On(der)wijs

Welkom op de pagina van onwijs onderwijs. Waarom onwijs? Onderwijs is boeiend en inspirerend, kinderen zijn uniek, elk kind is er een met een aparte gebruiksaanwijziging, elk kind heeft recht op zijn eigen onderwijsbehoefte in zijn eigen omgeving. Raakt u ook al in een flow van bevlogenheid? Op deze blog vindt u allerlei verhalen, beschouwingen en leuke anekdotes over het basisonderwijs in het algemeen. In het bijzonder over de mensen die hier direct of indirect mee te maken hebben: leerkrachten, kinderen, ouders, directeuren, (G)MR-, oudercommissies, ondersteunend personeel en externe instanties, die hiermee te maken hebben.







Veel plezier!







zaterdag 31 oktober 2015

Ontwikkeling


Ontwikkelen heeft volgens de digitale encyclopedie (BRON: http://www.encyclo.nl/) een aantal betekenissen:
- bedenken en maken vb een energiezuinige hybride auto ontwikkelen
- het ontwerpen en uitvoeren vb: wie van jullie heeft dit plan ontwikkeld?
- opnames zichtbaar maken vb: het filmpje moet ontwikkeld worden- ontstaan vb: er ontwikkelde zich een discussie
- kennis vergroten, erbij leren vb: onze Jantje ontwikkelt zich voorspoedig
- langzamerhand beter en sterker worden
- stimuleren van het bereiken van persoonlijke doelen door de ontwikkeling van kennis, competenties en talenten.
- doen groeien
- ontvouwen

- kweken


In het onderwijs hebben we het met name over bedenken, maken, ontstaan, kennis vergroten en sterker worden. Dat kunnen leerlingen zijn, maar uiteraard ook leerkrachten, intern begeleiders, remedial teachers, onderwijsassistenten, directeuren, bouwcoördinatoren, lerarenondersteuners en conciërges. Vanuit de leerkracht (of andere begeleider voor de leerling) en de ouder door het stimuleren daarvan. De leerling op een hoger plan brengen. De leerling een stapje, een sprong of een niveau verder helpen.

Als we een leerling vergelijken met een bol of andere plant die uit een zaadje groeit, weet je dat er al bepaalde genetische eigenschappen in de bol of het zaadje aanwezig zijn. Toch is de omgeving voor een bol of zaadje heel belangrijk. Het moet op het goede moment gepoot of gezaaid worden, zonlicht speelt een rol, de temperatuur moet goed zijn en de hoeveelheid vocht moet zijn afgestemd op de toekomstige plant. Alle omstandigheden zijn belangrijk om de plant optimaal tot bloei te laten komen.

Zo is het ook met onze leerlingen. De omgevingsfactoren zijn belangrijk. De begeleiders in de omgeving van het kind kunnen het kind stimuleren, maar ook het lokaal waar een kind zit speelt een rol, het geluid. Bij de ui zie je de omgeving aan de buitenkant. (Bron:www.galamaorganisatieontwikkeling.nl)

Het gedrag is hoe een leerling handelt. Wat doet het om zich te kunnen ontwikkelen. Waarom doet een leerling het op die manier? Hoe kunnen we hem helpen om het beter te doen?

Steeds verder naar binnen in de ui komen we bij het kind zelf. Op school kijken we naar de belemmerende en stimulerende factoren (denk hierbij aan de theorie van handelings werken) die een leerling kunnen afremmen of juist verder kunnen helpen. De leerkracht doet ertoe. Hij of zij gaat bekijken, bevragen, uitproberen en in gesprek met ouders en kind wat hem helpt en wat beter is om niet te doen. Men zoekt naar de onderwijsbehoefte van het kind.

De onderwijsbehoefte is eigenlijk een soort gebruiksaanwijzing. Op welke manieren gaat deze leerling het beste functioneren. Hoe gaat deze leerling het prettigste werken. Wanneer zit deze leerling het beste in zijn vel.

Het is de kunst om elke leerling een stapje verder te brengen en hem of haar het gevoel te geven dat het iets heeft geleerd. Dat houdt een leerling nieuwsgierig en zal zich de volgende dag weer inzetten om iets nieuws te leren.

