Associaties maken kan heel handig zijn. Het verruimt je blik, je denkt aan meerdere dingen tegelijk, er schieten je dingen te binnen en het laat je de zaken van verschillende kanten bekijken.Associatief denken heeft te maken met mindmapping. Een woordveld maken en bedenken wat daar allemaal nog meer bij komt kijken. Een verbreding en een verdieping volgt dan vaak automatisch.
Naast het logisch (analytische) denken en het creatieve denken, zijn er nog veel meer vormen, maar dit zijn wel de meest gebruikte vormen. Het creatieve denken kun je stimuleren door gebruik te maken van mindmapping en dan komen de associaties vanzelf op gang. Bij de een makkelijker als bij de ander.Wanneer je, zoals ik, heel associatief bent van nature, kan dit weleens in de weg zitten. Om maar een voorbeeld te noemen: Ik loop regelmatig naar boven om iets te halen, kom onderweg iets anders tegen en bedenk dat ik daar ook nog iets mee moest en vervolgens ga ik daar mee aan de slag en dit kan zich herhalen tot nog een andere actie. Gevolg: Ik loop naar beneden, zonder het voorwerp dat ik in eerste instantie van plan was te halen. Intussen kunnen er wel degelijk nuttige dingen zijn gebeurd.
Je hoofd kan daardoor weleens een chaos worden. Zelf heb ik er baat bij om op een dag, zeker tijdens het werk, lijstjes te maken met de dingen die ik in ieder geval moet doen, en ook dingen die kunnen wachten tot morgen. Tussendoor gebeuren er altijd dingen die urgent zijn en direct moeten, zonder dat dit op je lijstje staat, maar als het goed is, houd je ruimte in de agenda om dit op te vangen.
Terugkoppelend naar de kinderen op school, is het belangrijk te weten en om te leren kennen hoe onze kinderen op school denken. Assocoatief denken geeft mogelijkheden, maar kan ook, door de hoeveelheid associaties afremmen. Het is dan zaak om als leerkracht te helpen met structureren van de dag, bijvoorbeeld door middel van een dagtaak of weektaak. Leer de onderwijsbehoefte van het kind kennen en ga ermee in gesprek.
Hetzelfde geldt natuurlijk voor een beelddenker of juist een wiskundig denker. Ieder kind pakt de dingen op zijn wijze aan. Ze hebben iets van nature aangeleerd of ze hebben aanleg voor een bepaalde werkwijze. Een leerkracht moet daar achter zien te komen, maar kan hen ook andere manieren laten zien en aanleren. Mindmappen is aan te leren. Maar ook analytisch denken is aan te leren. Probeer beiden en kijk wat je bij welke situatie of bij welk vak het beste kunt gebruiken.
Wanneer leerkrachten in gesprek gaan met kinderen kunnen ze hen erbij betrekken. Hoe leer jij? Wat vind jij prettig? Hoe komt het dat je op die manier beter leert. Hoe zou ik jou kunnen helpen om bij het vak rekenen betere resultaten te laten halen? Wat zou jou helpen? Een coachingsgesprek met kinderen is een geweldige uitdaging!
Kinderen voelen zich dan serieus genomen. En dan geeft het niet hoe een kind denkt, als het zich er maar bewust van wordt en er wat mee kan, als een andere manier van denken nodig is.
Probeer het eens uit. Begin met een voorwerp en bedenk welke associatie je daarbij hebt. Ga verder of doe dit met anderen, laat steeds iemand iets bedenken op de associatie van zijn buurman. Verrassend resultaat! En je leert elkaar meteen kennen.










Is
