.
Of zou er nog een andere mogelijkheid zijn?
Allereerst is het een serieuze vraag. Kinderen hebben veel meer vakantie dan ouders. Daarbij hebben kinderen, zeker op de lagere school - wanneer veelal nog wat achtervang nodig is - ook nog de nodige studiedagen.
Wanneer ouders gebruik maken van een BSO, is deze hier meestal op ingesteld en kunnen de kinderen van deze ouders gewoon terecht. Anderen moeten vaak extra kosten betalen.
Is er opvang via een gastouder, dan gaat dit extra uren kosten.
Is er opvang via een bekende opa of oma, een buur of een goede vriend, dan is het zaak om opvang te regelen.
Dat is natuurlijk allemaal de verantwoording van de ouders. Het geregel en de kosten. Het hoort er allemaal bij.
Mee bewegen
Hoe zouden we toch wat naar elkaar toe kunnen bewegen, zonder dat dit ten koste gaat van het onderwijs en de hardwerkende leerkrachten en zonder dat dit ten koste gaat van de hardwerkende ouder, die niet zo heel veel vakantiedagen heeft? Kunnen kinderen minder vakanties krijgen? Kunnen ouders meer vakantiedagen “krijgen”. Dat is niet zo eenvoudig.
Evenveel vakanties? Hoe dan?
Werkgevers zitten niet te wachten op nog meer voordelige regelingen, die we samen moeten ophoesten. Zij zitten niet te wachten op meer vrije dagen en dus minder rendement. Kinderen minder vakantie? En wie is er dan bij de kinderen? Leerkrachten zitten aan hun taks en meer leerkrachten zijn er gewoon niet. Kinderopvang, zoals nu, kost veel geld. Een school die altijd open is, waarbij kinderen vakantie kunnen opnemen? Hoe denkt leerplicht en de minister van onderwijs hierover? Is dit ideaal?
Met het lerarentekort is er eerder sprake van minder lesuren, dan van meer.
Mogelijke oplossingen
Kan de werkende ouder wellicht overuren sparen?
Kan de werkende ouder thuis werken en zo een oogje in het zeil houden en eventueel ‘s avonds nog wat extra’s doen?
Zou de school opvang kunnen regelen? Met behulp van kinderopvang?
Zouden we een beroep kunnen doen op pensionada? Zijn er mensen die kinderen echt liefdevol, met plezier en met pedagogische kwaliteiten kinderen willen en kunnen opvangen. Of vragen we dan te veel?
Toch nog een oplossing?
Het zal zo’n vaart nog niet lopen, omdat de oplossingen niet echt voor de hand liggen. Of toch wel? Er is een oplossing die wel gaat helpen. Meer ouders met kinderen die als leerkracht gaan werken in het onderwijs. Dan heb je ongeveer evenveel vakantie, kun je een lange zomer weg, regel je de enkele studiedag nog. Dan hebben we meteen meer leerkrachten en helpen we het lerarentekort weg te werken en de zaak is opgelost. Ouders blij. Kinderen blij. Onderwijs blij. Werkgevers blij.
Of zou er nog een andere mogelijkheid zijn?
Labels:
kinderen,
kinderopvang,
leerkrachten,
opvang,
ouders,
vakantie,
vrije tijd,
werkgevers
zaterdag 3 augustus 2019
De tijd nemen of tijd maken?
In de vakantie kun je de tijd nemen, je kunt tijd maken, je hebt de tijd. Maar kun en wil je je tijd ook goed kunnen indelen of geef je het allemaal de tijd? Tijd heelt alle wonden.
Vakantietijd. Tijd om even afstand te nemen van de dagelijkse werkzaamheden. Tijd om tijd te maken voor jezelf. Lekker egoïstisch aan jezelf denken. Heerlijk de tijd nemen voor allerlei dingen waar je eigenlijk te weinig tijd voor maakt.
Wat betekent dat dan? Dat kan voor iedereen verschillend zijn.