Het is voor de leerkracht een opdracht om de leerling te laten ontwikkelen, te laten groeien.
Door de ontwikkeling goed te laten verlopen is het fijn als de leerling en de leerkracht weten waar het naartoe moet. Welk doel, welke richting wil de leerling op? Wat wil deze leerling leren? Hoe wil de leerling dat leren? Wat heeft de leerling daarvoor nodig?

Hetzelfde geldt natuurlijk ook voor leerkrachten en andere professionals. Ook zij blijven elke dag leren en ontwikkelen. Blijf nieuwsgierig en kijk verder. Denk eens buiten de kaders. Ga een stapje verder.

Zoals Floor Reaijmaekers vertelt in haar lezing en artikelen: "Ga voor een growth mindset. ", dan pas kom je verder en zul je leren leren. Dan is er sprak van ontwikkeling en groei.


zondag 11 oktober 2015

Verbinding

Om dit blog te kunnen publiceren heb ik een internetverbinding nodig. Zo zijn er in het leven en werken van mensen vele verbindingen nodig, die nieuwe verbindingen, relaties, vertrouwen en verantwoordelijkheden mogelijk maken. Deze verbindingen zijn belangrijk voor de ontwikkeling van jonge mensen, maar ook volwassenen blijven dagelijks leren hoe zaken beter kunnen.

Verbindingen vanaf de geboorte
Als pasgeboren baby heb je de verbinding nodig met je ouders, je familie en steeds meer de mensen om je heen. Zo ontwikkelt een mens, groeit en komt tot bloei in relatie tot anderen en zijn omgeving. Daarvoor is verbinding nodig. Hierin zit ook het woord binding, belangrijk voor de hechting van dit kind bij deze ouders.
Wanneer een kind groter en ouder wordt gaat het meer verbindingen aan met zijn familie, vrienden en omgeving. Zo groeit het. Zo kan het een mening vormen. Vergelijken. Keuzes maken en verder gaan met de dingen die hij/zij doet of wil gaan doen in het leven. Verbindingen aangaan met wie hij/zij wil. 
In een basisschool gaat het niet anders. Voortdurend worden daar verbindingen gemaakt of is het fijn om verbindingen tot stand te brengen. Het mooi om verbindingen te zoeken waar men in eerste instantie niet aan zou denken.

Interne verbindingen in een basisschool
Allereerst maken leerlingen en leerkracht(en) verbinding met elkaar. Als dit niet zo zou zijn, zou het onderwijs geen goed onderwijs kunnen zijn. Voorwaardelijke voor een goede les, het leren, het stimuleren en begleiden van leerlingen. 
Leerkrachten maken verbinding met ouders. Als het goed is hebben ouders en hun kinderen die verbinding al thuis gemaakt, maar geeft een hulpouder een nieuwe verbinding aan op school. Zo kan er samen iets op gang worden gebracht, hebben we elkaar nodig om dingen voor elkaar te krijgen. Samen een school juist door verbondenheid.
In de school zijn er ook onderling verbindingen tussen leerkrachten, tussen leerkracht en intern begeleider, tussen intern begeleider en directeur, tussen leerkrachten en directeur en tussen het team en het bestuur. Er wordt vaak gesproken over een goede communicatie, welke natuurlijk belangrijk is. Helemaal eens. Het woord verbinding vind ik echter een mooiere benaming, omdat dit meer zegt over de intensie om een goede (werk- of privé-)relatie aan te gaan. Volwaardig vertrouwen in elkaar, openheid, eigen verantwoordelijkheid en de wil om er met elkaar het beste van te maken. Je spreekt van een gezamenlijke passie, waar er een visie is die mensen doelgericht op het goede pad houdt. Elkaar scherp houden - dus ook feedback geven - , maar toch elkaar in de waarde laten. De kracht halen uit de mensen met wie je samen een verbinding aangaat. Genieten van wat een ander voor elkaar heeft gekregen. Het enthousiasme wat ontstaat als er dingen zijn gelukt. Samen vieren, samen verder.
Wanneer elke persoon binnen de school deze verbinding aangaat en zich aansluit bij de rest, is dit van onschatbare waarde voor de school als geheel. Dus ook de onderwijsassistent en de administratief medewerker en natuurlijk de oppas van leerlingen. In verbondenheid bereik je meer, 1 + 1 is immers meer dan 2.
Intern zijn er met ouders en school ook de verbinding met de medezeggenschapsraad en de ouderraad. Onmisbare en verplichte organen die zorgen dat er verbinding is, elkaar scherp houdt en zorgt dat we samen zaken kunnen bereiken. 

Externe verbindingen
Een (basis-)school heeft ook verbindingen naar buiten. Als een leerling extra hulp behoeft zullen er lokale onderwijsadviseurs en preventieve ondersteuners geraadpleegd kunnen worden vanuit het samenwerkingsverband. Ook ambulant begeleiders, jeugdverpleegkundige van Centrum voor Jeugd en Gezin, schoolmaatschappelijk werk, externe remedial teachers, ondersteuners vanuit bepaalde clusters en voor specifieke leerlingen zoals bijvoorbeeld dyslectie of hoogbegaafdheid. Mensen die daadwerkelijk een meerwaarde hebben op ontwikkeling en onderwijs.
Een tweede groep externe partners met wie de school verbinding heeft en samen zorg draagt voor de ontwikkeling van leerlingen zijn de mensen waar kinderen buiten schooltijd worden opgevangen. Dan hebben we het bijvoorbeeld over de peuterspeelzaal, buitenschoolse opvang, een grootouder en de oppas. Het is fijn als er een goede verbinding is, zodat het werk in verbndenheid gedaan kan worden. Hoe beter de verbinding, en hoe beter de communicatie, hoe beter het is voor leerlingen en ouders.
Een derde groep die verbinding zoekt of waarbij verbinding belangrijk kan zijn, zijn onder andere sportclubs, scouting, lionsclub, bibliotheek. Ondersteunend aan de ontwikkeling van onze leerlingen, een meerwaarde om hen verder te brengen.
Dan zijn er nog verbindingen met krant, de website van de school en social media, waarbij de verbinding vooral belangrijk is voor de informatievoorziening naar buiten. Die verbinding zorgt voor een netwerk, waarbij de een ziet en de ander vertelt. Vertellen wat je doet als school, dat maakt nieuwe verbindingen. In gesprek gaan met elkaar houdt de zaag scherp en geeft stof tot nadenken. En zo groeien en ontwikkelen dan niet alleen de leerlingen, waar het hier op school natuurlijk om draait, maar ook de medewerkers en alle betrokkenen die hieraan verbonden zijn. Zo kun je in een professionele leergemeenschap stappen maken en doorontwikkelen, iedereen!

vrijdag 24 juli 2015

Ontpoppen

N.a.v. een tweet met de hashtag #blimageNL van @fransdroog hieronder een blimage. De uitdaging die Frans bood ben ik aangegaan met de afbeelding van een "rups" welke Frans als een van de vier opties geboden had om hier een blog over te schrijven met in het achterhoofd het onderwijs. Natuurlijk ben ik deze uitdaging, overgevlogen uit Amerika (blimage = blog + image) en gepromoot door Frans Droog aangegaan. Vanuit het primair onderwijs heb ik de rups proberen te laten ontwikkelen, laten ontpoppen en hoop ik dat ik iets moois uit voortkomt.

Ontpoppen.

De zomer is een tijd van afstand nemen en loslaten. In het onderwijs is het ook een tijd van bezinnen. Waar sta ik, wat wil ik, wat zijn mijn plannen en hoe wil en kan ik deze tot uitvoer brengen? Het schoolplan 2015-2019 en ook het optimaliseringsplan (de gedetailleerdere uitwerking van het schoolplan per jaar) heeft hierin mooie vormen aangenomen.
Toch is de onzichtbare toekomst met toekomstplannen er ook een van koffiedik kijken. Een plan moet voortdurend worden bijgesteld en wellicht zelfs omgegooid. Sommige plannen, neem de ICTplanning zijn zelfs moeilijk in te schatten en te maken. De digitale wereld is niet bij te benen. De ontwikkelingen gaan harder dan het onderwijs kan nadenken.
Zo voelt de foto van de rups. Je weet dat er iets moois uit zal komen. Je weet dat het een vlinder wordt. Maar geen idee hoe groot, welke kleuren, hoe lang hij zal leven, wat het doet en wat het uiteindelijk voortbrengt.
Dit alles kan een tweeledige uitwerking hebben. Of je hebt een goede keus gemaakt en het pakt goed uit. De devices die je hebt ingezet zijn van meerwaarde. De licenties die je heb aangekocht zijn de goede. Anderzijds kan het ook verkeerd uitpakken. Zit je nog met te oude computers, verkeerde licenties, foute methodes en ga zo maar door.
Maar wie niet waagt, wie niet wint. Een sprong maken is dus wel belangrijk. Wie kan meehelpen om die goede sprong te maken? Het blijft een wankele kwestie, een risico, een financiële gok die je niet als strop wilt hebben.
Een natuurgids kan helpen bepalen wat voor vlinder er uit deze rups komt. Maar wie kan helpen bij het voeren, het maken van een kokon en tenslotte de goede manier weten om te ontpoppen tot een prachtig resultaat?
Of moeten we het over een andere boeg gooien? Niet alleen deskundigen vragen, maar ook de leerlingen zelf. Dit gebeurt al in het hoger beroepsonderwijs en op de middelbare school. Zou dit ook van toepassing kunnen zijn in het primair onderwijs? Te starten in de bovenbouw. Leerlingen weten vaak al meer dan de leerkrachten op het gebied van ICT.
En wat willen we bereiken?
Een vlinder die vliegt en weer nieuwe eitjes legt, waar opnieuw rupsen uitkomen. Dan ontwikkelen we verder. Dat is de kunst.