Voor mij betekent vakantie tijd nemen voor
1. Rust
2. Ontspannen
3. Genieten
4. Opladen
5. Positieve energie
Rust
Dat is de belangrijkste. Eerst de rust vinden. Herstellen van een gespannen tijd. Zeker als de zomervakantie start, heb ik altijd een paar dagen nodig om de werkmodus uit te zetten. Het is net of de motor nog draait, maar hij niet hoeft te rijden. Ik hoef niet echt iets. De motor heeft tijd nodig om nog even uit te razen. Ik voel me dan nog moe en onrustig, terwijl de vakantie al is begonnen. Daarna is het heerlijk om gewoon te zitten, te kijken, te lopen of te fietsen of domweg een detective te kijken op TV, zonder dat je nog iets moet. Spieren slap laten hangen. Niet alert zijn op de agenda, en zeker niet op de klok. Niks. Gewoon even niks.
Ontspannen
Dit volgt op de rust. Zodra de pauze, de echte ruststand is begonnen, kan ik gaan ontspannen. De denkmodus kan uit. Lekker even de boel de boel laten. Onderuitzakken. Kijken. Lopen en uitwaaien. Gedachtes laten komen en even snel weer laten gaan. Er moet even niks. Niet op de klok letten. Lang in bed of juist niet. Wat je wilt. Het is niet gepland. Je denkt aan van alles, maar er moet helemaal niks.
Genieten
Wanneer ik de rust heb gevonden en kan ontspannen, is er ruimte om van kleine, mooie en soms ook bijzondere dingen te genieten. De natuur, de zon, de geur van een lekkere maaltijd of een goed boek. Ik kan mezelf ook verliezen in handwerken, schrijverijen, creatieve activiteiten, geocachen, lezen, fotograferen of noem maar op. Dat kan ik alleen, maar vaak is het met z’n tweeën of in een groepje gezelliger. Lekker kletsen over van alles. Samen genieten is vaak dubbel genieten. Zo is het genieten om samen met mijn partner dingen te doen, maar met een of meer kinderen, een broer of zus of een vriendin. Een cappuccino drinken op een terras. Een softijsje op een bankje langs het strand. Een geocache midden in het bos.
Opladen
Genieten is heerlijk. Langzaam kom ik dan in de fase van opladen. Alsof ik weer echt wat kan ondernemen. Iets kan bedenken. Iets kan creëren. Ik krijg weer energie. Alle voorgaande fases worden makkelijker. De rust is echt teruggekeerd. Ik kan daadwerkelijk ontspannen en genieten. En dan gaat opladen ook vanzelf. Dan kom je in de laatste fase, de fase van de positieve energie.
Positieve energie
Het gevoel hebben dat je de wereld weer aankunt. Sterker voelen. Bergen kunnen verzetten. Ingewikkelde dingen kan oplossen. Uitdagingen willen aangaan. Er stroomt daadwerkelijk energie door je lijf en denkt “Kom maar op!”
Natuurlijk is het fijn als de fasen in een rechte lijn omhoog klimmen en je automatisch, via een denkbeeldige trap op de verdieping van de positieve energie komt. Dat is illusie. Het leven bestaat uit veel verrassingen. Soms schiet je terug in een werkmodus als er iets tegenzit. Soms zijn er gebeurtenissen of herinneringen die het genieten belemmeren. Bedenk dan dat tijd inderdaad alle wonden heelt, ook al gaan niet altijd de littekens helemaal weg.
Neem de tijd, pak jouw kostbare uurtjes, een ander kan jou geen tijd geven, dat doe je zelf. Zorg dat je geen tijd tekort komt. Daarmee komt er ook energie.
Vakantietijd. Tijd om even afstand te nemen van de dagelijkse werkzaamheden. Tijd om tijd te maken voor jezelf. Lekker egoïstisch aan jezelf denken. Heerlijk de tijd nemen voor allerlei dingen waar je eigenlijk te weinig tijd voor maakt.
Wat betekent dat dan? Dat kan voor iedereen verschillend zijn.
Voor mij betekent vakantie tijd nemen voor
1. Rust
3. Genieten
4. Opladen
5. Positieve energie
Rust
Dat is de belangrijkste. Eerst de rust vinden. Herstellen van een gespannen tijd. Zeker als de zomervakantie start, heb ik altijd een paar dagen nodig om de werkmodus uit te zetten. Het is net of de motor nog draait, maar hij niet hoeft te rijden. Ik hoef niet echt iets. De motor heeft tijd nodig om nog even uit te razen. Ik voel me dan nog moe en onrustig, terwijl de vakantie al is begonnen. Daarna is het heerlijk om gewoon te zitten, te kijken, te lopen of te fietsen of domweg een detective te kijken op TV, zonder dat je nog iets moet. Spieren slap laten hangen. Niet alert zijn op de agenda, en zeker niet op de klok. Niks. Gewoon even niks.