dinsdag 21 juli 2015

Een boek met tranen

Tranen biggelen over zijn wangen, langs de groeven van zijn gezicht. Het verdriet spreekt boekdelen. Hij uit het niet altijd, maar van binnen is het een gevoelige man.
Ik heb hem niet vaak zien huilen. Toen ik trouwde pinkte hij een traantje weg bij het afscheid. Het afscheid kostte hem zichtbaar moeite. Een nieuwe levensfase.
Is het de schaamte dat een man niet hoort te huilen?
Nu zitten we aan de keukentafel. De boodschappen zijn binnen, alles is opgeruimd. De grote hoeveelheden deren niemand. Uitrusten van dit uitstapje. We drinken koffie. Een grote bitterkoek van een bekende grossier laat het water in de mond lopen. We praten wat met z'n drieën.
Hij vertelt over zijn oudste zoon. Ziek geworden in zijn vijfde levensjaar. Niet kunnen lopen, een jaar lang. En elke dag als hij thuis kwam uit zijn werk ging hij eerst oefeningen doen. Zo verdween de stijfheid van de ledematen van zijn oudste zoon.
Heeft hij het er later nog weleens over gehad? Hij praatte er liever niet over. Leefde zijn eigen leven in Leiden. Hielp menig student in de bibliotheek. Wist zoveel en kon daar zo geanimeerd over vertellen. Heeft zoveel teksten geredigeerd. Verwonderde zich. Was nieuwsgierig. Een grote liefde voor geschiedenis en science fiction. Gehandicapt door de ziekte die hij vroeger heeft gekregen. De ziekte van Guillain Barré. Een verlammingsziekte.
De oude vader vertelt over een boek dat hij ooit heeft gekregen van hem. Voor zijn 74ste verjaardag. 'Maerlants wereld' van Frits van Oostrom. Ruim 18 jaar geleden. Een prachtig boek. Hij haalt het boek te voorschijn. Een mooie glimmende blauwe kaft. Hij legt het voor mij neer op de keukentafel. Binnenin staan de woorden die zijn zoon had geschreven.
Hij wordt er stil van. Al die herinneringen. Hij veegt met zijn hand over de gerimpelde wang. De rollende traan wordt onderbroken. Maar hij is zo trots op dit mooie cadeau van zijn inmiddels overleden zoon.
Er staat "....met liefde en dankbaarheid." Dat raakt hem.
Het raakt mij ook.

Nawoord:
Juli 2015. Papa is nu 92, mama is 90. Hun oudste lichamelijk gehandicapte zoon is 13 jaar geleden overleden. Ik ben de jongste uit een gezin van 6. Het is een bijzondere herinnering. En dat blijft het. 

maandag 13 juli 2015

Pauze

Als leerling van de middelbare school keek ik als eerste naar het vakantierooster. Je wilde immers weten wanneer de vakanties waren. Die werden direct in je agenda overgeschreven. Toen zag ik het belang van pauzes goed in, tegenwoordig is dat een stuk moeilijker.

In de hectiek van gezin, werk en mantelzorg vergeet ik met enige regelmaat de pauze, werk ik door in vakanties en moet ik beschaamd bekennen dat ik regelmatig mijn verpakte boterhammetjes weer meeneem naar huis en soms nog snel even in de auto of op de fiets naar binnen werk. 
Niet goed natuurlijk. Het heeft alles te maken met planning, timemanagement en tijd nemen voor jezelf. Het zijn de dingen waar ik niet zo goed in ben. De ambitieuze houding kan natuurlijk voordelen hebben, totdat je jezelf voorbij gaat lopen. 
Een druk op de pauzeknop is dan echt belangrijk. Op school heb ik een collega die me steevast om half 1 waarschuwt dat we gaan eten. Het zijn die hulpbronnen die je moet inschakelen als het zelf niet lukt. Zoals je ook een signaal op je telefoon kunt zetten of een berichtje in je googleagenda.
Nu de vakantieperiode is aangebroken, neem ik ook de tijd om weer een stukje te schrijven. Het schiet er regelmatig bij en de hectiek van het werk met ziekte, uitval en vele ballen die hoog gehouden moeten worden maken de drang naar schrijven eerder kleiner dan groter. Dat is jammer, want schrijven is zoiets als een stukje fietsen in de natuur. Heerlijk ontspannen mijn gedachtes de vrije loop laten. Woorden huppelen over het scherm. Zinnen verschijnen en laat het witte stuk verdwijnen. 
Nu gaat mijn hulpbron in de vorm van mijn collega naar een lokaal boven en zal ik volgend schooljaar een nieuwe hulpbron moeten zoeken. Misschien de collega die beneden komt te zitten of een ander middel om te zorgen dat ik de pauze niet vergeet. 
Misschien moet ik het gewoon op eigen kracht gaan doen en mezelf ertoe zetten. Tijd voor werken, tijd voor ontspanning. Tijd voor anderen, tijd voor jezelf. Pauze. Adempauze. Terecht even tijd voor jezelf.

zaterdag 21 maart 2015

Energie

Energiek voelen. Dat wil toch iedereen? Het heeft te maken met goed in je vel zitten en gelukkig zijn.
Op verschillende manieren kun je (positieve) energie opdoen. Een stukje fietsen of anderszins bewegen, iets leuk doen zoals bijvoorbeeld een uitstapje of een feestje, een speciale ontmoeting of een ervaring. Hoe kun je in het onderwijs nu die positieve energie laten stromen?

Het dagelijks werk
In het dagelijkse werk zijn er vele manieren om de energie te laten stromen en daarvan echt een opkikker te krijgen. Neem nu dat glunderende gezicht van een kind dat jij helpt of begeleid of de ouder die je te woord staat en blij is met wat jij met haar of zijn kind hebt bereikt.
Ook een goed voorbereide les kan tot energie en enthousiasme leiden als iets geweldig aanslaat en je ziet jezelf en de leerlingen ervan genieten. Fijn als de organisatie goed is verlopen en alle leerlingen weer veilig terug zijn.
Groter zijn de ingewikkelde zaken als er meer hulp of energie moet worden gestoken in speciale kinderen, waarbij het lukt om hen verder te helpen. Of ook nog breder: Een traject als handelingsgericht werken in de school heeft effect op jouw handelen als leerkracht. Het geeft je kracht en energie.
Als schoolleider zie je ook het personeel genieten van het werk wat zij doen en wil je hen graag verder helpen, aansturen en stimuleren. Ik ben extra blij als er mooie resultaten behaald zijn. Dan bedoel ik niet alleen de Cito-scores. Fijn als er een goede sfeer is onderling en tussen de leerlingen. Respect naar elkaar, behulpzaam zijn, samen verder komen.

Soms lukt het niet
Dan komt er een moment dat er ook weleens zaken minder prettig verlopen. Dat geeft niets, want vaak leer je van zaken die anders lopen, je leert van je fouten, je leert van je ervaringen, want waar gewerkt wordt vallen spaanders.
Kleine dingen lossen zichzelf weer op. Grotere dingen vergen meer tijd.
Dan ligt het natuurlijk ook aan hoe jij ermee omgaat. 
Naar mezelf kijkend heb ik tijd nodig om zaken in een ander perspectief te zien. Ook ik leer dagelijks bij.
Soms gebeurt het dat je langer in een negatieve spiraal zit en dan is het goed om eens achter te leunen en na te denken hoe verder.