Ontspannen
Dit volgt op de rust. Zodra de pauze, de echte ruststand is begonnen, kan ik gaan ontspannen. De denkmodus kan uit. Lekker even de boel de boel laten. Onderuitzakken. Kijken. Lopen en uitwaaien. Gedachtes laten komen en even snel weer laten gaan. Er moet even niks. Niet op de klok letten. Lang in bed of juist niet. Wat je wilt. Het is niet gepland. Je denkt aan van alles, maar er moet helemaal niks.
Genieten
Wanneer ik de rust heb gevonden en kan ontspannen, is er ruimte om van kleine, mooie en soms ook bijzondere dingen te genieten. De natuur, de zon, de geur van een lekkere maaltijd of een goed boek. Ik kan mezelf ook verliezen in handwerken, schrijverijen, creatieve activiteiten, geocachen, lezen, fotograferen of noem maar op. Dat kan ik alleen, maar vaak is het met z’n tweeën of in een groepje gezelliger. Lekker kletsen over van alles. Samen genieten is vaak dubbel genieten. Zo is het genieten om samen met mijn partner dingen te doen, maar met een of meer kinderen, een broer of zus of een vriendin. Een cappuccino drinken op een terras. Een softijsje op een bankje langs het strand. Een geocache midden in het bos.
Opladen
Genieten is heerlijk. Langzaam kom ik dan in de fase van opladen. Alsof ik weer echt wat kan ondernemen. Iets kan bedenken. Iets kan creëren. Ik krijg weer energie. Alle voorgaande fases worden makkelijker. De rust is echt teruggekeerd. Ik kan daadwerkelijk ontspannen en genieten. En dan gaat opladen ook vanzelf. Dan kom je in de laatste fase, de fase van de positieve energie.
Positieve energie
Het gevoel hebben dat je de wereld weer aankunt. Sterker voelen. Bergen kunnen verzetten. Ingewikkelde dingen kan oplossen. Uitdagingen willen aangaan. Er stroomt daadwerkelijk energie door je lijf en denkt “Kom maar op!”
Natuurlijk is het fijn als de fasen in een rechte lijn omhoog klimmen en je automatisch, via een denkbeeldige trap op de verdieping van de positieve energie komt. Dat is illusie. Het leven bestaat uit veel verrassingen. Soms schiet je terug in een werkmodus als er iets tegenzit. Soms zijn er gebeurtenissen of herinneringen die het genieten belemmeren. Bedenk dan dat tijd inderdaad alle wonden heelt, ook al gaan niet altijd de littekens helemaal weg.
Neem de tijd, pak jouw kostbare uurtjes, een ander kan jou geen tijd geven, dat doe je zelf. Zorg dat je geen tijd tekort komt. Daarmee komt er ook energie.
Labels:
genieten,
herstellen,
ontspannen,
opladen,
positieve energie.,
rust,
tijd,
vakantietijd
dinsdag 23 juli 2019
In between
Ergens tussenin zitten. Niet meer bij de ene groep mensen horen en ook nog niet thuis zijn bij de andere organisatie. Beiden zijn fijne groepen mensen, maar ik hoor nu even nergens bij. Het kan prettig zijn, want ik hoef niks. Het kan wat nutteloos voelen, want ik hoor er niet bij.Gevoel
Tja, dit overkomt me nu. Hoe voelt dat? Raar. De ene baan is afgesloten, ik heb afscheid genomen, wat overigens echt bijzonder fijn was en waar ik met volle teugen van heb genoten. De andere baan staat op me te wachten. De prettige kennismaking is geweest, er zijn zaken overgedragen, het voelt goed en ik loop de nieuwe school binnen met het idee dat dit voorlopig mijn school gaat worden. Ik weet het koffiezetapparaat en het toilet te vinden. Heel prettig. Dat is toch een eerste vereiste. Het is een apart gevoel.