Hoe verder? Enkele tips.
1. Door te glimlachen help je jezelf uit die negatieve spiraal te trekken. Dat is een eerste stap. 
2. Bespreekbaar maken waar jij tegenaan loopt.
3. Bewust worden wat je wilt. 
4. Oplossingen bedenken. Wat is mogelijk, wat is niet mogelijk. Hoe ga ik hiermee om? Wie heb ik daarvoor nodig?
5. Een plan maken. 
6. Plannetje goed doordenken en bekijken wat je nodig hebt voor de uitvoer ervan.
7. Een plan bijstellen als zaken anders uitpakken.
8. Genieten van de onderdelen van jouw plan die gelukt zijn.
9. Schrijf eens een aantal dagen op welke drie dingen er die dag goed gelukt zijn.
10. Wees blij met de mooie dingen van het leven (misschien een fijne vriend(in), een goede collega, een lieve man/vrouw, een prachtige zoon/dochter, een warme thuisbasis, noem maar op....) en neem de hobbels op de koop toe, zorg zelfs dat je het ziet als levensles.

Inspiratie
Dan komt er een fase van nieuwe energie. Je bent teleurstellingen te boven. Er moet wat nieuws komen. Nieuwe input. Stimulans. Inspiratie. Enthousiasme. Iets waar je hart een sprongetje van maakt. Een nieuwe studie, een nieuwe baan, een nieuwe relatie, een studiereis, een verhuizing, een nieuwe fase in jouw leven. Het kan allemaal. Met de eerste dag van de lente is dat weer een mooi moment.
Blijf niet stilstaan, blijf niet hangen, maar kijk vooruit, kijk naar de mogelijkheden. Go for it! Niet dippen(dip=denken in problemen), maar dimmen(dim=denken in mogelijken).





zondag 8 maart 2015

Transparant

Transparantie is een woord dat tegenwoordig in de samenleving hoogtij viert. Alles moet meetbaar en zichtbaar zijn. Alles moet openbaar gemaakt worden. Het moet inzichtelijk zijn, het liefst voor de "gewone" man of vrouw. Levert transparantie op wat het beoogt?

Het is in alle sectoren zichtbaar. Verantwoorden wat je doet, hoe lang je iets doet, wat het oplevert en wat men doet als het resultaat tegenvalt. Het is voor iedereen terug te zien.
Ook in het onderwijs is de transparantie toegeslagen. Via een schoolondersteuningsprofiel moet je je kunnen verantwoorden naar het samenwerkingsverband. Via een rapport van de inspectie wordt een school in een glazen huis gezet naar buiten. Via 'Scholen op de kaart', de zogenaamde Vensters worden alle gegevens, ook de financiële, openbaar gemaakt, zodat iedereen hierin kan kijken en oordelen.
Het voordeel van transparantie is dat misstanden snel worden ontdekt. Er is openheid van zaken. Er kan snel ingespeeld worden op zaken die niet goed gaan.
Het nadeel is dat niet alles wat meetbaar belangrijk is en niet alles wat belangrijk is meetbaar gemaakt kan worden. Neem nu bijvoorbeeld het pedagogisch klimaat op de basisschool. Het is het allerbelangrijkste voor leerlingen om een prettige veilige sfeer op school te creëren, waar leerlingen gewoon naar de leerkracht toe durven stappen. Ze moeten vragen kunnen stellen, ze moeten hun hart kunnen luchten of gewoon even iets kunnen vertellen wat er buiten met Pietje is gebeurd. De inspectie hanteert geen normindicatoren voor het pedagogisch klimaat.
Ook zelfstandigheid van leerlingen of de eigen verantwoordelijkheid worden niet getoetst. Dat wordt ook een beetje lastig. Het zijn wel belangrijke aspecten waaraan je ziet of leerlingen straks goed kunnen functioneren in de maatschappij.
De Cito-scores zijn meetbaar, maar dit is niet het enige wat een school wel of niet goed maakt. De gemiddelde scores van een groep kinderen kan zomaar onder de norm liggen, omdat deze groep kinderen toevallig minder capaciteiten heeft. De inspectie rekent 3x een onvoldoende Cito eindscore als zwakke school. Vij 2x ben je al kwetsbaar. Terwijl normen worden opgeschroefd en de gemiddelden dus ook steeds verder omhoog gaan. Scholen of groepen die te laag (lees: onder het gemiddelde) scoren, vallen buiten de boot. Toch zijn deze scholen niet per definitie zwakke scholen. Daarvoor moet je veel meer bekijken.
Gelukkig komt er een nieuw toezichtskader van de inspectie. Nu maar hopen dat dit ook daadwerkelijk naar de hele basisschool gaat kijken.
Toch is het een scheef beeld om met bepaalde punten en vooral de Citoscores zo hoog in de rangorde te plaatsen. Heb je wel mazzel als je toevallig veel kinderen op niveau hebt binnengehaald. En dan nog maar niet te spreken over kleine groepen, waarbij je heel snel hoog of juist laag kan uitvallen.
Het is een moeilijk gegeven die transparantie. Ik ga er in ieder geval flink van transpireren. Laat de school de school, laat het kind kind zijn, maar laat vooral de kracht van de leerkracht bij de leerkracht. Worden we nu echt zoveel slimmer als 25 jaar geleden? 