Schouders eronder
Negen jaar lang heb ik me ingezet - en ingezet bij mij betekent gewoon echt tot het uiterste, soms over het randje, moet je eigenlijk niet doen, maar ja, als ik ergens voor ga, dan ga ik ervoor - voor CBS Prinses Máxima, een basisschool die opgebouwd moest worden. De kwaliteit moest op orde gebracht worden. Een groeiend aantal leerlingen en leerkrachten leidde tot meer zorgen om borging. Een tweede locaties werd een feit. De school groeide uit tot een prachtige leefgemeenschap met een goede sfeer. Samen met mijn collega's en de hulp van vele ouders hebben we dit tot een mooie school gemaakt. Het was goed zo.
Het leven overdenken
Dan ga je eens nadenken over het leven. Wat zijn de mogelijkheden? Wat zijn mijn mogelijkheden? Waar ben ik goed in en wat wordt er in de omgeving gevraagd? Een zoektocht van zo'n anderhalf jaar volgde. Niet heel intensief, maar ik zocht wel. Ik had immers geen haast en ik zat prima. De Máximaschool is en blijft een fijne school om te werken en verder te ontwikkelen. Het nadenken over het leven heeft ook te maken met mijn eigen leeftijd. Kijk, ik ben geen achttien meer, maar gewoon vijfenvijftig. Nog energie genoeg, nieuwsgierig, zin om iets nieuws te leren. Ik beschrijf het weleens als leerhonger. Wat is er nog meer? Wat kan ik nog meer? Grenzen opzoeken.
Over dat laatste, dat kon ik op de middelbare school ook. Ik heb het teruggezien bij onze kinderen. Een geintje. Een keer spijbelen. Nou ja, misschien meer dan een keer. Mezelf ziek melden en naar mijn vriendje gaan. Ach, het hoort er allemaal bij en ook ik ben er gekomen, zij het niet via een rechte weg.
Solliciteren
Na links en rechts wat te hebben gepraat binnen en buiten de organisatie waar ik werkte, kwam ik ook de baan tegen waar ik nu in augustus ga starten. Een nieuwe weg in slaan. Hoe mooi is dat? De advertentie kwam langs in maart, na twee rondes heb ik de ereplaats gekregen. In april ga je dan met de staart tussen je benen naar de huidige werkgever. Ook daar is het slikken. Maar ja mensen, ik ben echt vervangbaar, neem dat van mij aan.
Een nieuwe uitdaging
Het mooie is, dat de keuze op mij is gevallen omdat je ergens goed in bent. Daar ligt mijn kracht. Dat wordt gezegd bij het afscheid en krijg je mee bij de aanstelling. Nu nog zien waar te maken. Ook ik ben niet perfect, wie wel?
Dan komt er een tijd van afsluiten bij de ene organisatie en starten bij de andere. Dat is best dubbel. Zeker als er mensen zijn, die het niet zagen aankomen en spontaan emotioneel worden. Als er meerdere collega's besloten hebben te wisselen. Als er mensen ziek worden. Maar het komt goed, dat weet ik zeker. Ik heb het met veel plezier en overgave gedaan, maar het is soms goed om te wisselen. Verandering van spijs doet eten. Dat moet ik overigens niet te veel doen, maar dat is een ander verhaal. Het is goed om de vaste patronen eens te doorbreken. Leren van een nieuwe omgeving. Nieuwe mensen leren kennen. Hetzelfde geldt voor een school. Het is goed als er weer eens een andere wind waait, iemand met nieuwe denkwijzen. Het geldt trouwens ook voor leerkrachten. Het lerarentekort geeft nu wel wat reuring door wisselingen, maar eigenlijk is dat een mooie bijkomstigheid. Je groeit van elke wissel. Je leert van iedere school. Je neemt iets mee van elk mens dat je ontmoet. Van elke school pak je weer nieuwe dingen op. Blijf gewoon niet te lang op dezelfde school. Maar goed, dat is mijn mening.