zaterdag 25 oktober 2014

Go!

Wanneer de dingen niet vanzelf gaan, heeft ieder mens de neiging tot vluchtgedrag. Denk maar aan een brand of aan herrie. Weg van de plek of verminderen van het nadeel. Handen op je oren of weg van de vervelende gevaarlijke situatie.

Zo ook bij mij. Al is dit een iets meer gecompliceerd fenomeen. Het werk levert tegenslagen, lastige keuzes, ingewikkelde strategische besluiten, privacy en stroperige samenwerking. Toch moet je juist in zo'n situatie de strijd aan gaan. Er vol in gaan. Zo komt er beweging. Zo komen veranderingen tot stand. Zo kom je zelf verder in ontwikkeling. Je groeit.
Verder gaan, schouders eronder,  niet verzuren, maar doorgaan. Niet in zak en as gaan zitten, dat levert immers niets op. Eruit kruipen. Zoeken. Een onderzoekende houding.  

Een struggle wanneer je zelf dilemma's overweegt. Enerzijds overvallen worden door lastige kwesties, anderzijds de gevolgen waarin het werk zijn tol eist. Keuzes die niet altijd goed uitpakken, invloeden van buitenaf die de school en mij persoonlijk negativiteit bezorgen en zaken die betrekking hebben op ziekte en dood.  

En dan... niet weglopen. Maar er vol voor gaan. Niet omdraaien maar recht in de ogen kijken. Niet verzuren of in de slachtofferrol schieten, maar rechtop met opgeheven hoofd de strijd aan gaan. Positief en vol vertrouwen. Zeker als dat vertrouwen verkregen wordt. 

Omdenken. Getriggerd worden juist door de gebeurtenissen. Denken in mogelijkheden. Nadenken en plannen.  Doelgericht op zoek naar oplossingen. Kijken wie mij daarbij kunnen helpen. Plan bijstellen. Creativiteit behouden en niet te veel focussen op alleen die doelen, die volgens de regeltjes behaald moeten worden. De krenten in de pap. De bevlogenheid niet verliezen.

Dan ga je wat bereiken. Dan ga ik iets bereiken. Pas dan zal je de echte overwinning voelen. Pas dan ga ik de echte overwinning voelen. Pas dan ga je vooruit en maak jij het verschil. Pas dan ga ik vooruit en kan ik het verschil maken.

Geen gemaar, maar gaan! Ik ga.
Go!

zaterdag 30 augustus 2014

De school kan beginnen

De school kan beginnen. Alles staat klaar. Hoe gaan we beginnen? Verder op de oude voet? Een verandering doorvoeren? Een andere weg inslaan? Kinderen klaarmaken voor een snel veranderende maatschappij vol digitale middelen? Kinderen klaarstomen voor de maatschappij van morgen, waarvan wij nog niet weten hoe die eruit ziet?

Meegaan met de tijd is belangrijk. Dat geldt zeker voor het basisonderwijs, waarin we de kinderen voorbereiden op hun latere leven als zelfstandige verstandige volwassene. Wat is dan belangrijk dat kinderen kunnen, weten, doen en denken?
De nadruk ligt nu enorm op de resultaten. Taal, rekenen en lezen moeten goed zijn. Daar zit een kern van waarheid in. Er is wellicht hier en daar meer uit kinderen te halen. Als moeten we ons goed realiseren dat kinderen geen eenheidsworsten zijn zijn. Net als het leren lopen, leren fietsen en leren praten gaan ook de schoolvakken niet allemaal in hetzelfde tempo. De ene leerling heeft meer tijd nodig dan de ander en een derde zal altijd nooit een hardloper of een rekenwonder zijn. Toch moeten de kinderen van een bepaalde groep allemaal dezelfde toetsen doen en moeten zij aan een gemiddelde voldoen. Dat klopt niet.
Dan is taal rekenen en lezen ook nog eens een klein onderdeel van het gehele pakket dat wordt meegegeven aan kinderen van de basisschool. De basis bestaat niet uit alleen lezen, rekenen en taal. Kinderen leren van elkaar door samen te werken. Kinderen leren te ruziën en die ruzie op te lossen. Kinderen leren tegenslagen te verwerken. Ze leren zelfstandig te worden. Ze leren verantwoordelijkheid te nemen. Sociaal emotioneel leren ze zich verder te ontwikkelen. Ze leren vragen te stellen, kunstwerken te maken en te bewegen in de gymnastiekles. Het kind leert vertrouwen, leert te groeien en leert fouten te maken en hulp te vragen.
Al deze onderdelen zijn belangrijk om een volledig kind te kunnen afleveren en zich verder te ontwikkelen en verder te groeien. Geef kinderen, maar ook volwassenen die deze kinderen begeleiden vertrouwen om dit voor elkaar te krijgen. Het komt dan echt goed.
Natuurlijk kun je kritisch kijken naar je leesles en de instructie van het rekenen. Maar als we alleen daar de focus leggen, is dit te eenzijdig. Kinderen kunnen straks goed leren, zaken opzoeken, digitaal kunnen ze uitstekend uit de voeten, maar ze kampen in hun werk wel met een burn-out, want er worden nog veel meer dingen gevraagd.
Hoe kunnen we het onderwijs zo inrichten dat ieder kind tot zijn recht komt, de leerkracht vertrouwen krijgt, ouders zien dat hun kind echt groter wordt en blijft ontwikkelen en de minister het vak weer teruggeeft aan de onderwijzers? Als we het daar weer over eens zijn, kan de school weer beginnen.
Veel plezier met de kinderen van nu, die we als onderwijsgevenden een stap verder brengen.

woensdag 27 augustus 2014

Alles komt tot leven....

Na een vakantie periode, waarin iedereen - nou ja veel mensen en kinderen- tot rust komt en alles op een lager pitje draait, komt alles weer op gang.

Het beweegt. Het slot is van de deur, ramen staan lekker open, gordijnen wapperen en er komt beweging. Mensen ontmoeten elkaar en vertellen vakantieverhalen. Sommige mooie, andere met wat teleurstellingen. De meeste verhalen klinken rustig, relaxed, mooi en enthousiast.
Tafels en stoelen worden geschoven. Kasten worden op hun plaats gezet. Een poster wordt opgehangen. Uhm, even kijken, wat mis ik nog? Instructietafel op zijn plaats. Krukken erbij. Boekenstandaard in orde.
Even tellen, heb ik genoeg tafels? Ja, OK. Staan ze goed zo? Nee, nog even die wisselen of zal ik deze toch vooraan plaatsen? Waar is mijn plattegrond? Ik had toch bedacht dat ik het zo op zou lossen. Even bespreken met mijn duo.
Boeken en schriften worden klaargelegd. Namen worden opgeschreven. Dagritmekaartjes worden gemaakt, geplastificeerd en netjes geknipt. Naamkaartjes worden getypt. Een voor op de tafel, een voor de kapstok en een voor een laatje. De kapstokken netjes. Plantje erbij.
Nog iets op het raam. Een tekening. Overtrekken, natrekken, inkleuren, lijntje trekken. 
Even denken heb ik alles? Het is al laat, morgen maar verder. Dan neem ik die methode nog even mee naar huis, kan ik daar nog even naar kijken.
Spullen klaarleggen, computers checken, kopiëren voor komende week, spellen ordenen, kleurpotloden natellen en verdelen, punten slijpen, papier regelen, kladblokken klaarleggen.
De denkraderen beginnen te draaien. Jaarplanning. Vergadering. Werkgroepen. Startfeest. Klopt het allemaal?
Eerste bijeenkomst, iedereen vol frisse en goede moed, de schouders eronder, verhalen vertellend en aanhorend, lachen, wachten...
.. en maandag staan al die springende lachende stralende bruine gezichtjes weer voor je en ze vertellen je een heleboel. 
Goedemorgen! De school kan beginnen.