Relativering, vertrouwen en verbinding
Maar nu zit ik hier. Het is zomervakantie. Net begonnen. De meest relaxte ooit. Al had ik wel een paar dagen nodig om tot rust te komen. Maar de afronding is gelukt, ik kan de school met een gerust hart overdragen aan een collega directeur. Ik weet dat ik negen jaar geleden, toen ik naar de Máximaschool ging, wel een ander gevoel had. Kan ik het wel? En dat heb ik later nog wel een aantal keren afgevraagd. Met deze bagage ga ik het nieuwe Vlinderboomavontuur tegemoet. Een stap verder. Een nieuwe richting. Nieuwe dingen ontdekken, die ik nooit eerder heb gedaan. Dat is dan weer het voordeel als je ouder wordt. Relativeringsvermogen en het vertrouwen dat het goed komt. Dit werk doe je namelijk niet alleen. Samen ben je een school. In verbinding met anderen kom je veel verder. 1 + 1 = veel meer dan 2. Bij vragen zijn er legio professionals om me heen waar ik mee kan sparren en vervolgens keuzes mag maken en/of besluiten kan nemen. Ook ik leer weer van nieuwe situaties, en dat is gaaf. Het komt goed.
Beste lezer, ik hoor u denken dat het lijkt alsof ik het niet spannend vind. Uhm, dan kent u mij nog niet goed genoeg. Maar ik weet het wel goed te verbergen achter een vriendelijke lach. Nu maar hopen dat ik snel de leerlingen leer kennen, de namen van de collega's zitten er al bijna in. Maar ook dat komt vast goed, daar heb ik alle vertrouwen in.
Labels:
afscheid,
baan,
ertussen,
inzet,
kwaliteiten,
lerarentekort,
leven,
Máximaschool,
nieuwe baan,
patronen,
relativering,
start,
thuis voelen,
verbinding,
vertrouwen,
Vlinderboom
zaterdag 1 juni 2019
Iedere woning, een liefdevolle kroning
Dat iedereen verdrietige gebeurtenissen en tegenslagen kent, is duidelijk. Ieder huisje heeft zijn kruisje. Toch klinkt dat negatief. Is het niet beter om dit om te draaien? Kent niet ieder gezin mooie momenten, blije gebeurtenissen, zaken om trots op te zijn? Zo is het ook met de kinderen op school, die ons zijn toevertrouwd. Wat maken zij mee? Wat hebben ze meegemaakt? Wat is hun thuissituatie?
Een blijde gebeurtenis is nooit zo bijzonder als men ook de andere kant kent. Men is zich bewust van geluk enerzijds, maar treurnis anderzijds. Kleine dingen of grote dingen, sommige zaken overkomen je. Sommige moeilijke gebeurtenissen blijven te lang bij je. Het gaat je leven beheersen. Het kan een ongeneeslijke ziekte zijn, maar ook het overlijden van iemand die heel dichtbij je staat.
Nu zijn kinderen gelukkig flexibel. Het is goed om te leren van fijne dingen en om leren gaan met tegenslag. Het vormt kinderen. Het vormt ons.
Vandaag las ik in Trouw (1 juni 2019) een interview met Gerri Eickhof. Bijzonder wat iemand in zijn jeugd meegemaakt heeft en hoe hij daarmee in zijn leven heeft gevormd. Geen vader en een liefdevolle moeder.
Wat heb ik dan een bijzonder liefdevolle warme jeugd gehad. Een gezin met zes kinderen. Ik was de jongste. Het oogappeltje van mijn vader. Elke zondag wandelen en later fietsen. Voorgelezen worden tot ergens op de lagere school. Mooie momenten. Kamperen in Nederland en de lagere school waren hoogtepunten. Gepest worden, een lichamelijk gehandicapte broer, een autistische broer, verhuizingen, overlijden oma waren lastige vraagstukken. Het heeft me wel gevormd. Het zorgt voor balans in het leven.
Later ontmoet ik de liefste man van de wereld, we hebben werk, we hebben het goed. Maar ook dan komen er zaken voorbij die minder mooi zijn. Het langdurige traject om kinderen te krijgen, twee miskramen, maar daar tegenover staan vier gezonde mooie mensen die ik op de wereld heb gezet.
Verschillende mensen overlijden, waaronder mijn oudste broer(alweer 16 jaar geleden), verschillende mensen lijden, verschillende tegenslagen en moeilijke gebeurtenissen passeren de revue. Het vormt mij. Het vormt jou. Het vormt ons en onze kinderen.
Zo zullen ook de kinderen die ons zijn toevertrouwd op de basisschool het goed hebben, maar ook moeilijke dingen meemaken. Daar moeten ze mee leren omgaan. Omgaan met teleurstellingen. Het een plek geven. Het omarmen.
Het is zaak om hen bewust te maken van de minder mooie kant en hen kunnen laten genieten van de mooie kant van het leven. Die liefdevolle kant. Het geven om elkaar. Het samen werken. Het samen leren. Het samen leven. In verdraagzaamheid. Met respect. Vol vertrouwen. Met liefde.
Laten we daar met z'n allen voor waken. Stop met klagen, maar geniet. Omarm elkaar. Ondersteun iemand die het op dat moment nodig heeft. Stop met het benadrukken van dat kruisje dat ieder huisje heeft. Laat zien dat iedere woning een liefdevolle kroning heeft, hoe klein soms ook. Laat het licht schijnen, geniet. Wees trots op jezelf. Het maakt de wereld zoveel mooier en positiever.
Een blijde gebeurtenis is nooit zo bijzonder als men ook de andere kant kent. Men is zich bewust van geluk enerzijds, maar treurnis anderzijds. Kleine dingen of grote dingen, sommige zaken overkomen je. Sommige moeilijke gebeurtenissen blijven te lang bij je. Het gaat je leven beheersen. Het kan een ongeneeslijke ziekte zijn, maar ook het overlijden van iemand die heel dichtbij je staat.Nu zijn kinderen gelukkig flexibel. Het is goed om te leren van fijne dingen en om leren gaan met tegenslag. Het vormt kinderen. Het vormt ons.
Vandaag las ik in Trouw (1 juni 2019) een interview met Gerri Eickhof. Bijzonder wat iemand in zijn jeugd meegemaakt heeft en hoe hij daarmee in zijn leven heeft gevormd. Geen vader en een liefdevolle moeder.
Wat heb ik dan een bijzonder liefdevolle warme jeugd gehad. Een gezin met zes kinderen. Ik was de jongste. Het oogappeltje van mijn vader. Elke zondag wandelen en later fietsen. Voorgelezen worden tot ergens op de lagere school. Mooie momenten. Kamperen in Nederland en de lagere school waren hoogtepunten. Gepest worden, een lichamelijk gehandicapte broer, een autistische broer, verhuizingen, overlijden oma waren lastige vraagstukken. Het heeft me wel gevormd. Het zorgt voor balans in het leven.
Later ontmoet ik de liefste man van de wereld, we hebben werk, we hebben het goed. Maar ook dan komen er zaken voorbij die minder mooi zijn. Het langdurige traject om kinderen te krijgen, twee miskramen, maar daar tegenover staan vier gezonde mooie mensen die ik op de wereld heb gezet.
Verschillende mensen overlijden, waaronder mijn oudste broer(alweer 16 jaar geleden), verschillende mensen lijden, verschillende tegenslagen en moeilijke gebeurtenissen passeren de revue. Het vormt mij. Het vormt jou. Het vormt ons en onze kinderen.
Zo zullen ook de kinderen die ons zijn toevertrouwd op de basisschool het goed hebben, maar ook moeilijke dingen meemaken. Daar moeten ze mee leren omgaan. Omgaan met teleurstellingen. Het een plek geven. Het omarmen.
Het is zaak om hen bewust te maken van de minder mooie kant en hen kunnen laten genieten van de mooie kant van het leven. Die liefdevolle kant. Het geven om elkaar. Het samen werken. Het samen leren. Het samen leven. In verdraagzaamheid. Met respect. Vol vertrouwen. Met liefde.
Laten we daar met z'n allen voor waken. Stop met klagen, maar geniet. Omarm elkaar. Ondersteun iemand die het op dat moment nodig heeft. Stop met het benadrukken van dat kruisje dat ieder huisje heeft. Laat zien dat iedere woning een liefdevolle kroning heeft, hoe klein soms ook. Laat het licht schijnen, geniet. Wees trots op jezelf. Het maakt de wereld zoveel mooier en positiever.
Labels:
balans,
huisje,
kruisje,
leven,
respect,
verdraagzaamheid,
vertrouwen.,
vorming
Abonneren op:
Posts (Atom)





